Schrijvers zingen wiebelig

VERTEDEREND, klinkt Manon Uphoff, bijna verlegen. Ac-cent-tchu-ate the Positive, zingt ze, en het beeld dat opdoemt is van een meisje dat voorzichtig over een evenwichtsbalk loopt, wankelend, maar vastbesloten....

Schrijvers zingen, noemde de VPRO zakelijk de cd met opnamen van schrijvers, onder wie Uphoff, die zongen in Music Hall, onderdeel van het radioprogramma De Avonden. Schrijvers, kun je even zakelijk toevoegen, zingen wiebelig, op het randje van vals.

Of ver daaroverheen, zoals Don Duyns, die zich met zijn keuze voor Bohemian Rhapsody bewust van de evenwichtsbalk laat vallen. Wat Queen niet kon – de groep bracht het nummer nooit in zijn geheel live – kan Don Duyns zeker niet. Hij probeert ook niet zuiver te zingen, hij voert een klucht op, die lachsalvo's uitlokt bij het studiopubliek.

Duyns' optreden is misschien het beste voorbeeld van de overheersende indruk die deze cd achterlaat: dat het gaat om de registratie van een bonte avond, waaraan de deelnemers met zoveel plezier hebben meegewerkt dat de luisteraar thuis op de bank nog steeds iets van dat enthousiasme proeft.

Eindredacteur en presentator Wim Noordhoek doet er deftig over, in zijn inleiding bij de cd. Hij vindt dat schrijvers die zingen duidelijk maken 'dat niets vanzelf spreekt': het op tijd inzetten niet, het halen van moeilijke noten niet, en ook niet het onthouden van de tekst. Noordhoek beweert dat de literatuur popmuziek altijd met argwaan, ja zelfs walging, heeft bezien, om daarna te concluderen dat het bloed kruipt waar het niet gaan kan, dat schrijvers toch een grote affiniteit hebben met populaire muziek, en dat 'menig schrijver bleek te beschikken over onverwachte onderbuikse instincten.'

Vast – maar toch blijft het idee achter deze plaat eenvoudig een plannetje dat opkomt na afloop, als musici en auteurs die wekelijks in Music Hall musiceren respectievelijk voordragen, ineens bedenken hoe leuk het zou zijn als nu eens de schríjvers zouden zingen.

Vanaf dat moment stond er iets op het spel, schrijft Noordhoek: 'Doen wat eigenlijk niet kon, vaak het overwinnen van levenslange schroom.'

Dus kwamen er repetities aan te pas, en strenge leermeesters uit het orkest, maar het resultaat houdt de tussen-de-schuifdeurensfeer waarin Jan Mulder verbaasd kan zeggen 'ik dacht dat eerst het nieuws kwam', voor hij met veel flair, maar wiebelig en in Engels dat naar Nederlands klinkt, zijn echtgenote toezingt You're the Only Good Thing (Jim Reeves).

De schrijvers mochten zelf kiezen wat ze zongen en dat leidde tot een cd met vooral Engelse teksten, en voornamelijk ouder werk: Bob Dylan, The Doors, Bing Crosby, Harry Belafonte, Randy Newman. . .

Tussen al het bestaande werk zijn de interessantste nummers toch die waarvoor de schrijvers zelf de teksten schreven – al was het maar omdat de VPRO anders net zo goed mensen uit het publiek had kunnen vragen naar hún onverwachte onderbuikse instincten.

A. Moonen schreef en zingt een diep doorvoeld Ik ken niemand (volledige tekst: 'Ik ken niemand./ Niemand kent mij.') Wim de Bie brengt de smartlap Alleen, met een treurige, verlaten echo na dat woord; en een fraai Afscheidslied, dat de cd besluit. Hans Aarsman schreeuwzingt over de hond Dibbes, en kinderboekenschrijver Sjoerd Kuyper verzorgt het vrolijke Op de vlucht, naar Bob Dylan in een arrangement van Nick Cave, 'zo, dat hij de enige was die wist dattie Dylan stond te zingen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden