Schrijver Isik keert terug naar zijn jeugd: de verloederde Bijlmer en zijn vader

In zijn tweede roman keert Murat Isik terug naar het milieu van zijn jeugd: de verloederde Bijlmer. Die maakte van een onzekere jongen met een dubbelleven een schrijver.

'Ik was een Turkse jongen uit de Bijlmer op een vrij witte school, ik had geen merkkleding en was het zwarte schaap van de klas.'Beeld Ivo van der Bent / de Volkskrant

De Amsterdamse schrijver en voormalige jurist Murat Isik (39) wandelt opgewekt van de flat Fleerde naar metrostation Bijlmer en weer terug, zoals hij in de jaren negentig als scholier dagelijks deed - alleen destijds met lood in de schoenen. De wijk is nu ruim van opzet, met veel kalmerend groen.

Nieuwbouw, eengezinswoningen vooral, en voorbeeldig gerenoveerde flatgebouwen geven de Bijlmer een inwisselbaar karakter. Door grootscheepse sloop is Isik veel herkenningspunten kwijt. 'Je waant je in een vinexwijk.'

De Hema in winkelcentrum Amsterdamse Poort waar hij, als hij geld had, een halve rookworst kocht, is verdwenen. Op de plek van de bibliotheek, een toevluchtsoord uit zijn jeugd, is nu een winkel in feestartikelen gevestigd. De kaaswinkel heet 'Palais de fromage'.

Twee andere plekken uit zijn jeugd bleven intact. Bij de Vomar had hij zijn eerste baantje, bij de Bristol kocht zijn moeder voor de kinderen de goedkope sportschoenen van O'Hara's.

De straten zijn schoon. Niemand valt uit de toon. De Bijlmer kan tegenwoordig overal zijn, al is het publiek veelkleuriger dan elders. Station Bijlmer, destijds een winderige uithoek met een enkelvoudig perron, is een groot en prestigieus knooppunt geworden, entree tot de Bijlmer en het zakencentrum, concertzalen en de Johan Cruijff Arena.

'Bij Fazantenhof naderden we een groep junks. Sommigen lagen uitgeteld in een donkere hoek van het viaduct, anderen doolden verdwaasd rond. Hoewel ik wist dat ze nauwelijks een bedreiging voor ons vormden, moest ik mezelf steeds moed inpraten voor ik hen durfde te passeren. Altijd bedelde er wel een om een paar kwartjes, en ik was meerdere malen getuige geweest van vechtpartijen tussen uitgemergelde junks die met hun magere armen krachteloos naar elkaar uithaalden. Ik had ook gezien hoe ze elkaar zonder mededogen hadden bewerkt met schroevendraaiers of messen tot een van hen bloedend bleef liggen.

'Het wordt steeds erger', zei mijn zus.

'De junks?'

'De Bijlmer', antwoordde ze.

Uit: Wees onzichtbaar.

Murat Isik: 'Ik schaamde me overal voor. Ik was het zwarte schaap van de klas, maar vertelde niets aan mijn ouders en zus. Ik hield alles voor me.'Beeld Ivo van der Bent / de Volkskrant

Terug naar de Bijlmer

In zijn tweede roman keert Murat Isik terug naar de Bijlmermeer, naar de jaren van zijn jeugd in de flat Fleerde. Het is een logisch en omvangrijk (600 pagina's) vervolg op zijn succesvolle debuut, het kleurrijke Verloren grond (2012) waarin hij de familiegeschiedenis beschrijft vanuit het perspectief van zijn (groot)ouders in Oost-Turkije. 'Een bedwelmend mooi familieverhaal', schreef de Volkskrant.

Nu staat hijzelf centraal, of beter gezegd: een introverte jongen van Turkse komaf uit Izmir die grote gelijkenis met hem vertoont, Metin. Het decor, een aan zijn lot overgelaten stadsdeel dat verloedert en steeds onveiliger wordt, is grimmig.

Ook de verwrongen relatie van Metin met zijn heerszuchtige, driftige vader Harun, een man die zijn hele leven communist bleef, in Nederland zijn draai niet kon vinden en zijn gezin verwaarloosde, bepaalt de sfeer. Dat de toon van Wees onzichtbaar desondanks licht is en humoristisch, is een prestatie van formaat.

Met vader, moeder en zus kwam Isik in 1983 in de Bijlmer terecht, nadat in Hamburg een aanvraag voor politiek asiel was afgewezen. Hij was 5 jaar. De eerste aanblik van de Bijlmer was veelbelovend, magisch bijna. Vanaf de achterbank zag hij, zo schrijft hij in Wees onzichtbaar, 'oplichtende flatgebouwen opdoemen als kolossale ruimteschepen. Ik had nog nooit zoiets wonderlijks gezien.'

De realiteit, vooral in latere jaren, is minder idyllisch. Dan ademt de Bijlmer vooral grauwheid en verval. Isik heeft opkomst en ondergang van de Bijlmer grondig bestudeerd.

Volgend jaar bestaat het stadsdeel dat nu Zuidoost heet vijftig jaar. Al in de eerste jaren werden de ideeën van architect en stedenbouwkundige Siegfried Nassuth door geldgebrek verkwanseld. De man die droomde van een ruim opgezette parkstad, waar een strikte scheiding bestond tussen wonen, werken en recreëren, moest genoegen nemen met een afgeslankt resultaat. Voorzieningen ontbraken en de combinatie van binnenstraten, luchtbruggen, parkeergarages en kelderboxen leidden tot een gevoel dat Isik als kind al 'unheimisch' vond.

De instroom van duizenden Surinamers na de onafhankelijkheid in 1975 van hun land veranderde het karakter van de wijk ingrijpend. Maar de nekslag voor de Bijlmer was volgens Isik de intocht van junks, in 1984, het jaar dat burgemeester Van Thijn de Zeedijk in het centrum liet schoonvegen. Massaal weken de junks uit naar zijn wijk. In de flat van het gezin werd driemaal ingebroken.

'De junks hingen rond in de trappenhuizen, braken kelderboxen open, scheten in de lift en doolden als halve zombies rond in het winkelcentrum. Het imago van de Bijlmer ging kapot. Als kranten over de Bijlmer schreven, ging het altijd over de gevaren en de verloedering.'

Aan alles voelde je dat de Bijlmer was opgegeven, zegt hij. 'Ze lieten het op een gegeven moment verloederen, om daarna te kunnen zeggen dat het moest worden platgegooid.' De ramp met de Boeing 747 in oktober 1992 beroofde de Bijlmer van de laatste hoop.

Met een door zijn vader afgedwongen vwo-advies kwam hij in navolging van zijn zus terecht op Scholengemeenschap Reigersbos, een middelbare school in een aanzienlijk beter deel van Zuidoost, drie metrohaltes verderop. Hij was er een buitenbeentje, niet alleen vanwege zijn goedkope schoenen van Bristol. 'Leraren twijfelden openlijk aan me.'

Schoonmaker, werd hij door zijn klasgenoten meteen genoemd. 'Ik was een Turkse jongen uit de Bijlmer op een vrij witte school, ik had geen merkkleding en was het zwarte schaap van de klas. Mijn vader had als enige van de ouders een uitkering. Dat verzweeg ik. Ik schaamde me overal voor. Ik vertelde ook niks aan mijn zus en mijn ouders. Ik hield alles voor me.'

Zaza

Voor zijn debuutroman Verloren grond, losjes gebaseerd op zijn eigen familiegeschiedenis, won Murat Isik in 2012 de Bronzen Uil Publieksprijs. De roman is toe aan zijn twaalfde druk en werd vertaald in het Duits, Zweeds en Turks. Isiks familie is van oorsprong Zaza, een volk met een eigen taal, dat vanuit Perzië naar Turkije is gemigreerd.

Anderzijds waren er hoge verwachtingen. 'Thuis werd niet gevraagd hoe het met míj ging, maar met mijn schoolresultaten. Ik moest excelleren en naar de universiteit. Zelf hadden mijn ouders die kans niet gehad. Ik moest doen wat hun niet was gelukt.'

Schrijver noemt hij zichzelf sinds zijn debuut in 2012. Dat luchtte op. Op aandrang van zijn vader was hij aan een studie rechten aan de Universiteit van Amsterdam begonnen. 'In eerste instantie was het een openbaring: ik kon een nieuwe start maken in een nieuwe wereld.' Jarenlang was hij als jurist op diverse locaties in dienst van de gemeente Amsterdam.

Wéér volgende een langdurige worsteling. 'Maar ik wist dat het niet mijn bestemming was: het grote doel was een roman en het schrijverschap. Ik kon me soms maar moeizaam staande houden in de stroperige ambtenarij, met voortdurend reorganisaties en interne bureaucratie. Vooral in het begin was ik er ongelukkig. Ik voelde me gekooid.'

In winkelcentrum de Amsterdamse Poort staat hij stil bij de voormalige bibliotheek. Zijn veilige huis, noemde hij het indertijd. Hij trok zich er terug met een zak snoep en las; eerst stripboeken, later zijn literatuurlijst voor het vwo-examen Nederlands.

Daar ook ontdekte hij schrijvers als Márquez ('mijn held') en Coetzee en werd de kiem voor zijn schrijverschap gelegd. Hij viel op met korte verhalen, won in 2007 een wedstrijd van de Juni Kunstmaand met het verhaal De purperen citroen en werd door schrijver Ricus van de Coevering voorgesteld aan een invloedrijke literaire agent, Paul Sebes.

'Of ik een roman had klaarliggen, vroeg Sebes. Toen ben ik aan het werk gegaan.' Vanaf dit moment ben ik schrijver, dacht hij na de verschijning van zijn debuutroman Verloren grond.

De oerversie van Wees onzichtbaar, 1.200 pagina's, voltooide hij in 2015. Drie weken later overleed zijn vader, onverwacht en zonder het boek te hebben gelezen. 'Hij was nieuwsgierig, vroeg zich vaak af wat ik over de vader in het boek zou vertellen.'

Isik liet het in het midden. 'Hij zou het antwoord niet leuk hebben gevonden, want de vader komt er niet goed vanaf. Het is een roman, zei ik steeds, jij bent niet die man. Toch was hij huiverig voor het boek. Het dwong ook hém terug te kijken op mijn jeugd en zijn rol daarin. We voerden gesprekken die we nooit hadden gevoerd.'

'Mijn vader kon zijn potentie niet benutten, deels door zijn dwarse karakter, maar ook doordat hij voor de zoveelste keer was gemigreerd, helemaal opnieuw was begonnen in een vreemd land.'Beeld Ivo van der Bent / de Volkskrant

Een slechte vader, noemde hij hem in een van de gesprekken. 'Hij probeerde het te weerleggen door te zeggen dat ik niet wist wat hij had doorgemaakt en waarmee hij had geworsteld. En ik mocht naar school en rechten studeren, ze hadden me alle kansen gegeven en beschermd. Zíj hadden het pas zwaar gehad, ik niet.'

Isik vertelt het nuchter, zonder verwijtende ondertoon. Dankzij Wees onzichtbaar begrijpt hij beter wat zijn vader heeft doorgemaakt. 'Hij kon zijn potentie niet benutten, deels door zijn dwarse karakter, maar ook doordat hij voor de zoveelste keer was gemigreerd, helemaal opnieuw was begonnen in een vreemd land. Emigreren is een trauma. Hij was charismatisch en welbespraakt, maar als hij Nederlands sprak, verdween dat grotendeels. Hij was hier ongelukkig.'

Zijn moeder woont nog steeds in de Bijlmer. Haar appartement in de gerenoveerde, onherkenbaar veranderde Bijlmer biedt uitzicht op de Johan Cruijff Arena. De renovatie van de wijk roept bij Isik gemengde gevoelens op: 'Er zijn lessen geleerd en toegepast, maar de meeste plekken uit mijn jeugd zijn rigoureus ontmanteld. Pijnlijk. Gelukkig heb ik ze in mijn roman kunnen vereeuwigen.'

Onlangs is hij met zijn partner Iris vanuit Amsterdam-West naar Hoofddorp verhuisd. Zijn baan bij de gemeente Amsterdam heeft hij opgezegd. 'Ik ben schrijver. Alleen nog maar schrijver. Eindelijk.'

Murat Isik - Wees onzichtbaar
Ambo- Anthos, 598 pagina's, euro 24,99

Murat Isik werd al eerder besproken in 'Signalementen'

Roman over Bijlmerramp, de Vietnam-oorlog en andere titels

Cabaretiers over hun dierbaarste liedjes, een roman over de Bijlmerramp, een prijswinnende roman over de Vietnam oorlog en andere net verschenen titels. (+)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden