‘Schrijven is voor mij oorlog voeren’

Vijf jaar geleden rekende Rachel Cusk (1967) genadeloos af met de roze wolk van het moederschap. Bij het verschijnen van haar nieuwe vertaalde roman doet ze het opnieuw....

‘Het is een weldaad om op nog geen uur treinen van Londen te wonen’, constateert Rachel Cusk tevreden. ‘Eindelijk kan ik weer eens een toneelstuk zien of een tentoonstelling bekijken. De Engelse provincie is echt verschrikkelijk, een cultureel mortuarium.’

Ze oogt meisjesachtiger dan op de foto’s die in de Britse media en op internet zijn te vinden, en waarop ze iets verbetens lijkt te hebben. Of is dat the eye of the beholder? Cusk heeft immers enkele venijnige boeken op haar naam, en schokte vooral met haar autobiografisch geïnspireerde non-fictiewerk A Life’s Work: On Becoming a Mother (vertaaId als In het land van moeders) een flink deel van de Britse natie. In dat boek uit 2001 rekent ze genadeloos af met de mythe van het gelukzalige moederschap.

In haar meest recente publicatie, de roman Arlington Park, schetst ze bovendien een handvol vrouwen, die er allang niet meer in slagen zichzelf wijs te maken dat ze gelukkig zijn in hun huwelijk en met het moederschap. Cusk is een schrijfster met een boodschap, en geen luchtige.

Maar vandaag, in de foyer van het Landsdowne Place Hotel in Brighton, is ze vrolijk, lacherig. Ze maakt grappen over de traditioneel dubieuze reputatie van haar nieuwe woonplaats (Brighton gold jaren als hét dirty weekend retreat voor overspelige Londenaren), en becommentarieert quasi-klagerig het beroerde serviceniveau van de lokale horeca.

Cusk woont sinds drie maanden in Brighton, samen met haar echtgenoot, diens dochter uit een eerder huwelijk en twee kinderen van hen samen. Daarvóór woonde het gezin onder meer in een afgelegen cottage in Exmoor, in het door Cusk verafschuwde Bristol en in Londen. ‘Natuurlijk was ik in Londen het gelukkigst’, bekent ze. ‘Van alle plekken waar ik ooit heb gewoond, verkeerde ik daar het meest te midden van gelijkgestemden. Tegelijk is het een moeilijke stad om écht aan het werk te blijven: er is zoveel afleiding. Bovendien werd ik op een gegeven moment zwanger. Een kind krijgen en daarvoor moeten zorgen, daarnaast schrijven en dan ook nog in Londen wonen, dat was me gewoon te veel. Dus werd het de provincie.’

Als ze eerlijk is moet ze overigens toegeven dat het zwerven door provinciaal Engeland heel nuttig is geweest voor haar schrijverschap. Het gaf haar de gelegenheid meer begrip te krijgen van ‘het gewone leven’. Bij het schrijven van haar nieuwe roman, Arlington Park – titel die doet denken aan Mansfield Park (1814) van Jane Austen – kwam dat alleszins van pas. Cusk beschrijft een dag uit het leven van een aantal jongmiddelbare vrouwen, allen moeders, die wonen in de gegoede wijk Arlington Park, gelegen in een fictieve Engelse provinciestad. Cusk: ‘Ik beschouw Arlington Park als mijn belangrijkste boek tot dusver, omdat ik er voor het eerst in ben geslaagd een relatie te leggen tussen vrouwelijke ervaringen en een moreel oordeel over hun leven en wereld. In de loop der jaren ben ik afwisselend geamuseerd, verbijsterd en woedend geweest vanwege de manier waarop vrouwenlevens in elkaar steken. Waarom vrouwen een inferieur soort leven lijken te leiden.’

Volgens Cusk is de traditionele man-vrouwverhouding de wortel van dit kwaad. Haar personage Juliet formuleert het zelfs nog scherper. Haar ambities en aspiraties zijn door huwelijk en moederschap dusdanig gefnuikt, dat ze zichzelf als ‘vermoord’ beschouwt. Als ze aan haar voormalige lerares denkt, die hoge verwachtingen van haar had, mijmert ze: ‘Beste mevrouw Mountford, u hebt zich misschien wel afgevraagd waarom u in al die jaren nooit iets van me hebt gehoord. Het zit zo: ik was vermoord, mevrouw Mountford. Mijn man Benedict heeft me vermoord. Hij pakte het heel voorzichtig aan; het deed eigenlijk helemaal geen pijn, ik had nauwelijks door wat er gebeurde.’

Tijdens een literatuurbijeenkomst op de school waar ze lesgeeft, beschuldigt Juliet dominee Patrick Brontë, de vader van de beroemde 19de-eeuwse schrijfsters Charlotte, Emily en Anne, eveneens van moord. Deze gooide ooit de chique laarzen die zijn dochters van een bezoeker hadden gekregen in het vuur, omdat hij bang was dat de meisjes ijdel zouden worden, en hij verknipte een jurk van zijn echtgenote. ‘O, hij was zonder meer een moordenaar’, aldus Juliet tegenover haar leerlingen. De dochters moesten hun vermoorde moeder wreken, meent ze, door het schrijven van hun romans. Is Wuthering Heights niet de ultieme wraakroman?

Cusk lacht op de vraag of ze ook háár schrijverschap als een vorm van wraak ziet. ‘Het idee lijkt me aantrekkelijk, maar ik heb nooit het gevoel dat ik mijn wraak ook echt krijg. Natuurlijk, ik ben als schrijfster tamelijk succesvol, maar literair succes is voor mij niet echt wraak. Ik denk dat dat geldt voor een mannelijke schrijver die besluit geen baan te nemen; niet zoals andere mannen elke morgen naar kantoor te gaan, maar in afzondering te werken aan iets waarin hij gelooft. Wanneer het schrijverschap een succes wordt, zal zo’n man een gevoel van geslaagde wraak op de maatschappij hebben. Maar voor mij is wraak gelegen in het niet handelen volgens het verwachtingspatroon dat vrouwen aankleeft. En daar slaag ik maar zeer ten dele in.’

Cusk is wel the poet of female regret genoemd. Met die kwalificatie is ze het niet eens. ‘Mijn boeken gaan niet over spijt maar over politiek. Veel vrouwelijke auteurs hebben kinderen, maar wijden geen woord aan het moederschap. Voor mij is het absoluut noodzakelijk dat te doen. Het moederschap was voor mij een soort ontdekking, een gegeven dat alles verklaart over de positie van vrouwen en de onderlinge verhouding tussen mannen en vrouwen. Het doel van mijn boeken is niet zozeer de treurnis te beschrijven, maar veeleer om oorlog te voeren.’

De nadrukkelijkste vorm van ‘oorlogvoering’ is Cusks A Life’s Work: On Becoming a Mother, waarin ze genadeloos afrekende met de idylle van het moederschap. Niks geen roze wolk: Cusk benadrukte de terreur van de voortdurende borstvoedingen, het gehuil, het gekmakende slaaptekort. Ze noemde het moederschap het aambeeld waarop de seksuele ongelijkheid tussen man en vrouw wordt gesmeed. ‘Vrouwen in onze maatschappij die dezelfde verantwoordelijkheden, verwachtingen en ervaringen hebben als mannen, doen er goed aan het moederschap met angst en beven tegemoet te treden.’

Zelf was ze zich nauwelijks bewust van waar ze aan begon toen ze zwanger werd. ‘Eerlijk gezegd had ik nooit veel over het moederschap nagedacht. Mijn echtgenoot had een dochter uit een eerder huwelijk, voor wie hij zorgde. Ze was vijf toen wij elkaar ontmoetten. Ik vermoed dat dat gegeven mij deed besluiten dat wij ook samen kinderen zouden krijgen.’

Ook een kleine tien jaar na de geboorte van haar eerste kind is Cusk niet geneigd haar bijna traumatische ervaring van het moederschap in een zonniger daglicht te plaatsen. ‘De wereld van het gezin heb ik als kind altijd erg hardvochtig en agressief gevonden, echt een soort strijd om te overleven. Hetzelfde gold voor de schoolomgeving. Ik ben mijn hele leven bezig geweest om in de context van dat hardvochtige bestaan een eigen, veilig plekje te creëren. Een soort vesting, opgebouwd uit zaken waar ik om gaf, waar ik geluk en vrede aan ontleende. En toen kwam het moederschap als een gigantische golf en spoelde alles weg.’

Uiteindelijk, constateert Cusk, heeft het moederschap haar literaire carrière een nieuwe impuls gegeven. Begonnen als een esthetica, gefixeerd door vorm en stijl, ziet ze zichzelf nu als een schrijfster met een missie. Het is haar een gruwel dat de meeste vrouwen aan het biologische gegeven van het moederschap automatisch politieke consequenties verbinden, die hen tot tweederangs burgers maken.

Zelf heeft zij het anders aangepakt. Naar goed voorbeeld van haar literaire heldin Virginia Woolf heeft zij ‘een kamer voor zichzelf’ geclaimd om van daaruit haar schrijversloopbaan voort te zetten. Haar echtgenoot gaf zijn baan als advocaat op, om als fotograaf zijn deel van de ouderlijke zorg op zich te kunnen nemen. Haar bescheiden ‘wraak’ op de klassieke verhoudingen tussen de seksen.

De personages in Arlington Park zijn nog niet zover, op één na. Tussen alle verslagen, ingekakte en ‘vermoorde’ vrouwen loopt er één rond die haar eigen weg gaat. Het is de Italiaanse onderhuurster Paola, die haar kind bij haar man in Italië heeft achtergelaten en er vandoor is gegaan. Cusk portretteert haar als het gelukkigst van allemaal.

‘Misschien heb ik het er een beetje dik opgelegd’, zegt ze, ‘maar ik wilde een personage scheppen dat tegenwicht zou bieden aan de opvattingen die alle anderen over het gezinsleven koesteren. Voor de vijf hoofdpersonen in Arlington Park is het neerleggen van de moederrol een daad van pure boosaardigheid, wat niet wegneemt dat sommigen ondertussen op bijna hysterische wijze hun frustraties op hun kinderen afreageren.’

Paola maakt een andere keuze, en het is in dat verband volgens Cusk niet zonder betekenis dat zij een buitenlandse is. Het is haar overtuiging dat de levensopvattingen van veel Engelse vrouwen rechtstreeks zijn overgenomen uit de vormende boeken die ze in hun jeugd hebben gelezen.

‘Veel vrouwen uit de Engelse middenklasse ontlenen hun ideeën over identiteit, hun rol in het leven en hun relaties met mannen rechtstreeks aan bepaalde literatuur. The Diary of Bridget Jones is de duidelijkste illustratie. Dat boek is geënt op Pride and Prejudice, en Bridget neemt Jane Austens opvattingen over romantische liefde klakkeloos over. Maar die opvattingen wortelen geheel in de overtuiging dat vrouwen niet gelijkwaardig zijn aan mannen. Ik denk dat buitenlandse vrouwen minder zijn vergiftigd door dat valse Victoriaanse wereldbeeld.

‘Ik zie vrouwen van mijn eigen leeftijd wegzinken in een stupide en geesteloos conservatisme. Het zijn niet alleen praktische problemen die de levens van moderne vrouwen de vorm geven die ze hebben. Het zijn ook de opvattingen over vrouwelijkheid en de vrouwelijk rol die daaraan ten grondslag liggen.

‘Het feminisme van de jaren zestig en zeventig is een complete mislukking geweest. Vrouwen worden vandaag de dag meer opgeslorpt en verstikt door huishoudelijke verplichtingen dan in de jaren vijftig.

‘Verbijsterend vind ik het dat het 19de-eeuwse vrouwbeeld opnieuw zijn klauwen in de moderne maatschappij kan zetten.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden