Schimmenspel

Gestreken pyjama, warmte en geroosterd brood

Lezen is een kwestie van sporen volgen. Kijken en ruiken. Zie de mislukking, ruik de melancholie. De geur van geroosterd brood, na de klank van een pistoolschot, vermengd met zwavel. Volg over het donkere trottoir een opgeblazen supermarkttasje dat, gegrepen door een windvlaag, tegen de zijkant van een wit bestelbusje wordt gekwakt. Het busje is amper drie weken oud, maar al gestolen, voorin zitten drie mannen die naar een bungalow kijken. Het versufte tasje wordt weer door de wind opgejaagd, zweeft als een parachute een paar meter de lucht in, steeds hoger, tot het naar de andere kant van de bungalow zwenkt, over het dak van een blauwe Vauxhall Vectra, met gedoofde koplampen, waarin twee mannen onderuitgezakt wachten.


De introductie van vijf losers, de een slechter dan de ander, die een verhaal gaan vormen waarin er meer verloren is en te verliezen valt, dan te winnen. Geen pageturner in de snelle betekenis, meer een uitgewogen verhaal met psychologische hoogstandjes. Na de indrukwekkende Garnethill-trilogie, en een volgende Paddy Meehan-serie - beide met als hoofdpersoon een jonge vrouw die zich door een hard leven slaat - schreef Denise Mina dit keer een stand-alone.


In de stille nacht (Still Midnight) begint in een buitenwijk van Glasgow, met een overval van twee mannen op een Aziatisch gezin. Het is zondagavond, gestreken pyjama, warmte, en geroosterd brood. Angstig en boos reageert de familie op de vraag waar 'Bob' is, die kennen ze niet; waarna er twee miljoen pond geëist wordt, als 'vergelding voor Afghanistan', en de oudste man wordt meegenomen, nadat een van de overvallers de dochter per ongeluk in haar hand schoot.


Knullig en gevaarlijk, zo zullen de ontwikkelingen blijven. Een paar van de hoofdpersonen dragen een kruis met zich mee: een moeder die in Afrika door soldaten werd verkracht terwijl je je niet verroerde, een klein kind dat stierf. Zwaar verstoorde verhoudingen en verkeerde verwachtingen, op niveau verwoord. Met aan het eind twee mensen die zich lange tijd aan elkaar vastklampen, tot haar benen stijf worden en hij zich stokoud voelt.


Volg een ander spoor. Van een man in New York die zich nog niet eerder zo'n vreemdeling in de stad heeft gevoeld als op deze avond. Hij duikt een tent op Broadway in, drinkt whisky aan de bar in halfroze duister, omringd door schimmige figuren, wier gezichten even zichtbaar zijn wanneer ze, een slok nemend, vooroverbuigen in het harde licht uit een neonbuis vanonder de bar, waarna ze zich weer terugtrekken in het duister. Zes maanden geleden verhuisde hij definitief vanuit Dublin naar NY.


De geëngageerde, felle journalist die in de Guardian en Rolling Stone over bloedbaden en brandhaarden berichtte, is hij niet meer. Er was iets in John Glass gedoofd, hij wist niet waarom. Opgebrand, het oude liedje, hij was een wandelend cliché. Op verzoek van zijn schoonvader, mediamagnaat en ex-CIA-agent Bill Mudholland, gaat hij diens biografie schrijven. Voor een miljoen dollar. Maar nu is de slimme researcher die Glass had ingehuurd doodgeschoten.


Schimmenspel (The Lemur) is de tweede thriller van Benjamin Black, pseudoniem van de Ierse auteur John Banville (won onder meer de Man Booker Prize). Een man die onzeker is, twijfelt over zijn keuzes, de gekwelde passie voor zijn schitterende vrouw verdween, de melancholie van een verzwakte man bleef. Black weet hoe hij duistere elementen met grote precisie moet invoegen in een verhaal over tekorten die levens bepalen. Beschadigd, laf, slecht, leugenachtig, iedereen is er schuldig aan. Doet het ertoe wie de trekker heeft overgehaald?




Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden