Reportage

Schimmels vies of lelijk? Lizan Freijsen toont juist hun schoonheid bij Artis/Micropia

Lizan Freijsen in haar atelier in Rotterdam. Beeld Pauline Niks
Lizan Freijsen in haar atelier in Rotterdam.Beeld Pauline Niks

Kunstenaar Lizan Freijsen maakt tapijten vol aaibare, uitvergrote schimmels. Wie goed kijkt ziet ook in vochtplekken iets moois.

In het atelier van Lizan Freijsen, een lichte ruimte in Rotterdam, staat een groot metalen frame met een opgespannen doek met raster. Erboven hangt, aan een katrol, een werktuig dat oogt als een kruising tussen een boormachine en een uit de kluiten gewassen pistool. ‘Dit pistool schiet geen kogels’, vertelt Freijsen, ‘maar wollen draden. Je schiet ze met de hand in U-boogjes door het raster heen.’

Handtuften heet deze techniek. Lizan Freijsen maakt er haar karakteristieke wollen tapijten mee. Het tapijt in warme bruintinten waaraan ze werkt, is deel van een monumentaal wandkleed voor Artis/Micropia in Amsterdam. The Fungal Wall gaat de installatie van 12 bij 5 meter heten. En dat is precies wat het wordt: een muur waarop de wonderlijke, kleurrijke patronen van schimmels worden gevierd.

Micro-organismen

Het werk van Freijsen is in veel exposities en musea in binnen- en buitenland te zien geweest, maar eigenlijk past het nergens beter dan in Artis/Micropia, het enige museum ter wereld gewijd aan micro-organismen. Al jaren verzamelt ze foto’s van vochtplekken, lekkages en beschimmelde oppervlakken. Op basis daarvan maakt ze getufte tapijten en behang, op het snijvlak van kunst en design.

Haar fascinatie voor vlekken en schimmels begon in 2002, toen ze de lekkageplekken in huizen van haar buurtbewoners begon te fotograferen. Dat bracht haar in kelders, woonkamers en studentenhuizen. De foto’s blies ze op tot monumentale fotoprints en combineerde ze tot intrigerende patronen. Ze vormden de basis voor installaties in diverse ruimten, van het Kralingse zwembad tot een conferentiezaal van het Zuyderland ziekenhuis in Sittard en musea en galerieën. Gaandeweg breidde ze haar verzameling uit met andere schimmelende en aangetaste oppervlakken. In het boek The Living Surface (2017) is het resultaat te zien, een prachtig archief van alledaagse sporen van verval.

Lizan Freijsen tuft een wandtapijt, gebaseerd op basis van bestaande schimmelpatronen. Beeld Pauline Niks
Lizan Freijsen tuft een wandtapijt, gebaseerd op basis van bestaande schimmelpatronen.Beeld Pauline Niks

‘Als aanvulling op de behanginstallaties zocht ik een werkwijze die duurzamer was’, vertelt Freijsen. ‘Zo kwam ik uit bij handtuften. De installaties hangen meestal maar een paar maanden. Een wollen kleed gaat veel langer mee. Bovendien kan ik met handtuften diepte aanbrengen. De draden kunnen op verschillende lengten – van 1 tot maximaal 4 centimeter– worden afgesneden, daardoor ontstaat reliëf.’

Vies of lelijk

Toch had ze nooit gedacht dat ze vooral getufte tapijten zou gaan maken. ‘Toen ik in 2009 begon, had het tuften niet zo’n best imago in de kunst. Het werd gezien als ouderwets. Ik voelde weerstand maar het trok me ook aan. Mijn fascinatie voor vlekken en plekken is eigenlijk ook zo begonnen. Ik was nieuwsgierig naar het verhaal erachter en wilde de eerste reactie, namelijk dat ze vies of lelijk zijn, ombuigen tot iets anders. Door er met aandacht naar te kijken, laat ik de schoonheid van deze soort sporen zien.’

Detail van een getuft tapijten van Lizan Freijsen. Beeld Pauline Niks
Detail van een getuft tapijten van Lizan Freijsen.Beeld Pauline Niks

De laatste jaren is textiel in het algemeen en het tuften in het bijzonder met een comeback bezig in de kunstwereld: ‘Wekelijks krijg ik verzoeken van jonge mensen die de techniek willen komen leren.’ Freijsen heeft het drukker dan ooit. Niet alleen met het monumentale wandkleed in Artis/Micropia, haar tapijten zijn ook bij particulieren in trek. Sommige mensen behandelen ze als kunstobjecten, anderen als interieurstukken. Ze voelt zich op haar gemak op die grens tussen kunst en design.

Portugese tuftrobot

Voor The Fungal Wall maakt ze sommige kleinere onderdelen zelf in haar atelier. Een belangrijk deel wordt gemaakt in het Textielmuseum in Tilburg door handtufter Hester Onijs, met wie Freijsen al ruim tien jaar samenwerkt. Dagelijks stuurt Onijs foto’s op van de voortgang, eens per week gaat Freijsen naar Tilburg. Weer andere delen van het tapijt worden gemaakt in een tuftfabriek in Portugal, door handarbeiders en een tuftrobot. ‘Verschillende benaderingen van het tuften, van artistiek en ambachtelijk tot industrieel, komen samen in dit kunstwerk.’

Lizan Freijsen staat aan de achterkant van het tapijt, nu nog opgespannen op een raster. Beeld Pauline Niks
Lizan Freijsen staat aan de achterkant van het tapijt, nu nog opgespannen op een raster.Beeld Pauline Niks

Daarnaast werkt Freijsen samen met het Westerdijk Fungal Biodiversity Institute in Utrecht. Dit centrum voor schimmelonderzoek heeft de grootste collectie schimmelstammen ter wereld. Voor de installatie in Artis/Micropia koos ze daar acht schimmels uit, elk met een eigen groeipatroon en kleurenpalet, van diepe bruintinten tot wit, beige en olijfgroen.

Centraal in The Fungal Wall staat de dialoog tussen kunst en wetenschap, de vertaling van kennis naar een visueel beeld en een fysieke ervaring. Onzichtbare levensvormen zichtbaar maken is de gedeelde missie van alle betrokkenen. ‘Met mijn werk wil ik de wereld van schimmels toegankelijk maken voor een groter publiek, ongevaarlijk en aaibaar. Ik hoop dat mensen met verwondering naar schimmels gaan kijken en hun kracht en bijzondere eigenschappen gaan zien.’

The Fungal Wall

Als de coronamaatregelen meezitten, is de installatie The Fungal Wall vanaf 1 mei te zien in Artis/Micropia. Achter de schermen wordt gewerkt aan video’s over het maakproces en de fascinerende wereld van schimmels, die online en bij de installatie worden getoond. Hester Onijs fotografeert de voortgang van de tapijten voor timelapses die het intensieve maakproces tonen. Microbioloog en kunstenaar Wim van Egmond ontwikkelt timelapses van de groei van de schimmels waarop The Fungal Wall is gebaseerd. Filmmaker Marieke van der Lippe legt het ontstaan van het kunstwerk vanaf het begin vast.

Stalen wol in het atelier van Lizan Freijsen. Beeld Pauline Niks
Stalen wol in het atelier van Lizan Freijsen.Beeld Pauline Niks

Tuft-tuft-tuft

Tuften is een techniek die in de jaren vijftig is ontwikkeld in de Verenigde Staten. Met een tuftapparaart schiet je stukjes garen naast elkaar in het stramien (‘tuft-tuft-tuft!’). Het apparaat heeft een holle naald, waar het garen door loopt. Met luchtdruk wordt het bosje garen door de naald geschoten. Een roterend mesje snijdt het garen op de juiste diepte af. Tuften wordt gebruikt voor het (handmatig of machinaal) maken van onder meer badkamermatten, vloerbedekking in auto’s, vloerkleden en wandtapijten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden