Schedels lichten

LIEFDE MAAKT niet blind maar scherpziend. Dat ziet zelfs een blinde. Maar liefde eist vaak het onmogelijke, een offer dat redelijkerwijs niet goed voor ons is....

Bloom schrijft geen bekentenisproza, ze zorgt niet voor de opluchtende vreugde van de herkenning, ze zwelgt niet in andermans narigheid, en ze speelt niet uitbundig met de taal. Ze is een terughoudend schrijfster. Een scherpslijpende stiliste, die kalm schuift met haar zetstukken. Eigenlijk schrijft ze volgens het aloude show, don't tell- principe. Maar wat zij laat zien, is wat we er in het dagelijks leven krachtig onder houden, wat bedekt is met een dikke laag gène. Ze toont mensen zoals ze liever niet gezien willen worden, maar zoals ze in het diepst van hun hart wel gekend willen worden, door een gedroomde uitverkorene.

Koos Bloom in haar eerdere werk nog hoofdpersonen die ruimschoots op sympathie kunnen rekenen: pubermeisjes met een dode moeder, een lelijk, verlegen meisje dat troost zoekt bij een pedofiele buurman, in deze nieuwe verhalen maakt ze het de lezer moeilijker. We worden nu opgescheept met politiek-correcte Amerikanen die werken aan de letterenfaculteit van een universiteit, devoot self-help-boeken lezen, in hun vrije tijd steevast schilderen of dichten, Meursault drinken, hummus eten, en met gepaste regelmaat elkaars hand pakken en glimlachend 'je bent fantastisch' lispelen.

Maar onder hun smaakvolle schild zijn ze radeloos. Ze komen er maar niet achter waarom hun huwelijken mislukken, hun geliefden weglopen of doodgaan, hun vriendschappen verwateren en hun kinderen ongelukkig zijn. Ze doen zo hun best, maar blijven met lege handen achter. Soms zinnen ze op wraak, maar dan ontdekken ze dat de liefde al hun levensdrift heeft weggezogen.

Het titelverhaal is meteen een van de beste. Jane is een voorbeeldige alleenstaande moeder van een schattig dochtertje, Jessie. De opvoeding loopt op rolletjes: 'Jane heeft zich, zelfs in het voorbijgaan, nooit zorgen gemaakt over Jessies IQ of haar oog-handcoördinatie of haar sociale vaardigheden.' Jane's enige buitenissigheid is dat ze foto's verzamelt van slanke jonge mannen, James Dean en de jonge Rudolf Valentino. En Jessies eigenaardigheid is dat ze alleen met jongens speelt, weigert jurken te dragen, graagt vecht en wil leren plassen als een jongen.

Lange tijd hoopt Jane dat Jessie lesbisch is. Maar dat is het niet: haar dochter, haar enige liefde, is het soort jongen waarvan zij foto's spaart. Na die ontdekking spaart zij voor de zestigduizend gulden die het kost om van Jessie Jess te maken. Na jaren doorgebracht te hebben in bizarre praatgroepen en in spreekkamers van dokters die achteloos spreken van een herstelbaar foutje van de natuur, lijkt niets meer wat het is. Je bladert een tijdschrift door en je denkt: 'Hmmm, Leo di Caprio? Daar is iets mee. En Jamie Lee Curtis? Moet je die benen zien.' En als Jane in de spiegel kijkt en haar grote voeten en brede schouders ziet, denkt ze dat ze misschien eerder dan Jess 'de scheidslijn' zal overstappen. De liefde heeft haar van haar identiteit beroofd.

En zo is er in al deze verhalen een teveel aan liefde of een tekort, wordt de hartstocht verspild aan de verkeerde, averechts verwoord of voor iets anders aangezien. Amy Bloom is een meester in het schetsen van de hulpeloze gebaren en zinnetjes waarmee mensen hun bedoelingen proberen duidelijk te maken.

IJzig is de stilte in 'Roeien naar Eden', rond drie mensen, Mai, een vrouw wier borst is geamputeerd, haar beste vriendin en haar echtgenoot. De twee verzorgers stikken haast in liefde en medelijden, maar weten niets anders te doen dan drankjes en hapjes aan te dragen, die Mai, misselijk, afwijst. Als de twee vrouwen een pruikencatalogus doorbladeren zegt de echtgenoot, om aardig te zijn, dat een pruik voor hem niet hoeft. 'Ik ben een intelligente vrouw, denkt Mai, hoe is het dan mogelijk dat ik met de dorpsidioot ben getrouwd?' En de man beseft: 'De gedachte dat ze plotseling met haar chemisch gezwollen gezicht en een heksenpruik in het openbaar zou verschijnen stemt hem ellendig en bezorgt hem zoveel schaamte over zijn kleinzieligheid dat hij wenst dat Mai helemaal genezen of anders dood zou zijn.'

In 'Nachtelijk visioen' en 'Van licht naar donker' lijken we bij een gewone Amerikaanse familie binnen te vallen: een beetje rommelig samengestelde familie weliswaar, met veel ex'en, en een stiefmoeder wier stiefzoon ook weer een stiefzoon opvoedt, maar toch zo'n familie die samen naar een honkbalwedstrijd kijkt en met Thanksgiving kalkoen eet.

Maar ook hier klopt één ding niet. Dat ene wordt in alle gesprekken verzwegen, en is dus het enige waarom het draait: ooit, kort na de dood van zijn vader, ging Lionel met zijn stiefmoeder Julia naar bed. En sindsdien is dat wat ze nooit meer zullen doen, het enige wat ze willen. Bloom laat de twee op kousenvoeten om elkaar heen dansen, met vragende ogen: 'Had je niet het soort man kunnen zijn dat een vreselijke tegenslag, zelfs een rampzalige beoordelingsfout te boven komt? Het was toch maar één nacht - niet dat dat trouwens een verontschuldiging is, denkt Julia. Ze houdt van hem als van niemand anders.'

Schedels lichten, dat is wat Bloom doet in deze laconiek vertelde, afgewogen verhalen (in de goede toonaard vertaald door Paul Syrier). Ze laat zien waar het misverstand begint en waar mensen onherstelbaar van elkaar wegdrijven. En wij krijgen daardoor even, in een machtige vogelvlucht, het overzicht dat we in het gewone leven ontberen. Gelukkig maar.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden