Scenario's voor een normaal leven haalt de angel uit alle robotangst

Tv-recensie door Hanna Bervoets Beeld de Volkskrant

‘Jonathan’, zegt Kaspar. ‘Ja?’, vraagt Jonathan. ‘Wat leuk om hier te zijn’, zegt Kaspar.

Jonathan knikt.

‘Jonathan’, zegt Kaspar. ‘Ja?’, vraagt Jonathan. ‘Zullen we een liedje zingen?’

Jonathan lacht, zingt.

‘Jonathan?’, vraagt Kaspar. ‘Wie is jouw beste vriend?’

‘Jij!’, zegt Jonathan, ‘jij!’

Jonathan glundert, Kaspars gezicht vertoont geen enkele emotie. Want Kaspar – of eigenlijk: KASPAR – is een robot. Hij wordt, via een computer, aangedreven door een begeleider.

Jonathan en Kaspar zijn onderwerp van de documentaire Scenario’s voor een normaal leven (woensdagavond, NPO2 - hier terug te kijken). Filmmaker Sander Burger volgde de achtjarige Jonathan ruim een jaar. We zien het jongetje naar een nieuwe school gaan, flinke vorderingen maken. Maar Jonathan heeft ASS (autistisch spectrum stoornis), waardoor hij moeilijk contact legt. Robot Kaspar werd speciaal ontwikkeld voor dit soort kinderen, die interactie met mensen soms ingewikkeld vinden vanwege die overvloed aan signalen: lichaamstaal, gezichtsuitdrukkingen, intonatie. Kaspar doet daar allemaal niet aan, de robot zegt duidelijk wat hij wil van Jonathan.

‘Jonathan?’ – ‘Ja?’ – ‘Loop naar je tafel en pak een werkje uit de kast.’

Regisseur Sander Burger maakte al eerder een documentaire over de potentie van zorgrobots. Zijn Ik ben Alice (2015) volgt een pilot waarbij eenzame ouderen gezelschap krijgen van Alice, een robot met het gezicht van een klein meisje. De proefpersonen vertellen Alice hun levensverhaal, nemen haar uit wandelen, een oudere dame biedt haar zelfs een tompouce aan. Ik ben Alice toont hoe menselijk het is om menselijke eigenschappen aan niet-menselijke objecten toe te kennen. En hoe dergelijke projectie een remedie tegen eenzaamheid zou kunnen wezen.

Affectie

Kaspar uit Scenario’s voor een normaal leven is daar overigens niet voor gemaakt, deze robot dient om kinderen met ASS te onderwijzen. Maar Jonathan lijkt zich wel degelijk aan Kaspar te hechten. Hij omhelst hem. Legt zijn wang tegen zijn hand. ‘Moeten we daar niet iets mee?’, vraagt zijn moeder tijdens een evaluatiegesprek: moet de robot niet óók affectie tonen of iets liefs terugzeggen? Het behandelteam komt er niet uit – Kaspars kracht is nu juist dat hij zo neutraal is, volstrekt helder.

Scenario’s voor een normaal leven zet net als Ik ben Alice aan het denken over mens-robotrelaties. Wat is de waarde van affectie voor objecten? Hoe maken robots ons gelukkigere mensen? Daarnaast is de film ook gewoon een bijzonder portret van een jongetje met autisme. Jonathan is slim, zeer innemend, zijn enthousiasme ronduit ontroerend. Maar thuis is Jonathan vaak onhandelbaar, heeft hij woede-uitbarstingen en huilbuien. Zijn sociaal-emotionele ontwikkeling zal altijd achterblijven, leren we aan het eind van de film.

Toch is Scenario’s voor een normaal leven een hoopvolle, misschien zelfs positieve film. Ja, het leven is vaak ingewikkeld voor Jonathan en zijn omgeving. Maar er is een heel team dat vol overgave voor dit jongetje zorgt: betrokken hulpverleners, geduldige ouders, en Kaspar, de robot. Jonathans beste vriend.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.