Sardonische kijk op zomeridylle in een badje

Je bekleedt het podium met lappen groen vilt en je hebt een achtertuin, je legt tien kuub turf neer en je hebt een slagveld....

Bij de Fantastische Fantast van Sanne Vogel en Wouter Zweers waan je je een gluurder achter buurmans heg. Op het groene vilt staat een zwembadje zoals je ze deze dagen overal in het zonlicht ziet schitteren. Vogel, flink lijf met benen vol putjes, speelt in knalrood badpak een bebrilde stumperd. Eerst wordt ze door een machtsbeluste badmeester telkens teruggefloten, daarna door een bazig vriendje uit het badje geweerd. De woordeloze scènes tussen Vogel en haar tegenspeler Zweers zijn hilarisch en herkenbaar en schurken tegen het kinderlijke en seksistische aan. Beiden gaan daadwerkelijk te water, al gaat dat niet zonder (brute) slag of (gemene) stoot.

Soms leunt het duo iets te veel op het Theo en Thea-repertoire van Arjan Ederveen en Tosca Niterink, zeker als ze beiden hazentandjes indoen. De vernederingen hadden nog laaghartiger gekund, omdat het duo wil laten zien dat kinderen nog ongegeneerd en ongeremd gemeen zijn. Maar gezien de mediterrane temperaturen, is het wel toepasselijk, deze sardonische kijk op een schijnbare zomeridylle in de achtertuin.

Zo lichtvoetig als de Fantastische Fantast, zo pittig is het thema dat Thom Stuart en Rinus Sprong van De Dutch Don’t Dance Division kozen voor een Parade-dansvoorstelling. Hun Coriolanus gaat over niets minder dan oorlog, verraad en autoritaire macht. De oorspronkelijke tragedie van Shakespeare is hier knap teruggebracht tot veertig minuten spierballendans. De geschiedenis van de briljante legeraanvoerder Coriolanus, die onder druk van zijn moeder de strijd voor het consulschap aangaat maar door het volk vanwege zijn tirannieke gedrag uit Rome wordt verbannen, had zelfs totaal zonder tekst gekund, want de twee Engelse citaten zijn onverstaanbaar en overbodig. Ook de billenklets die hij krijgt van zijn moeder misstaat in deze verder krachtige fysieke vertelling.

De mise-en-scène spreekt boekdelen: tien jonge mannen – sommigen nog zo pril dat ze kersvers van school komen, zoals soldaten soms ook nog bleekjes ogen – verbeelden volk en leger door dwars door de turf te stuiven totdat ze letterlijk aarde happen. Raoul Dumas is een trotse Coriolanus die in een paar vastberaden bewegingen zijn verraad aan de vijand inzichtelijk maakt. Sterk zijn de opnamen buiten de tent, wanneer een camera de vertwijfelde Coriolanus volgt tussen het nietsvermoedend flanerende Parade-publiek: een mooie metafoor voor een heerser die zich getergd voelt door het massagedrag van het volk.

Als ervaren Parademaker kun je dus ook artistiek je voordeel doen met de eters en drinkers die onlosmakelijk bij deze theaterkermis horen.

Annette Embrechts

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden