Ruzie in de Hof van Eden

In het onherbergzame westen van China is een bizarre strijd ontbrand tussen twee onooglijke stadjes. Beide beweren het paradijs te zijn, het Shangri-La waar de Engelse schrijver James Hilton zijn Lost Horizon situeerde....

door Toine Berbers

DE afgeladen minibus zoekt moeizaam zijn weg omhoog langs de natte bergwanden. Bij elke bocht zetten de passagiers zich schrap om te voorkomen dat omkieperende balen maïskolven manden met vers geplukte appeltjes verpulveren of dat in kartonnen dozen gestapelde zakjes rode limonade openploppen.

Een vrouw met kleurige lappen om het hoofd knikt dankbaar als een oude man in blauw mao-pak een uiterste krachtinspanning levert om haar gevlochten rugtas met verse walnoten overeind te houden. Een buurvrouw wrijft zenuwachtig over de beslagen ruiten om de toestand van de weg te controleren.

De chauffeur sukkelt door bruine blubberlawines, die van de hellingen over het afgesleten asfalt in de kolkende rivier glijden. Een gezwollen bergbeek heeft een stuk van het wegdek meegesleurd. Bulldozers duwen tonnen aarde opzij om de weg open te houden.

Aardse paradijzen zijn per definitie moeilijk bereikbaar, maar de weergoden hebben Shangri-La herschapen tot een veste. Hun regens op de hoge berghellingen ontketenen watervallen, aardverschuivingen en kleimassa's op de route naar China's herondekte Hof van Eden, in Opper-Yunnan aan de grens met Tibet.

Het busje wurmt zich door de laatste pas de barre hoogvlakte op, waar het eerste dorp, enkele ruwhouten rijtjeshuizen met veranda's, doet denken aan het Wilde Westen. Opgelucht torsen de boeren hun zakken met groenten over het kippenladdertje van de bus. Op de levendige markt verraden de gezichten en kleuren de nabijheid van Tibet. Groet en lach worden uitgewisseld en een zonnestraal glipt door het dreigende wolkendek.

Nieuwe passagiers stappen in en het busje legt de laatste kilometers af van zijn barre tocht naar Zhongdian, op 3200 meter hoogte. Zhongdian is de belangrijkste plaats van het district Diqing en het onwaarschijnlijke toneel van een strijd tussen onooglijke nederzettingen om de titel Shangri-La.

Sinds enkele maanden is Zhongdian met Dechin, een ander stadje in deze straatarme uithoek van China, verwikkeld in een gênante twist over wie zich het echte paradijs mag noemen in deze hemelse regio met z'n ruige kloven en witte bergtoppen van zevenduizend meter. Drie van Azië's grootste rivieren stromen hier doorheen: de Yangtze, de Mekong en de Salween.

Shangri-La was de naam die de Engelse schrijver James Hilton het Utopia gaf in zijn roman Lost Horizon. Deze bestseller uit 1933 beschrijft een verborgen vallei in het Himalaya-gebergte, waar vier overlevenden van een vliegtuigongeluk op geleerde lama's stuiten en gelukkige onderdanen die honderden jaren oud worden door het eten van bepaalde bessen. Ze brengen hun tijd door met studie en lezing van oude jaargangen van The Times. Zeldzame expedities over enge bergkammen bezorgen hen modern sanitair uit de buitenwereld. Het boek sloeg zo goed aan dat Frank Capra het in 1937 verfilmde. De film was een succes.

China was het hele boek vergeten totdat een ambtenaar van de gemeente Zhongdian het vier jaar geleden in handen kreeg. De regio verkeerde in diepe problemen, omdat er een eind was gemaakt aan de ongebreidelde houtkap, de voornaamste bron van inkomsten. Ambtenaar Sun zag mogelijkheden voor toerisme.

Hij houdt kantoor in een van de morsige betonnen gebouwen in de twee hoofdstraten van Zongdian. Sun vertelt trots hoe hij een rafelig exemplaar van Hiltons boek in handen kreeg. Het bleek een godsgeschenk, in de natuurbeschrijvingen herkende hij de omgeving van Zhongdian.

'Zhongdian is Shangri-La,' zegt hij stellig, misschien iets te stellig. Met hulp van lokale intellectuelen werd vliegensvlug een Chinese vertaling en een videoserie geproduceerd, die Zhongdians argumenten kracht moesten bijzetten. Via oude bekenden in de provinciehoofdstad Kunming kreeg Sun toestemming voor de bouw van Shangri-La Airport. De luchthaven gaat volgend jaar open. Niets leek Zhongdians opmars naar wereldfaam in de weg te staan en Sun kon zich feliciteren, want zijn missie leek een flitsend succes. Hij liet zelfs een lied componeren: Kom binnen in Shangri-La. Maar begin dit jaar doemden de problemen op.

'Zhongdian pronkt met andermans veren,' roept een benauwde Songji Zhaxi door de telefoon. 'U moet onmiddellijk hierheen komen,' gebiedt hij. 'Wij zijn de echte plek, het ware Shangri-La.'

Songji vertegenwoordigt het pas opgerichte bureau van toerisme in Dechin, een marktplaatsje dat nog eens een kleine tweehonderd kilometer naar het noorden ligt. Songji is tamelijk verstoord dat de verslaggever uit Nederland in een hotel bij de concurrent vertoeft. 'Geloof niets van wat ze in Zhongdian zeggen. Oordeel zelf en kom hierheen,' herhaalt hij wanhopig.

Dechin, dat vorig jaar nog niet toegankelijk was voor buitenlanders, is nog maar net begonnen met het tegenoffensief en het lijkt voor het afgelegen stadje een ongelijke strijd. In Zhongdian balt zich weliswaar de lelijkheid samen van te snel gegroeide Chinese steden, maar de omgeving maakt veel goed. De bestuurders combineren in hun campagne de magie van Tibet met de natuurpracht van ongerepte meren en woest glooiend hoogland.

DECHIN is alleen voor doorzetters. Na de moeizame tweehonderd kilometers naar Zhongdian moeten er nog eens 189 worden afgelegd over een smalle, onverharde weg langs diepe afgronden en steile rotswanden. De chauffeur die op deze regenachtige ochtend de Beijing Jeep naar het verre noorden stuurt, lijkt zich te willen kwalificeren voor de Camel Trophy. Met een gang van tachtig scheurt hij langs de drieduizend meter lager stromende Jinshajiang, zoals de bovenloop van de Yangtze hier wordt genoemd. Op de achtergrond is de witte top van de berg Taizi zichtbaar, een van de boeddhistische heilige plekken. Deze top konden zelfs de fanatiekste bergbeklimmers niet bedwingen.

Het wolkendek is afwisselend inktzwart en spierwit, een pop-art-effect dat de religieuze dimensie van het berglandschap versterkt. Af en toe piept felblauw door de rond de toppen dansende nevels heen. Elke vallei lijkt een eigen klimaat te kennen, soms wisselen zompig nat en kurkdroog elkaar binnen enkele honderden meters af.

Diqing betekent 'plaats van geluk en welvaart' in het Tibetaans. Het imponerende hooggebergte is buitensporig bedeeld met natuurwonderen, maar heeft het handjevol bewoners geen materiële voorspoed gebracht.

Het Yi-volk, ooit trotse heerser in Oost-Yunnan, leidt een nomadenbestaan in bruine tenten met een voor- en achterkant van gestapelde stenen en takken. Zij hoeden op modderige weilanden wat geiten en varkens en zoeken naar zeldzame geneeskrachtige kruiden in dit botanisch bijzondere gebied. De gelukkigen onder hen bezitten een paar yaks, de trotse Himalaya-runderen.

De hoofdbewoners zijn de krijgshaftige Khampas, Oost-Tibetanen wier handelskaravanen vroeger langs kloven en bergpassen naar Kashmir, Birma en China trokken. Hun bandietenleiders lieten kinderen en volwassenen in deze verre landen sidderen.

Maar het befaamdst waren ze om hun lama-kloosters, die als zwaluwnesten tegen de hoge hellingen zijn geplakt. Dankzij noeste arbeid van honderden jaren zijn op reusachtige, weerbarstige rotswanden groene terrassen uitgespaard. Daartussen zweven trotse witte tempels met geel-rode daken, die uit de verte op Toscaanse villa's lijken.

Een uur voor de eindbestemming doemt de witte, ongenaakbare Meilixue Shan op, de Mooie Sneeuwberg van 6740 meter hoog, die in het Tibetaans Khawakar heet en in naam en beschrijving sprekend lijkt op de Karakal in Hiltons Lost Horizon. Khawakar is Dechins voornaamste bewijsstuk in de strijd tegen Zhongdian.

Bergbeklimmers hebben ook deze top, die met lichte knak uittorent boven rivieren en dalen, niet kunnen bedwingen. Vlak ernaast glinstert een achtduizend jaar oude reuzengletsjer in het zonlicht. De chauffeur spreekt met ontzag over 'kroonprins sneeuw'.

Dechin, tussen twee bergwanden geperst, probeert in een klap van de Middeleeuwen naar de moderne tijd te springen. Op het marktplein staan tientallen biljarttafels waar de mannelijke bevolking snooker speelt. Verboden foto's van de Dalai Lama zijn hier gewoon op straat verkrijgbaar. In het nabijgelegen klooster verklaart een monnik in het bijzijn van de Chinese chauffeur openlijk zijn liefde voor de religieuze leider.

SONGJI, die via de telefoon zo benauwd klonk, is de drijvende kracht achter het pas geopende toeristenbureau, dat zetelt op de tweede verdieping van het met rood marmer beklede gemeenschapscentrum. Het plaatselijke hotel is voorlopig gehuisvest op de derde en vierde etage.

Songji mag laat begonnen zijn, hij heeft niet stilgezeten. Een kersverse Vereniging voor Onderzoek naar Shangri-La staat al op het punt conclusies te trekken. Onnodig uit te leggen dat Dechin met de eer gaat strijken. 'Het bewijs is overweldigend,' zegt Songji. 'Zhondian heeft niet eens besneeuwde toppen en ligt op een hoogvlakte. Wij hebben een nauwe vallei, net als in het boek'. In het nabijgelegen dorp Weixi staat een neogotische kerk, die is neergezet door Franse missionarissen. Dat verklaart de aanwezigheid van Franse kapucijner monniken in de roman. Mijnheer Songji kan nog uren doorgaan.

Hilton is destijds nooit in de regio geweest. Hij baseerde zich op onderzoek van de Amerikaanse etnoloog Joseph Rock, die het grootste deel van zijn leven doorbracht in dit gebied en zijn bevindingen publiceerde in de National Geographic. De nummers uit de jaren twintig liggen ter inzage in een bibliotheek in het stadje Lijiang, vierhonderd kilometer ten zuiden van Dechin en het begin van de bewoonde wereld.

Joseph Rock beschreef uitvoerig de unieke plantenrijkdom, ontstaan door de enorme hoogteverschillen, die Hilton inspireerde olijfbomen en wijnranken op te nemen in zijn verhaal. Maar Rock repte ook over malse weiden en dichte bossen. Het heeft er veel van weg dat de Britse romancier zowel elementen uit de omgeving van Zhongdian als Dechin gebruikte. Maar de twee stadjes zijn onvermurwbaar en eisen ieder voor zich de eer op. Dechin heeft zijn beklag gedaan bij het provinciebestuur, dat nu met de kwestie in zijn maag zit.

Songji weet zeker dat hij aan het langste eind zal trekken. 'Wij hebben een plan voor wintersport. Zhongdian mag meer hotels hebben, maar wij gaan veel betere bouwen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden