Ruim jij het aanraakscherm even af?

Aanraakschermen worden steeds goedkoper en beter. De neiging bestaat ze overal in te bouwen. In een tafel, bijvoorbeeld. Maar pas op, zegt Thomas Marzano van Philips....

Binnenkort verkrijgbaar in Nederland: een tafel met een ingebouwd aanraakscherm, een touchscreen. Kun je films kijken op het tafelblad, of foto’s uit het digitale familiearchief, die uitvergroot kunnen worden door er met twee vingers aan te trekken. En die naar een tafelgenoot aan de overzijde geschoven kunnen worden.

Dat kan op een gewone tafel ook. Maar als de gastheer zijn vrienden een goeie wijn inschenkt, verschijnt onderaan de fles een kaartje met informatie over de wijn. Wat hij kost, hoe hij smaakt, waar hij verkrijgbaar is. Als de fles bevalt, kan de gast het virtuele kaartje naar zich toe trekken en het naar zijn eigen mailadres versturen. De tafel, een variant op de bekende aanraakschermen (touchscreens), is ontwikkeld door Microsoft en zal nog dit jaar in Nederland te koop zijn.

Er zaten al touchscreens op koelkasten, het navigatiekastje in de auto en natuurlijk op de iPhone, het succesmobieltje van Apple. Nu is kennelijk de tafel aan de beurt.

De stormachtige opkomst van het handige aanraakscherm is logisch: de kosten zijn de afgelopen jaren flink gedaald, ze zijn kleiner, hebben meer kleuren en kunnen meer informatie tonen.

Bovendien hebben ze een groot voordeel: het touchscreen kan zich aanpassen aan de gebruiker, zegt Thomas Marzano, creative director brand communications bij Philips Design. ‘Als mijn moeder een versterker koopt, wil ze misschien alleen maar de belangrijkste knoppen zien. Harder, zachter, cd’tje erin, en eruit’, zegt Marzano. ‘Terwijl de audiofiele gebruiker zijn apparaat misschien tot in de details wil kunnen inregelen. Die krijgt dus via hetzelfde touchscreen alle opties voorgeschoteld.’

‘Maar’, zegt Marzano, wiens taak het is de ‘merkwaarden’ van het technologieconcern (Sense & Simplicity) te vertalen naar producten, ‘dat is niet de richting waarin het volgens ons moet gaan. De one size fits all-benadering werkt niet. Iedere doelgroep krijgt zijn eigen apparaat. Met eigen knoppen.’

Productontwikkelaars hebben de neiging elk apparaat te voorzien van een aanraakscherm. ‘Maar je moet je afvragen wat het gebruik van dergelijke interfaces betekent’, stelt Marzano. Moet je gaan werken met menustructuren om alle informatie beschikbaar te maken? Of zelfs met mappen, zoals gebruikelijk bij pc’s? ‘Of moet je het juist in een andere richting zoeken? Wij denken van wel.’

Als voorbeeld noemt Marzano de Senseo. ‘Daar hadden we prima een schermpje in kunnen stoppen, zodat je een miljoen zaken kunt instellen. Maar de meeste mensen willen dat niet. Die willen gewoon koffie. Dus kreeg het apparaat één knop.’

Een ander product schreeuwde juist om het gebruik van een touchscreen, zegt Marzano. Een paar jaar geleden ontwikkelde hij een interactief memobord voor in de keuken. Daar konden gezinsleden hun to do-lijstjes op schrijven door met hun vingers over het enorme beeldscherm te bewegen. Of door er een sms naartoe te sturen, om huisgenoten te melden dat er vanavond niet wordt meegegeten. ‘Daarmee werd een oude traditie vertaald naar nieuwe technologie.’

Ook bij de Living Colours, een ledlamp van Philips die elke gewenste kleur kan aannemen en daarmee sfeerlicht maakt dat is afgestemd op de persoonlijke stemming van de eigenaar, was tijdens de ontwikkeling sprake van een touchscreen. ‘Die kon je dan aan de muur hangen en elke gewenste kleurstelling opgeven’, herinnert Marzano zich. ‘Wij zeiden: mensen willen maar twee dingen. De kleur en misschien de lichtintensiteit instellen.’

Dus kreeg de lamp geen aanraakscherm, maar een afstandsbediening met een kleurenwieltje dat alle kleuren van de regenboog toont. ‘Tijdens tests bleek dat gebruikers het meteen snapten. Ze klikten op de kleur die ze wensten en klaar. Dit is het duidelijkste voorbeeld van een vinding waaruit we juist heel bewust het touchscreen hebben weggelaten.’

De lamp is volgens Philips een voorbeeld van een product dat waarde toevoegt. Dat geldt volgens Marzano ook voor televisies met ambilight. Die hebben een rij ledlampjes in de rand die de kleur aannemen van de beelden op het scherm en zo de achterliggende wand eenzelfde kleurbeeld geven. Dat levert een rustiger kijkbeeld op. Philips heeft zelfs een systeem dat een flink deel van de tv-rand laat ‘meekleuren’: Aurea.

Maar het probleem is dat televisies met deze vindingen in volle elektronicawinkels hangen, waar ze moeten concurreren met tientallen andere flatscreens. Vaak in tl-licht. ‘De klant ziet alleen wat ledjes opflikkeren en denkt: het zal wel. Dus de grote vraag is: hoe laat je in zo’n omgeving aan het brede publiek zien wat de voordelen zijn van dat systeem?’, zegt Marzano.

Het concern denkt daarom aan de oprichting van zogenoemde ‘experience stores’, rondrijdende winkels waar de klant in een speciaal ingerichte omgeving de producten kan ervaren. In Milaan is daarmee al geëxperimenteerd en de resultaten waren goed, stelt hij. Philips zal in Nederland geen eigen winkels openen, zoals Apple gedaan heeft, onder meer omdat het dan mogelijk in aanvaring komt met het bestaande retailnetwerk.

Aanraakscherm (Reuters) Beeld
Aanraakscherm (Reuters)
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden