Recensie Mirai

Ronduit magisch, hoe het Japanse animatiemeesterwerk Mirai je naar filosofische inzichten voert ★★★★★

Voortdurend versmelt in Mirai het alledaagse met het wonderbaarlijke, het allerkleinste met het allergrootste.

Een still uit Mirai.

Ieder mens is een fonkelend knooppunt van verleden, heden en toekomst, voortdurend in wording en toch compleet zichzelf. Ronduit magisch, hoe het Japanse animatiemeesterwerk Mirai je naar zulke filosofische inzichten voert, terwijl de film ‘slechts’ lijkt te gaan over een kleine jongen en zijn pasgeboren zusje.

De 4-jarige Kun (ingesproken door actrice Moka Kamishiraishi) heeft het goed met zijn ouders. Eigenlijk hoeft er niemand bij, in het door Kuns vader ontworpen huis – een patiowoning die met zijn binnentuin en terrasachtige verdiepingen een personage op zich blijkt.

Maar dan is er opeens zusje Mirai (‘Toekomst’). Natuurlijk wist Kun dat hij een zusje kreeg, maar het is toch iets anders om haar daadwerkelijk te zien. Fijn, zoals schrijver-regisseur Mamoru Hosoda de komst van Mirai inluidt met sneeuwvlokjes; het meisje blijkt aanvankelijk zelf zo wit als sneeuw.

De rust is van korte duur. Door de zorg voor Mirai dreigen mama (Kumiko Aso) en papa (Gen Hoshino) Kun uit het oog te verliezen. Het jongetje zal dus zelf iets moeten doen tegen zijn jaloezie, de woede en agressie die hem overvallen nu hij niet langer enig kind is. Maar misschien heeft hij toch de hulp van anderen nodig, of ze nu echt bestaan of niet.

In Mirai, tijdens de laatste Academy Awards genomineerd voor de Oscar voor Beste animatiefilm, houdt cineast Hosoda de scheidslijn tussen fantasie en werkelijkheid doelbewust vaag. Of beter gezegd: alles is echt, zolang het voor Kun echt is. Dus of ze nu daadwerkelijk plaatsvinden of verzonnen zijn, het doet niets af aan de cruciale ontmoetingen die Kun heeft.

Eerst treft hij zijn in een prins veranderde hond (Mitsuo Yoshihara). Later Mirais tienerversie (Haru Kuroki), mama als kind, zijn overleden opa als stoere jongeman (Koji Yakusho) en misschien ook de puber die hij zelf zal worden. De een leert hem met zijn angsten om te gaan, de ander met verdriet. Op zichzelf staande, maar ook onlosmakelijk verbonden episodes zijn het, zoals de uit elkaar geschoven verdiepingen van de woning één thuis vormen. En voortdurend versmelt in Mirai het alledaagse met het wonderbaarlijke, het allerkleinste met het allergrootste.

Dankzij Hosodo’s uiterst subtiele animatiestijl wordt het landschap van de film bovendien het landschap van Kuns ziel. De binnentuin transformeert tot een gigantische vlinderkas of de binnenplaats van een kasteelruïne. Of neem de scène waar Mirai-als-tiener Kun streng toespreekt, en hij letterlijk door zijn verdriet wordt overspoeld. Hosoda filmt de twee vanachter het brede raam van de woonkamer, terwijl het kleurenpalet ietwat groenblauw is, zodat het lijkt alsof de personages in een groot aquarium staan. Kuns tranen stijgen op als bubbels en er zwemmen steeds meer visjes voorbij. Uiteindelijk vlucht hij luid huilend weg, suizend door een kleurige vissenkolk.

Zulke momenten, sommige vederlicht en andere ontregelend als een koortsdroom, vormen de opmaat naar de aangrijpende, door tijd en ruimte dwarrelende finale. Zwevend in de lucht ziet Kun zijn grootouders, jong en flirtend. Waar was hij geweest als zij elkaar nooit hadden gevonden?

Mirai biedt een complete wereld, gevat in het grenzeloze perspectief van een enkel kind.

Mirai
Animatie
★★★★★
Regie Mamoru Hosoda.
Met de stemmen van Moka Kamishiraishi, Kumiko Aso, Gen Hoshino, Mitsuo Yoshihara, Haru Kuroki, Koji
Yakusho.
98 min., in 15 zalen.

Kun.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden