BesprekingSonny Rollins in Nederland

Rollins in Holland is de grootste jazzverrassing van 2020 die er bijna niet geweest was

Sonny Rollins in de Go-Go Club in Loosdrecht.Beeld Beeld en Geluid

Even leek het erop dat wat brakke cassettebandjes de enige tastbare herinneringen aan de Nederlandse tour van Sonny Rollins zouden zijn. Na een mysterieus opgedoken band volgde een slopende zoektocht naar meer, met prachtig resultaat. 

Er is drie jaar hard aan gewerkt, maar in de eerste week van december verschijnt dan eindelijk de dubbel-cd Rollins in Holland, met daarop een weerslag van de korte Nederlandse tournee van de Amerikaanse tenorsaxofonist Sonny Rollins in mei 1967 samen met bassist Ruud Jacobs (1938-2019) en drummer Han Bennink. Het album ontstond met hulp van het Nederlands Jazz Archief (NJA).

In de internationale pers gonst het al maanden dat het hier de grootste jazzverrassing van 2020 betreft. Het Amerikaanse tijdschrift The New Yorker noemde de uitgave deze week een ‘heel belangrijke’ aanvulling op de discografie van de inmiddels 90-jarige Rollins en muziekwebsite Stereogum begon een recensie met de woorden: ‘Holy shit, deze dubbel-cd is een ongelooflijk waardevolle schat.’

Bij het NJA doen ze wel vaker mooie vondsten, maar deze compilatie van concertopnamen, studio- en tv-sessies is van uitzonderlijke kwaliteit. Die laat Rollins horen in een fase van zijn carrière toen dat er in de studio of op de concertpodia weinig van hem is opgenomen. ‘Tussen 1966 en 1972 heeft hij geen enkele plaat opgenomen’, zegt NJA-onderzoeker en -producer Frank Jochemsen.

Voor deze internationaal gedistribueerde uitgave Rollins in Holland is behalve Jochemsen (38) een clubje mannen verantwoordelijk. Hoofdrolspelers zijn jazzpianist en presentator Pim Jacobs (1934-1996), die in 1967 een artiest nodig had voor zijn tv-show Jazz met Jacobs, concertpromotor Jaap van de Klomp, die goed contact had met Sonny Rollins en hem naar Nederland haalde, en natuurlijk drummer Bennink en bassist Jacobs (de broer van Pim) die door Van de Klomp aan de saxofonist gekoppeld werden.

Die combinatie van Rollins met een Nederlandse ritmesectie pakte erg goed uit. De drie muzikanten bleken vanaf het eerste optreden, op 3 mei 1967 in de Arnhemse Academie voor beeldende kunsten, in bloedvorm.

Dat valt niet alleen vast te stellen bij het beluisteren van de bijna anderhalf uur die nu van dat concert worden uitgebracht. Het optreden werd destijds ook al bejubeld met de grootst mogelijke superlatieven. Radiomaker en journalist Michiel de Ruyter noemde het destijds ‘een van de belangrijkste jazzhappenings waar ik de afgelopen 18 jaar getuige van was’. Aanwezig was ook tenorsaxofonist Hans Dulfer (80). ‘Ik vind Rollins altijd goed, welke stijl hij ook speelt. Maar 53 jaar geleden gaf hij in Arnhem het beste concert uit mijn leven.’

Het optreden zou met de jaren een mythische status zou krijgen, mede dankzij Dulfer zelf, die cassettebandjes met opnamen van het Arnhem-concert toespeelde aan ieder die het wilde horen. Hoe kwam hij aan die bandjes? ‘Tien dagen na de show kreeg ik een telefoontje van Michiel de Ruyter. Hij had opnamen met het concert voor me. Die ben ik mijn hele leven blijven draaien.’

Ook Jochemsen kende het verhaal, maar hij wist ook dat naast de inmiddels brak geworden cassettes die onder jazzliefhebbers circuleerden er van de hele tournee weinig tastbaars over was gebleven. Van het tv-optreden in Jacobs’ NCRV-programma Jazz met Jacobs op 5 mei in diens Go-Go Club in Loosdrecht bestonden voor zover bekend geen opnamen. Ook het laatste concert in Persepolis, een jazzclub aan de Utrechtse Oude Gracht, liet geen audiospoor na.

Beeld Beeld en Geluid

Het kortstondige verblijf van Sonny Rollins in Nederland leek voorbestemd met de herinneringen in het graf van de getuigen te verdwijnen. Met niets anders dan krantenrecensies en brakke cassettes als audiobewijs dat er hier in mei 1967 jazzgeschiedenis werd geschreven.

Totdat Jochemsen medio 2017 van NJA-collectiebeheerder Ditmer Weertman een band kreeg met niet veel meer informatie dan dat er ‘NCRV-opnamen’ op stonden. Jochemsen beluisterde de tape  en werd ‘volledig omver geblazen’ door de vier in stereo opgenomen tracks waarop hij duidelijk de tenorsax van Sonny Rollins meende te herkennen, net als de ritmesectie van Jacobs en Bennink.

Maar wanneer en hoe waren deze subliem klinkende studio-opnamen tot stand gekomen? Van een Rollins-sessie in een radiostudio was niks bekend. Jochemsen: ‘Ik zou er toch op z’n minst iemand over gehoord moeten hebben?’

Dus nam Jochemsen de bus naar Nieuwkoop om bij bassist Ruud Jacobs thuis vast te stellen dat het op die subliem klinkende tape toch echt Rollins was die met zijn gelegenheidstrio speelde. ‘Ruud twijfelde even aan zijn eigen spel. Hij kon niet geloven dat hij als 29-jarige zo goed speelde. Toen belde hij Han Bennink en die wist zich een radiosessie voor de NCRV te herinneren.’

Allemaal mooi, maar er moest wel bewijs komen. Na veel speurwerk vol doodlopende wegen, in containers verdwenen ordners, notities over vernietigde geluidsbanden, vindt Jochemsen dat ook in de vorm van een zogeheten ‘opname-blauwtje’. Sonny Rollins bleek onmiskenbaar op 5 mei in een Hilversumse studio gespeeld te hebben, alleen zijn de opnamen nooit uitgezonden.

De voucher die bevestigde dat de mysterieuze band toch echt een opname was van Rollins, Jacobs en Bennink.

Dat we de opnamen nu naast het grootste deel van het Arnhem-concert kunnen horen is behalve aan de ijver van Jochemsen en zijn collega’s bij het NJA te danken aan Sonny Rollins zelf en aan het Amerikaanse platenlabel Resonance dat het album in co-productie met het NJA uitbracht.

‘Rollins bleek enthousiast over de vondst en onze wens dit uit te brengen, wat bijzonder is omdat hij zelden toestemming geeft voor dergelijke projecten. Hij adviseerde me contact te zoeken met Resonance, waarmee ik al eens een Bill Evans-album (Another Time, The Hilversum Concert) had uitgebracht.’

Zo was er dus een uitstekende studiotape van een minuut of twintig. Mooi, maar niet genoeg voor een heel album. Rollins wilde het graag uitbrengen, maar er moest iets bij. Resonance vond de Arnhem-tapes van te slechte kwaliteit. Liever hadden ze de audio van het tv-optreden, maar die bestond niet.

Toch wel. Uiteindelijk vond Jochemsen een audiotape, opgenomen voor de tv,  in de NJA-collectie zelf. Terwijl hij ook nog een kopie van de Arnhem-tapes in handen kreeg die zodanig kon worden bewerkt dat de volgens Dulfer ‘afgrijselijke brom’ van de bandjes goeddeels verdween. Het nieuwe Rollins-album was compleet en bevat de best denkbare weerslag van diens korte tournee door Nederland.

Een tournee die, en dat blijft in het bijgesloten boekwerk toch onderbelicht, vooral dankzij Pim Jacobs georganiseerd kon worden. Als Jacobs Van de Klomp niet benaderd had om een gat in zijn uitzending te vullen, was de tour en het album Rollins in Holland er nooit gekomen.

Het werkte volgens Van de Klomp (80) heel simpel: ‘Ik programmeerde jazzconcerten in het Utrechtse Persepolis. Om zelf grote namen binnen te krijgen boekte ik tournees van jazzartiesten. Hoe meer optredens ze hadden, hoe interessanter het voor een artiest werd.’ Radio- en tv-optredens waren helemaal aantrekkelijk omdat artiesten daar goed voor betaald kregen. ‘Toen Pim me in april 1967 belde of ik nog iemand wist voor de uitzending van Jazz met Jacobs dacht ik meteen aan Sonny Rollins.’ Van de Klomp kende de saxofonist omdat hij twee jaar eerder had bemiddeld bij de aanschaf van een nieuw instrument. ‘Ik strikte Rollins voor een tv-optreden in Pims eigen Go-Go Club in Loosdrecht met nog twee concerten, waarvan een in mijn eigen club.’

Over Rollins’ begeleiders hoefde Van de Klomp niet lang na te denken. ‘Ruud Jacobs was op dat moment de beste bassist van Nederland en Han Bennink de meest dynamische drummer.’ Rollins zou later zeggen dat hij het liefst in trio-bezetting zonder piano speelde, maar volgens Van de Klomp was dat toen geen voorwaarde. ‘Ik denk dat Pim toen zelf zei: ik blijf erbuiten. Hij was bescheiden en had veel eerbied voor Rollins. Had hij gewild, dan had hij zo mee mogen doen.’

Wat Van de Klomp niet wist, is dat Jacobs zelf nog een radiosessie voor Rollins regelde. ‘Hij was de baas en had als tv-man connecties met de radiojongens van dezelfde NCRV. Ik hoorde het pas van Pim toen ze al gespeeld hadden, maar vond het prima.’

Ook Van de Klomp bewaart goede herinneringen aan het Arnhem-concert ‘waar ik behalve als liefhebber ook was omdat ik moest afrekenen’. Minder enthousiast is hij over het concert in zijn eigen Persepolis, ‘dat vooral verziekt werd door pianist Misha Mengelberg. Die had zichzelf opgedrongen achter de piano. Onbegrijpelijk. Dat ging allemaal van Rollins’ tijd af. Niemand die het leuk vond.’

Voor Van de Klomp was het tourtje van Rollins zowel een hoogtepunt als een dieptepunt. ‘Het was geweldig, zo’n man met de statuur van Rollins in je club. Maar het hoorde natuurlijk niet zo te zijn. Zo iemand moest in het Concertgebouw staan, niet in een tochtig keldertje.’ Maar jazz was op dat moment een ingestorte business, zegt Van de Klomp. ‘De jongeren waar ook mijn club het van moest hebben luisterden naar de Stones en Jimi Hendrix. Die gingen niet meer naar jazzconcerten. Die concerten werden steeds meer free jazz, niks voor scholieren, daar ging je niet met je meisje naar toe.’

Van de Klomp ging zelf ook niet meer. Het concert van Sonny Rollins was het laatste in Persepolis. Van de Klomp trok zich terug uit de jazz, ging rockmuziek promoten en hervond pas jaren later zijn liefde voor jazz. ‘Ik zag het toen ook aan Sonny Rollins. Die wist ook even niet wat hij wilde en zou na het tourtje jarenlang nauwelijks van  laten zien of horen.’

Beeld Beeld en Geluid

Eigenlijk voelde alleen Han Bennink zich in het veranderende jazzlandschap helemaal senang. Het interesseerde Bennink (78) niet dat jazz uit de mode was. Hij was altijd al meer van de kleine zaaltjes zegt hij. Hij was destijds vooral druk doende zijn spel te veranderen. ‘Ik was het gebruikelijke tempo-drummen een beetje zat, hield van improviseren en speelde graag met Willem Breuker.’ Een andere wereld waar de broers Jacobs niet zoveel mee op hadden. ‘Dan bracht Pim me ’s nachts naar huis en dan zat zijn vrouw en jazz-zangeres Rita Reys naast hem en vroeg ze: speel je nog steeds met die Willem Kreukel?’

Die nieuwe jazz (‘ik heb een hekel aan de term free jazz’) swingde dan wel niet meer zoals vroeger, maar alles kon. ‘Als ik van Rollins een solo kreeg ging ik uit het tempo en pakte ik een rammelaartje of ging ik een bloempot bewerken.’ Dulfer: ‘Dat was wel even schrikken in Arnhem, toen ik Han die bloempot zag neerzetten. Ik dacht hè, toe nou Han, kun je vanavond bij Sonny niet even gewoon spelen? Dat deed hij niet, maar alle drie jutten elkaar fantastisch op.’

Het was een bijzondere ervaring, dat weekje touren met Sonny. Bennink: ‘Overleggen was er niet bij. Het was meteen gáán en vooral lastig voor Ruud, want Sonny wisselde steeds van toonsoort. Maar Ruud wist de rust te bewaren. ’ En hoe beleefde Sonny Rollins (90) het zelf? ‘Ik herinner me dat ik met Han en Ruud een geweldig weekje in Holland had, maar niet dat we zó fantastisch speelden’ zei hij enkele maanden terug tegen de Volkskrant, ‘Jullie hebben echt goed werk verricht door al deze opnamen terug te vinden. De sound van Ruuds bas was zo prachtig, en de energie van Hans drumwerk zo genadeloos. Ik dacht meteen: Dit moet gehoord worden.’

Dankzij de inspanningen van Frank Jochemsen en het NJA kan dat nu. Jochemsen: ‘Wat ik alleen betreur is dat de vorig jaar overleden Ruud Jacobs de albumrelease niet meer kan meemaken. ‘Ik heb heel veel aan hem gehad, hij heeft me aangewakkerd overal zelf achteraan te blijven zitten. Als dit is wat ik denk dat het is, zei hij, dan wordt het waarschijnlijk heel groot. Iedereen gaat er een grote bek over hebben, maar jij hebt het gevonden.’

Jazzpareltjes
Het Nederlands Jazz Archief (NJA) bestaat sinds 1980 en wordt in stand gehouden door zo’n 1.200 ‘vrienden’. Het NJA brengt ook bijzondere cd’s uit, met materiaal veelal afkomstig uit de eigen collectie. De serie Jazz at the Concertgebouw begon in 2007 en bevat inmiddels 14 delen met concerten van onder meer Chet Baker, Miles Davis en Sarah Vaughan. In 2015 is begonnen met de serie Treasures Of Dutch Jazz, albums waarop niet eerder verschenen Nederlandse jazzopnamen worden verzameld. Early Blue van de in 1989 overleden jazz-zangeres Ann Burton is net uit. Aan een nieuwe serie met opnamen uit de Amsterdamse poptempel Paradiso wordt gewerkt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden