Review

Roel Janssen vergeet de link tussen 1968 en nu te leggen

Roel Janssen schreef aan de hand van vijf plaatsen een boek over 1968, het jaar dat alles veranderde. Nou ja, had moeten veranderen.

Waar we waren in 1968? In Parijs. Met jou. Nou ja, je was er nog niet, dat zou nog een paar maanden duren. Het was april. Van de protesten hebben we niets gemerkt, die kwamen pas later. Toch? Maar die hele revolutie ging sowieso een beetje aan ons voorbij, we kregen een kind tenslotte. Er gebeurde wel overal van alles. Was dat niet het jaar van de moord op Robert Kennedy en Martin Luther King?'

Dat was het. Met het geheugen van mijn moeder is niets mis. Zij wordt dit jaar 80, ik 50, en je zou kunnen zeggen dat 1968 ons jaar is. Alleen weet ik er niets meer van. Dat is zo vervelend aan een geboortejaar, je hoort er altijd alleen anderen over vertellen. Blijkt het later ook nog eens een significant jaar in de geschiedenis te zijn, dan voel je je helemaal bekocht. De Tweede Wereldoorlog, die de jeugd van mijn generatie ook op alle fronten beheerste, maar dan vooral in verhalen, films, boeken en Godwins, was iets wat je niet meegemaakt wílde hebben, maar voor de sixties lag dat natuurlijk heel anders. Wij wilden ook wel 10 jaar knetterstoned van happening naar rel naar het volgende seksavontuur. Helaas, wij werden generatie No future.

Roel Janssen, 1968 - You say you want a revolution (***), Non-fictie.
Balans; 256 pagina's; euro 20.

We misten onze eigen revolutie

In 1989 kwam de herkansing. In november van dat jaar was ik 21 en zat ik samen met mijn goede vriend J., student journalistiek, voor de tv, waarop te zien was hoe in Berlijn de muur werd beklommen, veroverd, afgebroken. Vier jaar daarvoor was ik dankzij een stel enthousiaste leraren in Oost-Berlijn geweest en had ik met 45 klasgenoten een week aan de socialistische dictatuur mogen ruiken. Een week was inderdaad meer dan genoeg geweest, en de Oost-Duitse opstand maakte geestdriftig.

'Eigenlijk moeten we daar nu naartoe', verzuchtte J. Maar we hadden geen geld, geen rijbewijs, geen auto. 'Nog een biertje?', en zo zagen we alles op een beeldscherm aan ons voorbijtrekken. Zo misten we onze eigen revolutie, al hadden we daar niets te zoeken natuurlijk. Verder was dit gewoon weer een geval van lamlendigheid. Geen wonder, dat No future.

Van lamlendigheid is in het boek 1968 - You say you want a revolution, dat oud NRC-journalist, schrijver en babyboomer Roel Janssen (1947) schreef, weinig te merken.

Janssen was 20 toen in mei 1968 in Parijs de studentenprotesten in alle hevigheid losbarstten. Hij studeerde in Leiden en had net zo goed op de sociëteit kunnen blijven om bier te drinken en de studentengrappen te maken die toen nog waren toegestaan, maar gelukkig besloot hij anders. Hij sprong met vrienden hop in het Peugeotje 203 dat hij van opa had gekregen en reed, zonder de weg te weten, door de nacht naar het licht in Parijs.

Precies zoals het hoort volgens de jongensboekromantiek van deze revolutie. Ze bezochten bijeenkomsten, ontmoetten Daniel 'Dany le Rouge' Cohn-Bendit en liepen op 10 mei 1968 in de 'nacht van de barricades' mee, toen er een ware veldslag plaatsvond tussen de demonstrerende studenten en de Franse oproerpolitie. Mooi is de rol die de radio in deze protesten speelt. De verslaggeving van Radio Luxembourg en Europe no 1 wordt door de demonstranten gevolgd via transistorradio's; revolutie in tijden zonder smartphone.

Beeld tzenlo

Verveling en seks

Het is een sterke opening, zo wordt voor iedereen de geschiedenis tastbaar. Ook later, wanneer duidelijk wordt dat waar de protesten in eerste instantie om begonnen waren - verveling en seks: de mannelijke studenten op de universitaire campus in Nanterre wilden vrije toegang tot de verblijven van de vrouwelijke studenten - niet meteen leiden tot een visie op de wereld. Ja, we hebben een hoop rotzooi gemaakt en een groot deel van de straten van Parijs is ontklinkerd en weer geasfalteerd, hoe nu verder? De arbeiders die gelijktijdig en soms zelfs samen met de studenten hadden gedemonstreerd, sleepten er flinke salarisverhogingen en betere arbeidsvoorwaarden uit, maar de omwenteling waar de soixante-huitards naar streefden zou meer voeten in de aarde hebben gehad.

Janssen plaatst het jaar 1968 in een reeks van kanteljaren in de 20ste eeuw: 1917, 1945, 1989. Jaren waarin de geschiedenis merkbaar verschoof, waarin iedereen de beweging voelt, en belangrijker, daar ook aan wil deelnemen. Terecht, en eerlijk, noemt Janssen zichzelf en zijn vrienden revolutietoeristen: zoals er altijd mensen op opstootjes afkomen, wil je er ook bij zijn wanneer er misschien geschiedenis wordt geschreven. Zoals hij ook openlijk een kanttekening plaatst bij het uitroepen van juist dit jaar tot een icoon: 'Het heeft iets parmantigs om één enkel jaar uit te roepen tot een keerpunt in de geschiedenis, het jaar dat de wereld schokt, de samenleving voorgoed verandert of alles op zijn kop zet.' Parmantig of niet, het was in elk geval een boek waard. Misschien ook wel omdat het niet alleen om dat ene jaar draait, maar om wat toen ontkiemde en soms wel 50 jaar nodig had om tot wasdom te komen.

Hoeveel geschiedenis werd er in 1968 precies geschreven? Janssen neemt in zijn boek vijf hotspots op de wereld als uitgangspunt en vertelt beeldend en in hoog tempo wat er geschiedde: Parijs (meirevolutie), Praag (Praagse Lente), My Lai (oorlog in Vietnam), Chicago (Democratische conventie), Mexico (bloedbad van Tlatelolco) en Amsterdam (Magies Sentrum).

Janssen is naast journalist ook thrillerschrijver- winnaar Gouden Strop in 2007 - en weet de teloorgang van de Praagse Lente net dat tintje John le Carré mee te geven waardoor het boven kale geschiedschrijving uitstijgt. Inclusief spionnen die op een toilet informatie uitwisselen, wat toch een stuk meer tot de verbeelding spreekt dan al die hackers achterhun beeldschermen tegenwoordig. In die zin is het jammer dat Janssen destijds niet steeds opnieuw in zijn Peugeot 203 is gesprongen om van de ene brandhaard naar de andere te rijden. Dan had elk hoofdstuk van dit boek diezelfde spanning gehad als de proloog over de nacht van de barricades.

Over 1968 zijn eerder boeken verschenen en er zou, los van het 50-jarig jubileum, een andere reden moeten zijn om het opnieuw in kaart te brengen. Niet zozeer wat er gebeurde, als wel wat er niet gebeurde, ook na 1968. Niet om nu weer meteen de anti-babyboomerstrom te roeren - zoals Janssen zelf aan het eind concludeert: 'wat hebben we een geluk gehad' - maar vooral om vanuit 2018 een idealistische generatie te bevragen, en daarbij niet over het hoofd te zien dat 50 jaar later veel van de idealen in duigen liggen.

Gemiste kans

Janssen roept in zijn hoofdstukken niet de vraag op hoe de afbraak van de macht, die destijds begon, weerspiegelt in het nu. Terwijl het maatschappelijk onbehagen, het gevoel niet gezien en gehoord te worden en de behoefte aan meer inspraak, nu weer van een andere kant van het spectrum komt. Dat is een gemiste kans.

De bespiegeling bewaart Janssen voor het laatste hoofdstuk 'You say you want a revolution', een citaat uit het nummer Revolution van The Beatles, dat ook deel uitmaakt van de Spotify-playlist die de auteur bij dit boek samenstelde.

Ze wilden een revolutie, ze kregen een revolutie, maar aan het eind van het onrustige 1968 viel alles weer in de groef. Omdat de macht net op tijd een beetje meebewoog (Frankrijk), net op tijd keihard terugsloeg (Praag), of omdat de onlusten juist veel diepere kloven blootlegden (VS) die tot op de dag van vandaag niet gedicht zijn en zelfs dieper zijn geworden.

Er is sinds 1968 natuurlijk wel iets veranderd, daar ben ik zelf bij geweest. Werd mijn moeder vanwege haar zwangerschap in 1968 nog ontslagen, nota bene bij de AVRO die het liberale adagium 'laisser aller' blijkbaar letterlijk nam, toen drie jaar later mijn zusje werd geboren, mocht ze blijven.

En soms verandert er niets. Lyndon B. Johnson, president van de Verenigde Staten van 1963-1969, pochte tegen wie het maar wilde horen over de omvang van zijn geslacht en testikels en probeerde zelfs een speciale douche te laten installeren in het Witte Huis in verband met zijn 'Jumbo'. Dat zou een verhaal kunnen zijn dat gisteren in de krant stond. Of vandaag.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden