BESCHOUWINGRockmuziek op klassieke instrumenten

Rockmuziek is prima geschikt voor klassieke instrumenten – maar gooi eerst de partituur uit het raam

Beeld Elzeline Kooy

Scheurende cello’s en ronkende violen: klassieke bewerkingen van rocksongs zijn bijzonder populair. De Volkskrant zet de interessantste op een rij.

Was het toeval of moest het zo zijn? Op 6 oktober overleed Edward (‘Eddie’) Van Halen. De gitarist die zijn kinderjaren doorbracht in de Nijmeegse Rozemarijnstraat en als genaturaliseerde Amerikaan zou uitgroeien tot de grootste gitaarvernieuwer sinds Jimi Hendrix, werd 65 jaar oud.

Laat nou net die maand de release gepland staan van het nieuwe album van violist Tjeerd Top (42). Anderhalf jaar eerder had hij een hommage aan Van Halen opgenomen. Top, plaatsvervangend concertmeester van het Concertgebouworkest, bewerkte Eruption, de legendarische 1 minuut en 42 seconden durende solo van Van Halens debuutplaat, voor viool. Het werd de opener van Tops album Fragile.

Dat album (op cd én vinyl) is er dus nu. Naast werk van Van Halen staan er nummers op van onder meer Muse, Led Zeppelin en de Red Hot Chili Peppers. Het past in een trend: de laatste jaren zie je opvallend vaak bewerkingen van pop- en rocknummers op albums van klassieke musici, al dan niet ingeklemd tussen de canonieke componisten. Die nummers worden vaak vrijwel noot voor noot uitgeschreven en nagespeeld. Kortom: ze worden behandeld alsóf het klassieke muziek is.

De tijd dat er in klassieke kringen neerbuigend werd gesproken over pop, is voorbij. De term ‘lichte muziek’ raakt op conservatoria in onbruik. Een keiharde hiërarchie tussen de genres is er voor Top en vele gelijkgestemde generatiegenoten niet. Ze zijn opgegroeid met Vivaldi én luisterden van jongs af aan naar pop en rock (toegegeven: wel vaak van het wat complexere soort), en ze voelen zich niet langer geremd om die liefde te delen.

Maar werkt het ook, popmuziek, rock op ‘klassieke’, akoestische instrumenten? En zo ja: waar ligt dat dan aan? We bespreken zeven verklassiekte uitvoeringen.

1. Tjeerd Top - Eruption

Het duurt even voordat je het doorhebt, maar vanaf de snelle arpeggio’s (akkoorden die noot voor noot worden gespeeld) is het onmiskenbaar dé solo (oké, die bijdrage op Michael Jacksons Beat It mag er ook zijn) van Eddie Van Halen – maar dan zonder Marshall-versterker op de hoogste stand, en op een Stradivarius. Wat deze versie zo gaaf maakt, is dat Top niet alleen oog heeft voor het toonmateriaal, de ongeschreven noten, maar ook voor de sound: hij doet er alles aan om de bijgeluiden van de originele opname na te bootsen.

Top imiteert het gepiep met flageoletten en laat zijn toon rauw verkleuren door dichter tegen de kam aan te strijken. Waar Van Halen op het slot zijn tremoloarm inzet (de hendel aan de gitaar waarmee je de spanning van de snaar en dus de toon kunt verlagen of verhogen), horen we Top aan zijn stemmechaniek draaien voor een duikvlucht van g naar e.

Toch ontbreekt er iets. Je kunt dit nog zo hard afspelen, je onderbuik trilt niet mee. Het mitrailleurachtige snelle aanslaan (shredden) is onmogelijk na te doen met een strijkstok. En in die passage met de arpeggio’s (in het origineel vanaf ongeveer 55 seconden) is de grap nou juist dat Van Halen een soort barokke vioolfiguur imiteert. Hij doet dat door met beide handen op de gitaarhals te spelen (two-hand tapping): door zijn vingers snel tegen de snaar te drukken en die er weer af te laten ketsen, zorgt hij voor een ononderbroken notenstroom. Op de gitaar klinkt het, kortom, bijzonderder.

2. Tjeerd Top - Stairway to Heaven

Ook op de plaat: Stairway to Heaven van Led Zeppelin. Inderdaad: deze muziek doet op sommige momenten best klassiek aan. In het intro is er sprake van contrapunt: we horen twee muzikale lijntjes tegen elkaar ingaan. Maar het geheel voelt wel wat onrustig. Als een violist Bach speelt, accepteren we dat hij of zij af en toe wat tijd rekt, vrijheid neemt in het tempo – dat hoort bij het idioom. En bij het idioom van rock hoort een beat, strakheid. Als je niet met je voet mee kunt tikken, blijkt er toch iets essentieels weg te vallen.

Verder niets dan lof. Van Porcelain, een bagatelle op het comebackalbum Californication van de Red Hot Chili Peppers uit 1999, weet Top echt wat bijzonders te maken. Maar hoe goed hij viool kan spelen, hoor je pas echt als hij aan Paganini of Ysaÿe begint.

In de afspeellijst hieronder kun je de originele opnamen met de besproken ‘verklassiekte’ versies vergelijken.

3. Orbi – Fight Fire with Fire

Liefhebbers van metal houden ook vaak van zware symfonische muziek, en vice versa. Wie kickt op volume en complexiteit, vindt die in beide genres. Een groep die dat al vroeg begreep, is Metallica, dat dit jaar zijn tweede album uitbracht met het San Francisco Symphony.

De riffs van Metallica blijken ook geliefd bij ensembles – denk aan het Finse Apocalyptica, dat met vier cellisten een coverband begon. Maar de allerbeste Metallica-vertolking ooit (nee, geen chauvinisme) komt gewoon uit Nederland. De debuutplaat van Orbi (The Oscillating Revenge of the Background Instruments) behaalde vorig jaar een keurige 37ste plaats in de lijst beste platen van 2019 volgens de Volkskrant. Vooral dankzij Fight Fire with Fire.

Het is sowieso een goed gekozen nummer, met barokkerig intro. Maar dat fagot (Bram van Sambeek), contrabas (Rick Stotijn), hammondorgel (Sven Figee) en slagwerk (Marijn Korff de Gidts) samen zó gruwelijk hard konden klinken, hadden we niet verwacht. Fagottist Van Sambeek kopieerde de solo’s van gitarist Kirk Hammett tot op de nanoseconde nauwkeurig, de distortion maakte hij, zonder effecten, gewoon met zijn mond, toch blijft er iets van de rijkdom overeind. Na het horen van Van Sambeek, klinkt die oorspronkelijke opname ineens heel plat.

4. Sheku Kanneh-Mason – No Woman, No Cry

De albums van Orbi en Tjeerd Top zijn verschenen op kleine labels, maar ook de majors zien een gat in de markt. De Britse cellist Sheku Kanneh-Mason (21) werd in 2015 bekend toen hij met zijn muzikale familie meedeed aan het tv-programma Britain’s Got Talent. In 2018 werd hij nog beroemder toen hij optrad op de trouwerij van Meghan Markle en prins Harry. Op zijn debuutalbum bij Decca moest wel iets komen te staan wat zou aansluiten bij een groot publiek, dus werd het Eerste celloconcert van Dmitri Sjostakovitsj gekoppeld aan No Woman, No Cry van Bob Marley.

No Woman, No Cry is reggae voor mensen die niet van reggae houden: het kenmerkende ritme, lastig te realiseren op cello, ontbreekt. Het is een ballad met een geijkt melancholisch akkoordenschema (C-G-a-klein-F) en een dalend baslijntje. De melodie is al even eenvoudig.

Wat doet Kanneh-Mason ermee? Hij houdt de begeleiding nog soberder, waardoor de melodie meer nadruk krijgt. Slim, want dan komt het aan op de kwaliteit van zijn toon en zijn subtiele timing. Halverwege brengt hij contrast aan als hij de melodie in gearpeggieerde akkoorden verpakt. Het werkt omdat Kanneh-Mason uitgaat van zijn eigen kwaliteiten, en van die van zijn instrument.

5. 2cellos – Welcome to the Jungle

Wat de cello voor heeft op een heleboel andere instrumenten, is het bereik: je kunt er hoog en laag mee, je kunt de menselijke stem imiteren. Ook voor een stevige gitaarriff heeft de cello genoeg body. En als het om gitaarriffs-op-cello gaat, moet je bij het Kroatisch-Sloveense 2cellos zijn.

Een beetje een fremdkörper in deze lijst is het duo wel. Hun niche is: hits spelen. Hun arrangementen leunen sterk op het feest van herkenning, show staat voorop en op hun platen fungeren fragmentjes Vivaldi of Beethoven juist als tussendoortjes. Maar zeg nou zelf: hun versie van Welcome to the Jungle (origineel: Guns N’ Roses) heeft een heerlijk ritme om eens lekker aan lianen te gaan slingeren.

6. The Section Quartet – No One Knows

Strijkkwartetten hebben niet te klagen over de reikwijdte van hun repertoire. Toch zie je dat juist veel kwartetten naar popbewerkingen neigen. Het begon met het Amerikaanse Kronos Quartet, dat Purple Haze van Jimi Hendrix op plaat zette. Het Nederlandse Zapp 4 wijdde een plaat aan Radiohead. Als je als popartiest een kwartet nodig hebt om je te begeleiden, bel je het eveneens Nederlandse Red Limo String Quartet, dat onder meer Pearl Jam-zanger Eddie Vedder bijstond op tournees.

Interessant, maar niet honderd procent bevredigend, is The Section Quartet, dat wel van effecten gebruikmaakt. Dit kwartet leverde in 2007 een album af, Fuzzbox, met onder meer tracks van Soundgarden en (daar heb je ze weer) Led Zeppelin en Muse.

Beeld Elzeline Kooy

Draai van dat album eens het nummer No One Knows (Queens of the Stone Age), exemplarisch voor wat er bij veel klassieke musici nog misgaat (als je dat zo wilt zien) wanneer ze de overstap maken naar de pop. Wie zijn hele leven gewend is geweest om van blad te spelen en altijd te horen heeft gekregen dat een c ook echt een c moet zijn (loepzuiver dus), zal sneller geneigd zijn om een melodie in concrete, duidelijk afgebakende noten te gieten, terwijl de spanning in veel zanglijnen en gitaarsolo’s in de rock en blues juist voortkomt uit het feit dat er tegen de noot aan wordt geïntoneerd.

7. Quatuor Ébène – Come Together

Dat het repertoire van The Beatles een onuitputtelijke bron voor arrangeurs is, zal niemand verbazen. Onlangs kwam er weer een uitstekende Beatle-bewerking bij. Voor de Cello Biënnale, die onlangs helaas alleen online doorging, smeedde componist David Dramm het album Sgt. Pepper’s Lonely Hearts Club Band om tot een serie instrumentals voor het Amsterdamse Cello Octet. Recensent Frits van der Waa gaf vijf sterren. Was je door honderden keren luisteren immuun geworden voor de talloze details en subtiliteiten, juist door de bewerking kwamen ze weer naar voren.

De livestream is helaas wegens rechtenbeperkingen niet meer terug te zien. Gelukkig kunnen we nog wel eindeloos luisteren naar de strijkkwartetbewerking van Come Together door het Franse topkwartet Quatuor Ébène (van het album Fiction uit 2010). Steady gespeeld, het swingt, flitsende solo, maar het strijkkwartet behoudt zijn gloedvolle klank.

Misschien moeten we ons sowieso eens gaan afvragen of het nog houdbaar is om klassieke muziek te zien als een verzameling composities van mensen die noten hebben uitgeschreven op papier. En moeten we The Beatles gewoon tot de klassieken rekenen.

Verdienmodel

Er zijn inmiddels tal van ensembles die van het bewerken van pophits hun verdienmodel hebben gemaakt. Gelikt en vooral uiterst productief is het Amerikaanse Vitamin String Quartet, dat eigenlijk eerder een bedrijf is waar verschillende muzikanten en producers bij betrokken zijn. Al jaren worden er onder deze naam albums uitgebracht met de grootste hits van het jaar, het repertoire reikt van Lana del Rey tot Slayer.

Lees verder

Orbi speelt metal op klassieke instrumenten – en nog goed ook. Lees hier ons interview.

Hoe is het om als beroemdste metalband samen te spelen met een symfonieorkest? We spraken Metallica-bassist Robert Trujillo.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden