Boekrecensie Biograaf Robert Caro

Robert Caro geeft een prachtige masterclass biografieschrijven ★★★★☆

Beeld Olivier Heiligers

Hoe verleid je lezers om vijf vuistdikke delen over het leven van één Amerikaanse president te lezen? In Working geeft Robert Caro, biograaf van Lyndon B. Johnson, een prachtige masterclass biografieschrijven. 

Al ruim veertig jaar houdt de Amerikaanse schrijver en journalist Robert Caro (85) zich bezig met het leven van één man, Lyndon B. Johnson, de 36ste president van de Verenigde Staten (van 1963 tot 1969). Johnson zette met de Civil Rights Act in 1964 en de Voting Rights Act in 1965 de kroon op de burgerrechtenbeweging, kondigde een Great Society aan waarin armoede en sociale deprivatie niet meer zouden bestaan, beloofde militaire veteranen een zorgeloos pensioen en stuurde hun zonen vervolgens massaal naar Vietnam. In Nederland scholden we Johnson in 1967 uit voor ‘molenaar’, omdat ‘Johnson, moordenaar’ vanwege belediging van een bevriend staatshoofd niet mocht. Amerikanen herinneren zich hem meer en meer als de progressiefste president die de Verenigde Staten na Franklin Delano Roosevelt hebben gehad, al zal die nagedachtenis altijd worden overschaduwd door Vietnam. (En het blijft een rotzak, natuurlijk.)

In de eerste vier delen van zijn biografie schetst Caro het portret van een boerenkinkel uit Texas die zich met een niets en niemand ontziende ambitie wist te ontworstelen aan zijn armoedige afkomst. Als senator en majority leader zette hij het Congres naar zijn hand zoals nog nooit iemand had gedaan. Tijdens zijn vicepresidentschap onder de Kennedy’s was hij doodongelukkig, een geminachte zuiderling die een verkeerde afslag had genomen in zijn politieke carrière. Zijn klinische depressie verdween als sneeuw voor de zon op 22 november 1963, toen hij in het vliegtuig van Dallas naar Washington DC beëdigd werd als president. Naast hem stond Jackie Kennedy, in een mantelpakje van Chanel waarop de bloedvlekken nog te zien waren.

Het vijfde en laatste deel, over het presidentschap, de Great Society en het debacle in Vietnam, moet nog verschijnen. Menigeen houdt zijn hart vast. Zal Caro, 85 inmiddels, het project weten te voltooien? 

Caro neemt de mondiale zorgen om zijn gezondheid geamuseerd waar in zijn onlangs verschenen boek Working, dat allerminst de pretentie heeft zijn memoires te zijn. Die zal hij pas schrijven nádat hij zijn biografie van Lyndon B. Johnson heeft voltooid. Working is in de eerste plaats een kijkje in de keuken van de biograaf. Hoe doe je dat, een meesterwerk schrijven?

Beeld Vintage Publishing

De merkwaardigste onthulling van Working staat meteen in de eerste alinea van het eerste hoofdstuk. Eigenlijk is Caro nauwelijks geïnteresseerd in het persoonlijke wel en wee van zijn protagonisten. Hij heeft nooit de ambitie gehad de geschiedenis van grote mannen te schrijven. Caro is geïnteresseerd in wat ze representeren: politieke macht. Hoe komt macht tot stand en wat moet je psychische gesteldheid zijn om die naar behoren uit te oefenen? Uiteindelijk is het hem te doen om de vraag hoe politieke macht ingrijpt in het dagelijks leven van mensen. Caro, een Pools-Joodse immigrantenzoon, zal daarbij altijd de kant van de underdog kiezen. Ook daarover gaat Working.

Vernieuwer van de biografie

In 1974 vestigde Caro zijn reputatie als vernieuwer van de biografie; niet met zijn serie over Johnson, maar met The Power Broker. In dat boek over Robert Moses, de projectontwikkelaar die het aanzien van New York voorgoed veranderd heeft en daarvoor over lijken ging, brak Caro met alle conventies van het genre. Caro maakte gebruik van literaire stijlmiddelen als de flashback en de flashforward om zijn verhaal te vertellen. Het was alsof hij de lessen van Truman Capote en Tom Wolfe in één boek had samengebald. Het verstandshuwelijk tussen fictie en non-fictie, sowieso een constante in de Amerikaanse letteren, had in The Power Broker een liefdesnest gevonden. Faction deed het met New Journalism. Het resultaat was een adembenemend relaas van ruim duizend pagina’s over het drama van de stadsvernieuwing in New York. Moses bouwde zeven bruggen die van New York één metropool maakten. Vrijwel alle stadsparkjes in New York, Central Park daargelaten, komen uit zijn koker. Hij was ook verantwoordelijk voor de expressway waarvoor complete wijken zijn vernietigd. Daarbij zette hij gettovorming bewust in als pressiemiddel om buurtbewoners te verjagen.

Caro heeft hemel en aarde bewogen om dat verhaal op papier te krijgen. In Working vertelt hij over de tegenwerking van Moses en zijn inner circle, maar ook over zijn bij tijd en wijle verbijsterende onverzettelijkheid. Caro nam ontslag als journalist bij Newsday om zijn biografie van Robert Moses te schrijven. Na twee jaar was het spaargeld op. Echtgenote Ina Caro-Schlossberg verkocht hun riante woning op Long Island, opdat manlief het project kon voltooien. Het stel betrok met hun zoontje een armetierig appartement in de Bronx. Inmiddels zijn van The Power Broker meer dan 400 duizend exemplaren verkocht, en van The Years of Lyndon Johnson ruim 1,2 miljoen.

Caro is de nestor van de Amerikaanse onderzoeksjournalisten die zich zijn gaan toeleggen op het schrijven van biografieën. Na hem volgden Kitty Kelley, Walter Isaacson, James Atlas, David Maraniss, John A. Farrell – stuk voor stuk biografen van naam die weliswaar academisch geschoold zijn, maar die de finesses van het vak bij de krant hebben geleerd. In Working tref je geen academische discussie aan over de ‘betrekkelijkheid van waarheid in het postmoderne tijdperk’ of de verplichting van een wetenschappelijk verantwoorde annotatie van je bronnenmateriaal. Working gaat over het belang van pijnlijke stiltes tijdens een interview: een beetje gesprekspartner wil die hoe dan ook opvullen, waardoor hij vroeg of laat uit de school klapt. 

En over de waarde van empirisch veldonderzoek. Een jaar lang, vertelt Caro, maakte hij elke dag dezelfde wandeling die de jonge Lyndon B. Johnson maakte, van zijn hotel bij Union Station naar de Capitol Hill in Washington DC. Hij wilde begrijpen waarom Johnson iedere ochtend buiten adem op zijn kantoor arriveerde  – want het laatste stuk van zijn route rende hij. Caro vat de betekenis van dat sprintje pas als hij ook het tijdstip van Johnsons wandelritueel overneemt. De boerenzoon uit Texas, gewend om met het krieken van de dag op te staan en aan het werk te gaan, zag iedere ochtend hoe het Capitool door de opkomende zon in lichterlaaie werd gezet. Dat moment wilde hij voor geen goud missen.

Verhuizen naar Texas

Voor de biografie van Lyndon B. Johnson verhuisden de Caro’s in 1978 naar Johnson City in de Hill County van Texas, het boerengat van nauwelijks 300 inwoners waar Johnson was opgegroeid. Caro werd gedreven door het obsessieve verlangen de jeugd van Johnson te begrijpen. Tijdens zijn interviews kreeg hij te maken met een gemeenschap die het achterste van haar tong niet liet zien. De dorpsgenoten van de voormalige president zaten niet te wachten op de zoveelste journalist ‘uit het noorden’ die kwam vragen hoe Johnson zich had weten te ontworstelen aan hun armoedige en achterlijke bestaan. 

Dus besloot Caro een van hen te worden, door er te gaan wonen. Ina maakte indruk met haar ingelegde vijgen; de vrouwen van het dorp namen haar in vertrouwen en vertelden over het gebrek aan medische zorg tijdens hun bevallingen. En ze zeiden dat Johnson een hufter was, als kind al. Gewetenloos. Meedogenloos. Volgens jongste broer Sam Houston Johnson wilde Lyndon maar één ding: niet op zijn vader lijken. (Uiterlijk waren ze als twee druppels water.) Samuel Ealy Johnson had het schamele familiekapitaal geïnvesteerd in de volkomen onvruchtbare aarde van de voormalige Johnson Ranch van zijn voorouders, de ranch waaraan het plaatsje zijn naam te danken had. De goedlachse, welbespraakte en altijd optimistische Sam ging in 1922 failliet. Hij stierf op 60-jarige leeftijd als een berooid en gebroken man.

Toen Lyndon Johnson in 1931 als senaatsmedewerker met een kartonnen koffer en een confectiepak in Washington aankwam, wist hij niet hoe hij een bankrekening moest openen, want die had hij nog nooit nodig gehad. Ergens onderweg moest hij besloten hebben nooit zo naïef als zijn vader te worden. Daarom verzekerde hij zich vooraf van een gunstige stemronde in het Congres – door stemmen te kopen. Johnson wist precies hoe de ‘Ayes’ en de ‘Nays’ zouden uitvallen; hij is zo’n beetje de uitvinder van de lobby in de Senaat. Vertrouwen in een goede afloop is voor de dommen en kortzichtigen. Dat was de levensles van zijn jeugd die hij als politicus verzilverd heeft.

Hoe verleid je de lezer een seriële biografie van één president te lezen, waarvan ieder deel ruim duizend pagina’s beslaat? In Working legt Caro het uit: door hem te betoveren, van de eerste zin tot de laatste, en dat is een kwestie van ritme, stijl, een vleugje Hemingway (zijn favoriete schrijver) en feiten, heel veel feiten. Hoe het ruikt in Hill County. Wat de namen zijn van de straten als je van punt A naar punt B gaat. Dat Lyndon B. Johnson behoorlijk uit zijn mond stonk, als hij intimiderend voor je stond.

Biografieschrijven, zo betoogt Caro in Working, gaat niet alleen over de tijd, maar ook over de ruimte waarin een bestaan zich heeft afgespeeld. Tijd en plaats zijn het yin en yang van de biografie. Na het lezen van Working – Researching, Interviewing, Writing hoop je maar één ding: dat Robert Caro de tijd van leven krijgt om het laatste deel van zijn Johnsonbiografie te voltooien, zodat hij vervolgens aan zijn memoires kan beginnen.

Robert A. Caro: Working – Researching, Interviewing, Writing 

Vintage Publishing; 240 pagina’s; € 19,99.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden