Postuum Robby Müller (1940 - 2018)

Robby Müller (1940 - 2018) had een fluwelen camerastijl en een voorkeur voor expressief neonlicht

De Nederlandse cameraman Robby Müller (1940-2018) was bepalend bij het beste werk van grote cineasten als Wim Wenders, Lars von Trier en Jim Jarmusch.

Robby Müller tijdens de opnames voor When Pigs Fly Foto Gehner

Er bestaan veel fraaie anekdotes over de dinsdag op 78-jarige leeftijd overleden cameraman Robby Müller. De Nederlander was director of photography van meer dan zeventig filmtitels, waaronder meesterwerken als Paris, Texas (1984), Down by Law (1986) en Breaking the Waves (1996). Die verhalen gaan vaak over hoe licht- en kleurgevoelig Müller was, en dat hij nooit wilde bepalen waar de camera moest staan vóór hij daadwerkelijk op de set stond. Zo vertelde Jim Jarmusch in de Volkskrant ooit over die keer dat hij met Müller stond te wachten op de ondergaande zon, op de set in Memphis. De Amerikaanse regisseur drentelde nerveus rond, keek voortdurend op z’n horloge: wanneer begonnen ze? ‘Robby schoot in de lach, rolde nog een sigaret. Jim, zei hij, je kúnt het licht niet beoordelen door op je horloge te kijken.’

Müller leerde de jongere Jarmusch filmen zonder storyboards. Precies zoals de Nederlander gewend was te werken met Wim Wenders, de Duitse cineast met wie hij dagenlang rondreed door het Duitse en Amerikaanse landschap, voor hun roadmovies Alice in den Städten (1974) en Paris, Texas (Gouden Palm, 1984). Op zoek naar dat ene pension met het juiste neonlicht, of dat ene zonderlinge verkeersplein. Voor zijn en Jarmusch’ alternatieve western Dead Man (1995), met Johnny Depp in de hoofdrol, bestelde Müller vanwege de fijne zilverachtige glans oude blikken zwart-wit filmmateriaal die al uit de handel waren. Ook schuwde de cameraman elk clichébeeld: werd het westernplaatje te perfect, de wildernis te briefkaartachtig, dan filmde Müller gewoon pal de andere kant op. Harvey Weinstein bezat de distributierechten van Dead Man en vond het maar niks. De studiobaas eiste dat er rigoureus in de film werd geknipt, en dumpte de prachtwestern toen Jarmusch dit weigerde.

De op Curaçao geboren zoon van een Shell-ingenieur spendeerde zijn jeugd voor een deel in Indonesië. In 1953 verhuisde het gezin naar Amsterdam. Daar doorliep Müller de Filmacademie en studeerde af op camera en montage. ‘Ik kwam hier niet aan de beurt’, zei hij ooit over de periode daarna. In Duitsland, waar jonge filmmakers toen furore maakten, lag dat anders. Müller draaide in zijn carrière slechts een paar Nederlandse speelfilms, waaronder de gloedvolle Mulisch-verfilming Hoogste Tijd van Frans Weisz, uit 1995. Het bleek een frustrerende, maar ook vruchtbare samenwerking: theaterman Weisz wil liefst uitpakken met een bak licht, Müller juist niet.

Toen curator Jaap Guldemond in 2016 de grote Robby Müller-tentoonstelling Master of Light samenstelde voor het Eye-filmmuseum, spitte hij in de Amsterdamse woning van de cameraman ook door diens netjes bewaarde filmscripts. En viel hem op dat die eruitzagen alsof ze nauwelijks waren ingezien: geen aantekeningen, geen onderstrepingen. Kleurstelling, belichting, kadrering – Müller bepaalde het onderweg, of in gesprek met de regisseur.

Fluwelen camerastijl

De in 2013 door de American Society of Cinematographers (ASC) met een award voor zijn grote internationale verdienste geëerde Müller is vaak geprezen om zijn fluwelen camerastijl en voorkeur voor betoverend zacht en expressief neonlicht, maar hij schroomde ook niet om heel anders te filmen als het zo uitkwam. Lars von Trier vroeg de Nederlander met een handheld digitale camera te filmen voor zijn melodrama Breaking the Waves; die losse cameravoering brak de filmtaal midden jaren negentig open. 

Müller draaide voor de Deense cineast ook de Palmwinnaar Dancer in the Dark, waarvoor de set met zangeres en actrice Björk werd volgehangen met honderden kleine camera’s. Documentairemaker Claire Pijman sprak Von Trier voor haar portret van de cameraman, Living the Light; een film die dit najaar in première moet gaan. ‘De meeste grote directors of photography met wie ik werkte, gedroegen zich als koningen op de set’, zei Von Trier. ‘Hun aanwezigheid en grapjes waren belangrijk. Robby was niet zo. Robby sloop rond.’

Omstreeks 2004 legde Müller noodgedwongen zijn vak neer: vasculaire dementie hinderde hem steeds ernstiger bij het praten. Hij bracht zijn laatste jaren door in een rolstoel, verzorgd door zijn echtgenote Andrea Müller. Juist in die latere jaren regende het onderscheidingen en prijzen voor de cameraman (o.a. de Bert Haanstra Cultuurprijs), die in Nederland lange tijd minder bekend was dan in de internationale filmgemeenschap – veel Nederlanders veronderstelden dat hij Duitser was, ook vanwege die achternaam. 

Ondanks het weggevallen spraakvermogen liet Müller zich zo af en toe nog interviewen, bijgestaan door zijn vrouw, die alles kon opmaken uit zijn blik en gebaren. Ook de in Amsterdam woonachtige Britse filmer, kunstenaar en Oscarwinnaar Steve McQueen (12 Years a Slave) bezocht Müller nog geregeld en bewonderde hem zeer. Samen namen ze een aantal korte films op, van een speelfilm kwam het niet meer. Toen hij hem nog niet zo lang kende, vroeg de Brit aan Müller wat nu eigenlijk het geheim van zijn techniek was. McQueen, in een interview met de Volkskrant: ‘Hij antwoordde dat je moet filmen zoals een kat op een tafel springt: met precies genoeg moeite en inzet. Niet meer, niet minder.’

Robby Müllers camera is aangenaam overdonderend

Eind 2016 toonde filmmuseum EYE Meester van het licht – Robby Müller. Op deze tentoonstelling vertelden regisseurs die met de Nederlandse cameraman hebben gewerkt – onder wie Wim Wenders, Jim Jarmusch en Lars von Trier – wat hem zo goed maakt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.