Rik van de Westelaken napraten met je handen, hoe doe je dat?

Waarom lezen dove tv-kijkers niet gewoon de ondertitels? 'Voor dove mensen is niet het Nederlands, maar de Nederlandse gebarentaal de moedertaal', verklaart Sebastiaan Boogaard (33) het nut van zijn werk als gebarentolk bij het NOS Journaal. De Volkskrant sprak met hem.

Sebastiaan Boogaard kwam het afgelopen jaar veelvuldig voorbij in De TV Draait Door, de rubriek in DWDD. Hij mocht er zelf over vertellen in de oudejaarsuitzending van het programma. Beeld Twitter

'Gebarentaal leren is voor mij een vorm van therapie geweest. Toen ik tijdens mijn studie psychotherapie met een herseninfarct in het ziekenhuis belandde, wilde ik mezelf afleiden met een nieuwe uitdaging. Ik was een tijd lang linkszijdig verlamd en kon niet praten. Dat ging gelukkig over, maar van gebarentaal heb ik uiteindelijk mijn werk gemaakt. 'Sinds twee jaar ben ik een van de vijf tolken bij het NOS Journaal en het Jeugdjournaal.

'Als ik dienst heb, een à twee keer per week, gaat de wekker om kwart voor vier. Vanuit Gorinchem rijd ik naar Hilversum, waar ik om half zes aanwezig ben in de studio. Ik kijk altijd eerst wie de nieuwslezer is, dan weet ik welke stem ik moet verwachten. 'Een favoriet heb ik niet, maar het spreekritme van de een ligt mij beter dan dat van de ander. Van Simone Wijmans en Dionne Stax weet ik bijvoorbeeld onbewust precies wanneer ze hun zinnen beginnen en eindigen. Rik van de Westelaken last bijvoorbeeld altijd onbewust een korte pauze in voor het uitspreken van een ingewikkeld getal. Hoe consequent ritmischer de intonatie van een nieuwslezer, hoe prettiger het voor mij wordt.

'Ik kan er niks bij hebben'
'Vlak voor het journaal begint, heb ik kort overleg met de regie. Waar gaat het nieuws over, wat wordt in beeld gebracht en wat niet? Zo kan ik mij voorbereiden op een passende vertaling. Ik hoor het nieuws live en vertaal het direct. De autocue zet ik uit, dat leidt mij alleen maar af. Ik kan er niks bij hebben.

'In gebarentaal moet je zinnen visueel logisch opbouwen. Ik kan de tekst van de nieuwslezer daarom niet letterlijk vertalen. In het Nederlands zeg je 'Ik zet het kopje op de tafel'. Een doof persoon denkt: als je geen tafel hebt en je zet het kopje neer, dan valt het op de grond. In gebarentaal zet je dus eerst een tafel neer, dan een kopje, hop, erbovenop. Nog zo'n voorbeeld: ik moet eerst een dorpje uitbeelden voordat een orkaan dat dorpje kan wegvagen. Vaak loop ik een aantal seconden achter, soms zelfs heel veel seconden, maar met één gebaar kan ik weer helemaal bij zijn.

'Ik word gecoacht door het Nederlands Gebarencentrum. Stel, ik heb in het eerste journaal het verkeerde gebaar voor Poetin gebruikt. Dan sturen zij via WhatsApp een video met het juiste gebaar, zodat ik me in het volgende journaal kan verbeteren. Ze bedenken ook gebaren voor nieuwe woorden, zoals laatst voor de tyfoon Haiyan.

'Het NOS Journaal met gebarentolk heeft veel meer kijkers dan dat er doven zijn in Nederland. Sommige mensen vinden het fijn om de dingen die ze horen visueel ondersteund te zien. De meeste horenden vinden het gewoon grappig. Niet voor niets heb ik al verschillende keren De TV Draait Door gehaald. Als de nieuwslezer een hoestbui heeft of zich verslikt, moet ik ook kuchen en me verslikken. En scheldwoorden of een Brazilian wax uitbeelden kan best genant zijn.

Ondertiteling?
'Maar dove mensen kunnen toch gewoon lezen, hoor ik vaak. Waarom zetten ze niet gewoon de ondertiteling aan? Voor dove mensen is niet het Nederlands, maar de Nederlandse gebarentaal de moedertaal. Het is een losstaande taal met een eigen grammatica. Bovendien missen doven een auditief geheugen, waardoor woorden en zinnen lastig te begrijpen zijn. Als ze de krant of ondertiteling lezen, gaat dat langzamer dan wanneer een tolk vertaalt. Ze scannen eerst op zelfstandige naamwoorden die ze kennen en dan op werkwoorden. Vervoegingen en voorzetsels gebruik je niet in de gebarentaal.

'Helaas zit alleen in de ochtendjournaals een tolk. Bij belangrijk nieuws later op de dag stuur ik weleens gebarenfilmpjes naar de doven in mijn netwerk. Dat netwerk is best groot, want naast mijn werk bij de NOS tolk ik ook bij privégelegenheden, van ballonvaarten tot slechtnieuwsgesprekken. Ik vind het belangrijk om doven te betrekken bij wat er in de wereld gebeurt. Op zo'n moment ben ik het oor van de dove.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.