Rijk geeft weer roofkunst terug

Claim erven Duitse kunstverzamelaar Larsen gehonoreerd...

AMSTERDAM Opnieuw gaat het Rijk schilderijen uit Nederlandse musea teruggeven aan erven van Joden die tijdens de oorlogsjaren onder druk kunst hebben afgestaan aan de nazi’s. De zogenoemde restitutiecommissie, die de regering adviseert over roofkunst, vindt dat de claim van nabestaanden van de Joodse verzamelaar Hans Ludwig Larsen op twaalf werken gehonoreerd moet worden.

Tegelijkertijd oordeelt de commissie dat de erven van de kunsthandelaren Nathan en Benjamin Katz uit Dieren geen recht hebben op ruim 30 van de 227 schilderijen die ze opeisen. Er is onvoldoende bewijs dat deze werken tijdens de bezetting daadwerkelijk hun eigendom waren. Minister Plasterk van Cultuur maakte gisteren bekend de adviezen over te nemen.

Tot de werken die terug moeten naar de kleinkinderen van Larsen behoren Dorp in de winter (1626) van Jan van Goyen uit het Mauritshuis, Boeren op een wagen van Pieter Breughel de Jonge uit het Bonnefantenmuseum in Maastricht en Vrolijk gezelschap op terras in tuin (midden 17de eeuw) van Dirck Hals uit het Frans Hals Museum in Haarlem. Volgens de commissie staat vast dat de verzamelaar, voor de oorlog eigenaar van een onderneming in de chemicaliën, onvrijwillig zijn bezittingen heeft verloren.

De Duitser Larsen woonde sinds 1930 in Wassenaar. Hij overleed in 1937. Zijn gezin week twee jaar later uit vrees voor de nazi’s naar de Verenigde Staten. De kunstcollectie werd in bruikleen gegeven aan het museum De Lakenhal in Leiden. Een kunstinkoper van Hitler, Erhard Göpel, kocht in 1943 negen doeken aan, drie werken werden geveild. Na de oorlog kwamen ze in handen van de Stichting Nederlands Kunstbezit.

De erfgenamen moeten voor de twaalf schilderijen wel 325 duizend euro betalen, de huidige waarde van het bedrag dat er destijds voor is betaald – prijzen die ruim onder de taxatiewaarde lagen. Overigens verklaren de erven dat zij de opbrengsten van de verkoop nooit hebben ontvangen. De werkelijke waarde zou nu een veelvoud van het gevraagde bedrag zijn.

De musea, die de werken in bruikleen hebben, betreuren het verlies van de schilderijen, maar tonen begrip. Een woordvoerster van het Mauritshuis: ‘Als het bezit onrechtmatig is, moet dat worden rechtgezet.’ Het Bonnefanten ziet naast de Breughel ook een 16de eeuws stuk van Bernard van Orley en een Florentijns portret vertrekken. Conservator oude kunst Lars Hendrikman: ‘Het is een aderlating, ze hangen alle drie op zaal. Maar van bruiklenen weet je dat ze kunnen worden opgevraagd.’ Directeur Karel Schampers van het Frans Hals zegt ‘buitengewoon verdrietig’ te zijn. De Dirck Hals is onlangs gerestaureerd. ‘Maar de afweging zal in alle eerlijkheid zijn gemaakt.’ Ook directeur Daniëlle Lokin van de Gemeentemusea Delft, die twee werken van de spijker moeten halen, zegt de beslissing te respecteren.

Dat de erven Katz na een eerste selectie gedeeltelijk bot hebben gevangen bij de commissie, komt niet als een verrassing. Rudi Ekkart, hoofd van het Bureau Herkomst Gezocht, verklaarde twee jaar geleden na het bekend worden van het verzoek om teruggave, dat de claim ‘merkwaardig’ en ‘slordig’ was. Op de lijst stonden werken die de Dierense kunsthandel al in de jaren dertig had verkocht. De restitutiecommissie stelde ook vast dat er schilderijen zijn opgevoerd waarvoor Katz slechts als bemiddelaar optrad. In andere gevallen kon het eigendom niet ‘in hoge mate aannemelijk’ worden gemaakt. De erven aasden tevergeefs op onder meer Duinachtig landschap van Jan van Goyen in De Lakenhal, Italiaanse comedianten op een plein in Keulen van Gerrit Berckheyde in het Museum voor Moderne Kunst in Arnhem en Drinkende boeren voor een herberg van Adriaen van Ostade in het Frans Hals.

De claim leidde tot nieuwe onrust onder verschillende musea die een nieuwe leegloop vrezen, nadat de Staat in februari 2006 besloot 200 schilderijen terug te geven aan de erven van de Joodse kunsthandelaar Goudstikker. Een woordvoerster van de restitutiecommissie beklemtoont dat het deels afwijzen van de claim geen betekenis heeft voor de beoordeling van de overige werken. Het onderzoek daarnaar loopt nog.

De Amerikaanse advocaat van de erven Katz, Tina Talarchyk, reageerde gisteren terughoudend op de afwijzing. De familie wil eerst de uitkomst van het verdere onderzoek afwachten, alvorens nieuwe acties te ondernemen. Volgens haar houden haar cliënten vertrouwen in het nog te vellen oordeel.

In een derde advies concludeert de comissie dat het schilderij Portret van een man van Thomas de Keyser, in bruikleen bij MuseumgoudA, moet terugkeren naar erven van de Joodse kunstverzamelaar Richard Semmel uit Berlijn. Semmel werd al in 1933 door de nazi’s vervolgd wegens zijn betrokkenheid bij de Deutsche Demokratische Partei, en liet om zijn vlucht naar Nederland te bekostigen het schilderij veilen in Amsterdam. Hij week voor de oorlog uit naar New York, waar hij in 1950 overleed.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden