‘Respectloze Zenleerling’ was altijd aan het begin

Volgens een mededeling van zijn Colombiaanse echtgenote Juanita is afgelopen vrijdag de besnorde verteller Janwillem van de Wetering in het ziekenhuis nabij zijn woonplaats Surry in Maine (VS) op 77-jarige leeftijd overleden....

In augustus 2004 zond die omroep het portret uit dat VanLoo had gefilmd van de avonturier, zakenman (kind van een zakenman annex theosoof) en schrijver Van de Wetering, die behalve een serie boeken over het rechercheduo Grijpstra (de brigadier) & De Gier (de adjudant) ook een autobiografische zentrilogie schreef. Voor Van de Wetering was ook de dood een avontuur.

Als ‘heer op leeftijd’ schreef hij op 2 juli 2004 in HP/De Tijd dat hij het ‘wel een toestand vond, hier op aarde’, maar dat hij dankbaar was voor het leven. Hij beëindigde zijn schets – anekdotisch, spiritueel, gespeend van zweverigheid – als volgt: ‘De Boeddha zou eens gevraagd zijn hoe het is als je aan het einde bent gekomen, en hij antwoordde dat hij geen flauw idee had. Hij zei dat hij altijd aan het begin was.’

Dat is een fraaie definitie van een avonturier, en hoewel Van de Wetering Zuivere leegte (2000) de ondertitel ‘Ervaringen van een respectloze Zenleerling’ gaf, blijkt uit zijn leven en woorden vooral dat hij een toegewijd leerling was. Maar dan op individuele basis – niet in een gemeenschap. Het idee dat alles op de aarde alleen zou bestaan om weer te eindigen, wilde er bij Van de Wetering niet in.

Hij schreef misdaadverhalen met veel aandacht voor ‘het menselijk gepruts’, en met een naamloze commissaris die als een oosterse wijze kon spreken: ‘Niet wanhopig zijn, alles komt weer goed. En dan gaat het weer verkeerd. En dat komt dát weer goed. Zo gaat het altijd.’ In 1989 publiceerde Van de Wetering een biografie van zijn leermeester Robert van Gulik, de sinoloog die tevens detectives schreef. Die heeft hij nooit ontmoet.

Wel werd hij dikke vrienden met de dichter-bioloog Leo Vroman, die vaak bij hem vakantie vierde. Een dag na de dood van zijn vriend schreef Vroman (93) in Texas een gedicht:

nu je nog maar een beetje
dood bent vraag ik mij levend af:
Ben je al tevreden? Weet je
nu meer dan je eergisteren wist?
Ik vond je nooit iemand voor een graf,
laat staan de beperkingen van een kist,

meer voor nog drie honderd jaren
telkens die mist, veel meer
iets voor een onverklaarbare
omslag van het weer,

een waaien van mijn magere haren
waardoor ik langer wakker blijf,
waardoor ik je zo duidelijk voel
dat ik iets anders schrijf
dan ik bedoel.

P.S. Beste Janwillem,
Wat kunnen wij, de andere mensen,
die van boven de grond,
elkaar dan het beste wensen?
Sterf gezond?

Janwillem van de Wetering in 1999. (ANP) Beeld ANP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.