Recensie Theater

Repelsteeltje en de blinde prinses is ongecompliceerde lol ★★★☆☆

Repelsteeltje en de blinde prinses verbindt het bekende sprookje aan de Greet Hofmans-affaire.

Scène uit Repelsteeltje en de blinde prinses. Beeld Sanne Peper

Repelsteeltje is erg op zijn privacy gesteld. ‘Heb je weleens van identity theft gehoord?’, bijt hij een pakketbezorger toe, als die om zijn naam en handtekening vraagt. Alleen zijn vrouw Karla Karbonkel weet zijn naam. Karla wil eigenlijk een kindje, maar zij en ‘Reep’ kunnen geen kindje krijgen. Dus trekt Repelsteeltje de stoute puntschoenen aan om een potje te toveren.

Hij verschijnt bij de dochter van een arme varkenshoeder, die diep in de problemen zit. In ruil voor haar eerstgeborene helpt hij haar om stro in goud te veranderen. Later wordt zij onverwacht zwanger van de buitenechtelijke zoon van de prins-gemaal van het koninkrijk waar dit allemaal plaatsvindt. Deze prins heet Bernhard. En dan blijkt dat het ondergrondse hol van Repelsteeltje in de tuin van paleis Soestdijk ligt, waar koningin Juliana woont met haar blinde dochter, prinses Marijke. Voor de deur staat gebedsgenezers Greet Hofmans al te zwaaien.

Hoe kun je een klassiek sprookje zo hard mogelijk laten ontsporen? Laat dat maar aan regisseur Pieter Kramer en schrijver Don Duyns over. Sinds het duo in 2007 debuteerde met Lang en gelukkig, maakt het jaarlijks bij Theater Rotterdam een feestelijke familievoorstelling, gebaseerd op een sprookje of een ander oud verhaal dat nodig opgeleukt mag worden. Vorig jaar was dat Hamlet, de familievøørstelling. Afgelopen september ontvingen Kramer en Duyns voor hun gezamenlijke oeuvre de Prosceniumprijs. 

Schattigheidsfactor 

Het ziet er zoals altijd fenomenaal uit, wat mede te danken is aan het decor van Niek Kortekaas en de kostuums van Sabine Snijders. Het bos, de paleistuinen van Soestdijk, het ondergrondse hol, de jurken van koningin Juliana, alles draagt bij aan de kleurrijke, sprookjesachtige sfeer. Tien figurerende kinderen zorgen voor een hoge schattigheidsfactor door over het podium te kruipen als de biggetjes van de varkenshoeder.

Het is een geinig idee om het sprookje van Repelsteeltje aan de Greet Hofmans-affaire te verbinden. Zowel Reep als Greet zijn enigszins maniakale ‘tovenaars’, die verschijnen waar leed is, en vervolgens verdeeldheid zaaien. Verwacht vooral geen diepere analyse dan dat, uiteindelijk is dit concept voor de makers slechts een manier om eindeloos veel lol te trappen, met behalve een oubollig sprookje ook het Nederlandse koningshuis als kop van Jut.

De humor is vanzelfsprekend flauw. Daar moet je van houden. Leuk is bijvoorbeeld de terugkerende ergernis van Repelsteeltje als hij weer eens wordt gezien als kabouter, terwijl hij toch duidelijk een aardmannetje is. Minder vergeeflijk zijn de soms wisselvallige acteerprestaties en liedjes. Of dat laatste aan de liedteksten van Peter van de Witte ligt, is moeilijk te zeggen. Ze zijn namelijk de helft van de tijd niet verstaanbaar. De (flauwe) grap achter de liedjes is dat het allemaal bewerkingen zijn van Duitse hits (Bernhard is Duits, haha). Dus op de muziek van 99 Luftballons, Ich bin wie du en Gute Nacht, Freunde zingen Repelsteeltje, Juliana en de anderen nu slecht verstaanbare musicalliedjes waarin ze hun gevoelens de vrije loop laten. Probleem is ook dat de spelers (op Kim van Zeben als Juliana na) geen geboren zangers zijn.

Scène uit Repelsteeltje en de blinde prinses. Beeld Sanne Peper

Eenzijdige rolopvattingen

Wat betreft het spel gaan enkele eenzijdige rolopvattingen na een tijdje vervelen. De varkenshoeder en zijn dochter Sterre (Bas Hoeflaak en Johanna Hagen) zijn bijvoorbeeld matig uitgewerkte personages. Arm en een beetje dommig zijn ze; grappig willen ze maar niet worden. Maar vooral prins Bernhard, gespeeld door Patrick Duijtshoff, is een aanfluiting. Hij schreeuwt, vloekt, speelt met vliegtuigjes en heeft een vet Duits accent. Het lukt Duijtshoff, die overigens bij zijn eigen gezelschap De Theatertroep wél heel leuk kan zijn, geen moment om boven het uitgekauwde, clichématige beeld van de prins uit te stijgen.

Wie ook op het randje van irritatie opereert is Wart Kamps als Repelsteeltje. Alleen is het bij hem wél vaak leuk. Repelsteeltje is een opgefokt, vervelend en drammerig aardmannetje (geen kabouter), en Wart Kamps is Wart Kamps, een cabaretier en een speler met een expressieve mimiek en immer ironische dictie. Het klopt gewoon. Goed zijn ook Van Zeben als de geplaagde koning en Judith van den Berg als de blinde Marijke. En zo wordt het met enige moeite toch weer een theaterfeestje voor de liefhebbers van de betere ongecompliceerde lol.

Repelsteeltje en de blinde prinses (8+)

Theater

★★★☆☆

Door Theater Rotterdam, van Don Duyns, regie: Pieter Kramer. Met o.a. Wart Kamps (wisselt rol met Bart Rijnink), Joke Tjalsma, Kim van Zeben, Patrick Duijtshoff en Judith van den Berg

27/12, Theater Rotterdam. Tournee t/m april 2020.

De Greet Hofmans-affaire

Greet Hofmans was een gebedsgenezeres die in de jaren vijftig grote invloed had op de toenmalige koningin Juliana. Ze was uitgenodigd aan het hof voor prinses Marijke, de jongste dochter, die was geboren met een oogafwijking. Maar al snel zou Hofmans de koningin hebben ‘besmet’ met allerlei ‘gevaarlijke’ pacifistische ideeën. Prins-gemaal Bernhard maakte zich grote zorgen. Hun huwelijk werd nog slechter, en samen met de toenmalige premier Willem Drees stuurde hij aan op een interventie. Toneelschrijvers als Ger Thijs en het duo Ger Beukenkamp en Dick van den Heuvel schreven eerder al (serieuzere) stukken over deze affaire.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden