Interview

Rens van der Knoop beheerst modestroming 'homeless chic'

De Volkskrant onderzoekt in de tweewekelijkse serie Wat je aantrekt wat kleding kan betekenen voor een mens. Rens van der Knoop geeft sjofel nieuw cachet.

Beeld Zahra Reijs

Of het ooit een trend zal worden, is de vraag, maar Rens van der Knoop bedacht wel alvast een naam voor de haveloze non-inrichting van de huiskamer, die hij met twee huisgenoten deelt: 'Onverzorgd minimalisme'. Wie weet; trends ontstaan wanneer je iets lang genoeg consequent volhoudt. Consequentheid kan Van der Knoop, die de voordeur van zijn galerijflat opendoet in een verwassen bruine badjas met daaronder niet zo vreselijk veel, niet worden ontzegd. 'Ik draag dit altijd wanneer ik thuis ben', zegt hij. Aha.

Niet dat de dichter en schrijver, woonachtig op de kruising van de Dichterhof en de Schrijverstraat in Almere ('puur toeval'), zich trouwens ook maar iets gelegen laat liggen aan trends. Hij volgt ze niet en hij zou willen dat hij net zo weinig zou geven om zijn kleding. Maar hoewel het daar op het eerste gezicht inderdaad naar uitziet en hij het 'onverzorgd minimalisme' ook in zijn dagelijkse kloffie doorvoert, gaat die vlieger uiteindelijk niet op. Integendeel zelfs.

Op de betonnen vloer, lukraak belegd met ten minste zes verschillende Perzische tapijtjes, liggen twee sets donkere kleding. Eén voor professionele gelegenheden en één voor alledag. Ze lijken op elkaar, hoewel de professionele set minder oud oogt dan de dagelijkse. 'Klopt', zegt Van der Knoop. 'Die kleren zijn nieuw; ik heb ze vorig jaar gekocht.' En als ze goed hun best doen, dan schoppen ze het nog eens net zover als de donkerbruine broek voor dagelijks gebruik, die 'waarschijnlijk' al stamt uit de tijd dat Van der Knoop tijdelijk op straat woonde, inmiddels zo'n dertien jaar geleden, en waarvan de pijpen aan de onderkant zijn gaan rafelen.

Beeld Zahra Reijs

Gedoe

Meer dan dit heeft Rens van der Knoop (28) eigenlijk niet, behalve dan die badjas en een lange, hoogbekraagde winterjas van dichte, grijze wol die als bovenste laag elke set tot aan de kin vergrendelt. Eigenlijk zou het altijd winter moeten zijn, vindt de tengere dichter, of in elk geval koud genoeg voor de lagen die hij wil dragen: hemd, overhemd, vest, twee sjaals, jas en om het af te toppen: leren handschoenen, zonnebril, grote koptelefoon. Alles in zwart of donkergrijs. Alles om de buitenwereld buiten te laten.

'Ik hou helemaal niet van mensen', zegt hij. Hij is weggekropen in een leunstoel en heeft de capuchon van zijn badjas over zijn lange blonde haar getrokken. Uit de wijde mouwen steken twee magere armen met tatoeages. Hij zuigt op iets zwarts uit een doosje. Het blijkt Zweedse snus te zijn, tabak in geperste poedervorm, een alternatief voor de twintig sigaretten die hij tot drie dagen geleden dagelijks rookte. 'Ik bedoel: mensen als ménsen, niet per se als individuen. En ik reken mezelf er trouwens ook toe.' Hij vindt mensen 'gedoe'.

'Ik erger me aan alles. Je bent de hele dag bezig met anderen; je komt ze tegen op straat, je moet steeds ergens iets van vinden, elke blik heeft een betekenis. Doodvermoeiend. En dan proberen mensen ook nog eens uit te drukken wie ze zijn met wat ze dragen.'

Beeld Zahra Reijs

Gangsterkleding

Hij niet?

Van der Knoop zucht. 'Dat is meteen de moeilijke relatie die ik heb met kleding. Wat anderen dragen interesseert me eigenlijk niet bijzonder veel. Ik heb alleen moeite met jongens die zich als gangsters kleden, maar dat komt doordat ik vroeger veel last heb gehad van dat... volk. Ik was op school een alto, met legerkisten en veel zwart, maar wat ín was, was gangsterrap: jongens met capuchontruien die deden alsof ze uit the ghetto kwamen. Ik werd dagelijks uitgescholden, soms in elkaar geslagen of beroofd. Tegen díé kleding heb ik een aversie, maar verder maakt het me niet uit wat iemand draagt. Ga je gang. Alleen... ik zou willen dat die houding zich ook naar mezelf uitstrekte.'

Dat is dus niet zo. Rens van der Knoop denkt na over zijn kleren, meer dan zijn bedoeling is. En hij heeft - hij kan het ook niet helpen - een specifieke smaak en bepaalde voorkeuren. 'Liever loop ik de hele dag in troep, maar dat lukt me niet', zegt hij. Voor zijn persoonlijke stijl heeft hij, net als voor zijn inrichting, een omschrijving bedacht: 'een beetje vreemd formeel'.

Vreemd formeel - weet hij het zeker? Van bovenaf bekeken komen de twee sets kleding op de grond nogal sjofel en shabby over, maar wie weet. Het is tijd om de proef op de som te nemen. Uit met die badjas!

Beeld Zahra Reijs

Adellijk

En verdraaid. Wanneer hij even later enigszins verlegen in zijn dagelijkse kleding de kamer weer binnenloopt, is meteen duidelijk wat hij bedoelt. Hij ziet er verrassend mooi uit; zijn haar zit strak achterover in een knot en de combinatie van het vest met de hooggeknoopte sjaals geeft hem iets adellijks. De gerafelde broekspijpen zijn verdwenen in hoge zwarte veterschoenen. In zijn formele kleding bereikt hij vervolgens hetzelfde effect. Hoe is het mogelijk: hier staat iemand die de modestroming 'homeless chic' ongewild tot in de finesses blijkt te beheersen.

Details zijn belangrijk. Hij laat zien wat hij mooi vindt en waar hij op internet en in één Amsterdamse kledingwinkel naar zoekt. Vesten met vakjes om zijn spullen op te bergen. Een zwarte broek met een laag kruis en een hoge band. Een zak aan de achterkant waarvan alleen de bovenkant zichtbaar is. Een wit stippellijntje van draad op de rug van zijn overhemd. Een stoffen gesp om de manchetten, zodat ze een pietsie poffen.

Dichterlijke vrijheid

'Het gaat mij om de vorm', zegt Van der Knoop. 'Ik hou van kleding die een bekend silhouet net iets verandert. Het hoeft er niet perfect uit te zien, als die vorm in mijn hoofd er maar in zit: strak en dicht. Ik hou er niet van als dingen fladderen.' En net wanneer hij wel heel erg als een modeontwerper begint te klinken, zegt hij: 'Nou. Dit is dus wat ik draag. Altijd. Meer tijd en moeite en geld wil ik er niet aan besteden. Uiteindelijk hecht ik niet aan spullen.'

Hij grinnikt. 'Dat klinkt een beetje tegenstrijdig, hè?' Absoluut. Maar daar bestaat ook een naam voor. Dichterlijke vrijheid.

Twee mannen spreken elkaar onopgemerkt aan, Rens van der Knoop. Uitgeverij De Bezige Bij, 18,90 euro.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden