REMBRANDT ZIET ZICHZELF

Rembrandt is een bron van inspiratie voor cineast Peter Greenaway en zijn vrouw, de regisseur Saskia Boddeke. Na een film en een performance in het Rijksmuseum volgt nu de muziektheatervoorstelling, Rembrandts Spiegel....

In zijn bijna lege kantoor aan de Keizersgracht in Amsterdam houdt Peter Greenaway zijn gestrekte hand net onder zijn ogen. ‘Kijk’, zegt hij, wijzend op zijn neus, mond en kin. ‘Lijk ik niet op Johan Cruijff?’

Inderdaad, tot aan die vlakke hand is het net de voetbalvedette die daar zit, achter een klassiek houten bureau. ‘In Spanje, waar ik geregeld werk, denken mensen mij vaak te herkennen. Cruijff is daar de beroemdste Nederlander aller tijden. Maar in elk ander land op de wereld, wordt Nederland vooral geassocieerd met Rembrandt. Niet met een schrijver of componist van wereldklasse zoals Shakespeare of Mozart. Nee, met een schílder. En daar zouden jullie heel, heel trots op moeten zijn’, onderstreept de in Wales geboren en naar Nederland verhuisde cineast, scenarioschrijver én kunstschilder.

Waarmee Greenaway maar wil zeggen dat het echt niet overdreven is dat hij zich samen met zijn Nederlandse vrouw Saskia Boddeke nu al geruime tijd wijdt aan een vierluik over Rembrandt van Rijn. Vorige zomer bracht hij met haar in het Rijksmuseum de krankzinnig dure Nachtwacht tot leven door er met rode veloursgordijnen, een tribune voor 34 toeschouwers (evenveel als personages op het schilderij), spannende belichting en een suggestieve soundtrack een filmische multimedia-installatie van te maken. In september ging zijn met twee Gouden Kalveren bekroonde film Nightwatching in roulatie, een moordmysterie waarin hij het wereldberoemde schuttersstuk als sleutel gebruikt in een complottheorie: Rembrandt maakt alle personages op het schilderij medeplichtig aan de moord op de 17de-eeuwse Hugenoot Piers Hasselburgh en wordt daarvoor gestraft met het ergste dat een schilder kan overkomen, blindheid.

Op de montagetafel ligt een documentaire voor de Duitse televisie, waarin Greenaway naspeurt of de fictieve samenzwering tegen Rembrandt waar gebeurd zou kunnen zijn en ondertussen probeert te bewijzen dat de geschiedenis van de film eigenlijk al begint met het eerste gebruik van kunstlicht in 1630. En vandaag gaat in de Rotterdamse Schouwburg een grootse muziektheatervoorstelling in première, getiteld Rembrandts Spiegel. Greenaway schreef het scenario, Ko van den Bosch vertaalde het, Vincent van Warmerdam componeerde de muziek en Boddeke tekent voor de regie.

Eerder al lieten Greenaway en Boddeke zich inspireren door Johannes Vermeer. Samen met componist Louis Andriessen maakten ze in 1999 in Het Muziektheater de succesvolle opera Writing to Vermeer. Daarin schrijven drie vrouwen uit de schilderijen van Vermeer zes fictieve brieven aan hun schilder, met opvallend huiselijke details. Ook over het leven van Rembrandt valt genoeg interessants te melden, vinden Boddeke en Greenaway. Vooral over zijn zelfbeeld, de omgang met zijn drie vrouwen, de invloed van hun dood en die van al zijn kinderen.

In Rembrandts Spiegel verzamelen Saskia van Uylenburgh (Marije Idema), Geertje Dircks (Barbara Pouwels) en Hendrikje Stoffels (Maartje Teussink) zich rond Rembrandt (Bart Klever) in zijn hemelbed. Ze bespreken en bezingen hun grote verlangen naar vruchtbaarheid en hun verdriet over het vroegtijdig sterven van het nageslacht. Titus (Hendrik Aerts), Rembrandts enige zoon, waart rond als zijn spiegeldrager én criticaster. Via hem ziet Rembrandt letterlijk zichzelf terug.

Boddeke: ‘Tragisch dat iemand die onsterfelijk is geworden door zijn schilderkunst niet heeft kunnen voortleven via nageslacht. Hij ziet zijn vier kinderen en twee van zijn vrouwen sterven vóór hij zelf overlijdt.’

Op het oog lijkt Rembrandts Spiegel daarmee een menselijke familietragedie in een barokke omgeving van goud geborduurde mantels, pofkragen, tapijten en parelkettingen. Een huishouden dat langzaam verpulvert. Maar Greenaway zou Greenaway niet zijn – en echtgenote Boddeke weet als geen ander Greenaway’s libretto’s te doorgronden – als hij er geen diepere, kunsthistorische lagen in aanbrengt. Niet alleen projecteert hij op Rembrandts vrouwen de metaforische drie-eenheid Moeder-Hoer-Maagd, ook laat hij een artistieke en filosofische analyse los op Rembrandts trotste bezit van een immense spiegel.

Greenaway: ‘Rembrandts doorbraak valt precies samen met het moment waarop de grote spiegel wordt uitgevonden. Tot dan zijn alleen spiegels van hooguit A4-formaat beschikbaar. Rembrandt krijgt een megaspiegel – een fortuin in die tijd – cadeau ter ere van de geboorte van zijn zoon Titus. Hij kan zichzelf voor het eerst helemaal zien, in volle lichaamslengte. Daarom maakt hij zo veel zelfportretten. Maar kijken naar jezelf stemt ook melancholisch. Wie zichzelf goed bestudeert, wordt depressief. Dat laat ik Rembrandt ook gebeuren. Hij wordt geteisterd door de angst blind te worden. Wij creëren in deze voorstelling weer ons beeld van Rembrandt.’

Vanwege de nadruk op het (zelf)beeld van Rembrandt zitten in de voorstelling veel filmprojecties. De nachtmerrie uit Nightwatching bijvoorbeeld, maar ook live cameraregistraties door zanger Roger Smeets (Rembrandts alter ego). Boddeke: ‘Film nu is wat de spiegel toen was: een middel om jezelf te (laten) zien.’

Met de acteursgroep hebben Greenaway en Boddeke ook eerder filmische tableau vivants-opnamen gemaakt op locatie. Boddeke toont trots de beelden geschoten bij een verfmolen aan de Zaanse Schans. ‘Die vrijdag in november was storm voorspeld. We waaiden bijna van de molen af. Een molen aan de horizon, prachtig voor het beeld, werd stil gezet vanwege de veiligheid. Maar toen ze die speciaal voor ons nog even lieten draaien, brak toevallig de zon door. Heel Nederland werd geadviseerd binnen te blijven maar wij hadden de mooiste buitenshots.’

Tijdens de repetities wordt gezocht naar een balans tussen beeld en spel en tussen emoties en sentiment. Zodra er gezongen wordt onder leiding van Wim Steinmann raakt de groep op dreef. (Barbara Pouwels: ‘Ja, zullen we nog even de drie hoeren doen!’). Van Warmerdams afwisselende muziek, met onder meer indringende songs voor soliste Barbara Hannigan (op filmscherm) maar ook uitbundige samenzang, slaat een fraaie brug tussen de concrete speelstijl en de suggestieve filmbeelden over leven en sterven.

‘Jongens, ik wil vandaag minstens één vette zoen zien’, roept Boddeke tegen de Rembrandt van Klever en de Geertje van Pouwels, als het sterfbed van Saskia naadloos transformeert in een hemelbed waarin gevreeën wordt. Eros en Thanatos gaan hand in hand: het Greenawayaanse mensenvlees moet – hoe kan het anders – met lust en geilheid ten tonele worden gevoerd.

In het Rotterdamse repetitielokaal laat Greenaway overigens de regie van Rembrandts Spiegel volledig over aan Boddeke. Niet alleen omdat hij weinig tijd heeft door opdrachten in Milaan en Bilbao. ‘Ook omdat hij van regisseren weinig kaas heeft gegeten’, zegt Boddeke. ‘Peter denkt in beelden. Als cineast maakt hij de film die in zijn hoofd al bestaat. Bij het regisseren van een voorstelling moet je chaos durven toelaten, acteurs een rol laten spelen bij de inkleuring van de emoties. Hij kan dat niet, ik wel.’

Boddeke weet waarover ze het heeft: ze leerde Greenaway kennen als zijn regieassistent bij Rosa a Horse Drama (1994). Bij de herneming twee jaar later vroeg hij of zij zijn regie wilde overnemen. ‘Hij had het zweet in zijn handen staan.’

Hoewel het echtpaar veelvuldig samenwerkt, is het vooral Greenaway die de aandacht krijgt. Boddeke: ‘That’s the story of my life. Als een project lukt, gaan de credits naar Peter, als het mislukt ligt het aan mij. We grappen er wel over: I keep you working, zegt Peter dan.’

In die zin herkent ze zich wel in de Saskia van Rembrandt, een sterke vrouw, zijn muze, manager, motor en minnares maar ook in alles dienstbaar aan zijn inspiratie. ‘Bij ons thuis zitten wij nooit normaal aan een ontbijt. Altijd is er wel een idee, een gedachte of een beeld dat de aandacht vraagt. Of Peter schrijft een prachtige liefdesbrief aan mij, en dan lees ik hem pas voor het eerst als hij in een museum hangt.’

Hoewel Rembrandts Spiegel en de Duitse documentaire eigenlijk de laatste haltes zijn in hun beider Rembrandt-research – vierduizend boeken staan er thuis en op kantoor over de schilder –, koesteren ze nog één in hun ogen gouden idee voor een slotproject: een animatie van de Nachtwacht in Second Life, de interactieve digitale wereld online.

Het daadwerkelijk navigeren in Second Life laat Greenaway over aan zijn vrouw; zelf houdt hij zich alleen bezig met ideeën en theorieën erover. Hij heeft er ook geen tijd voor, zegt hij. Zijn multimediale aanpak van beroemde kunstwerken als de Nachtwacht blijkt wereldwijd zo aan te slaan, dat hij al in Spanje en Japan gevraagd is hetzelfde te doen. Zelfs de paus heeft zich gemeld met de vraag of Greenaway niet eens voorzichtig naar Michelangelo’s Sixtijnse offerande zou kunnen kijken om daar ook zo’n eigentijdse installatie aan te wijden. ‘Mijn handen jeuken. Alleen al de gedachte dat ik met licht en geluid de Sixtijnse Kapel mag overschilderen.’ Greenaway mag dan wereldberoemd zijn om zijn films, in zijn hart is en blijft hij een schilder.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden