column Onno Blom

Rembrandt gaf op zijn zelfportretjes een kijkje in zijn eigen ziel

Zelfportret met baret, wijd open ogen en open mond, Rembrandt van Rijn, 1630 Beeld Rijksmuseum Amsterdam

Hij verspreidde die kleine werkjes, heel vernuftig, als een soort Intsagram-foto’s door Europa. 

‘There’s no art to find the mind’s construction in the face’, schreef Shakespeare in Macbeth, maar daar dacht Rembrandt duidelijk anders over. Een van zijn grootste kwaliteiten als kunstenaar was om uit gezichten te laten spreken wie de geportretteerden werkelijk waren. Wat zij dachten of voelden. Aan hun uiterlijk kon je het innerlijk aflezen.

Eén gezicht sprong eruit: dat van hemzelf. Als zijn eigen model kon Rembrandt in de spiegel zien hoe verschillende emoties, humeuren en temperamenten op het gezicht werden uitgedrukt. Ongetwijfeld heeft hij aan zijn leerling Samuel van Hoogstraten verteld wat die later schreef in zijn Inleyding tot de hooge schoole der schilderkonst: het uitbeelden van hartstochten kun je het best voor de spiegel doen, ‘om te gelijk vertooner en aenschouwer te zijn’.

Op een serie postzegelgrote etsen beeldde Rembrandt zichzelf af in opperste verbazing, zijn lippen getuit, bijna fluitend, de ogen opengesperd en het hoofd in de nek gegooid. Boos: hij kijkt ons recht aan, met samengeknepen lippen van woede, duister-vlammende ogen en zijn haar woest en kronkelig. Lachend: een beetje gemelijk, de konen van zijn bolle toet omhoog, tanden bloot en de mond een beetje open, de ogen tot spleetjes geknepen. Lijdend: met open mond, schreeuwend van pijn en frustratie.

De etsen van de ‘lijdingen des gemoeds’, zoals Van Hoogstraten ze noemde, dienden als artistiek experiment. Ze vormden niet in de eerste plaats hoofdstukken uit de autobiografie van de kunstenaar als jongeman – al geven ze mij de suggestie van een kijkje in zijn ziel –, maar waren bedoeld voor de verkoop. Hij signeerde zijn zelfportretjes op de plaat, ‘RHL 1630’, drukte ze in oplage en liet ze door heel Europa verspreiden.

Het was een vernuftige manier om naam te maken: Rembrandt gebruikte zijn etsen zoals wij nu Facebook en Instagram gebruiken. Hij stuurde zijn selfie de wereld in, en het zou niet lang duren of hij zou overal worden herkend. Hij was op slag beroemd.

Intrigerend genoeg maakte Rembrandt zichzelf niet mooier dan hij was. Zijn zelfportretten tonen meestal zijn doorleefde ronde kop met aardappelneus en woeste krullen. Sterker nog: hij benadrukte de schilderachtigheid van zijn etsen door zijn haar nog woester, warriger en warreliger te tekenen dan het van nature al moet zijn geweest. Talloze kleine haaltjes zette hij, kronkeltjes en streepjes, vaak dwars door elkaar heen.

Schilder-biograaf Filippo Baldinucci wees erop dat Rembrandt zelfs zijn signatuur slordig zette. ‘Hij ondertekende zijn prenten met lelijk geschreven, misvormde, slordige letters.’

Juist die losheid, bravoure en ogenschijnlijke nonchalance gaven zijn etsen een enorme aantrekkingskracht. Rembrandt trok zich niets aan van de heersende mode of schoonheidsidealen. Hij speelde toneel en poseerde in de spiegel, maar toonde óók eerlijk en informeel wie hij daar zag – en etste zo een fascinerend en complex nieuw beeld van zichzelf als kunstenaar en als mens.

Soms denk ik dat hij beter in staat is geweest om zijn emoties in zijn werk te tonen dan in het leven zelf.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden