Rem Koolhaas ontwierp voor Qatar een monumentale bibliotheek

Het boekenpaleis moet het golfstaatje aan het lezen krijgen

De nationale bibliotheek van Qatar, een monumentale schepping van Rem Koolhaas, moet het golfstaatje aan het lezen krijgen 

Het interieur van de bibliotheek. Foto Foto Delfino Sisto Legnani en Marco Cappelletti/ OMA

Uit niets in Qatar blijkt dat boeken hier een nieuw fenomeen zijn. De nieuwe bibliotheek rijst op als een boekenpaleis in de woestijn. Metershoge glazen wanden bieden plaats aan honderdduizenden titels. De boekenkasten zijn van marmer. En dat in Qatar, waar de drukpers pas ver in de 20ste eeuw zijn intrede deed.

‘Het ambitieniveau lag hoog’, zegt een van de architecten, de Nederlander Vincent Kersten van het Rotterdamse bureau OMA. Hij laat de gigantische glazen hal zien die ontworpen is onder leiding van zijn beroemde baas, Rem Koolhaas. ‘Kathedraalachtig’, vindt hij. En: ‘Een luxe Mercedes.’

Waarom deze cultuurtempel in een land waar tot vijftig jaar geleden nog geen boek was gedrukt? Het typeert de paradoxen in dit in korte tijd schatrijk geworden land. Qatari kunnen uitstekend lezen, zijn hoogopgeleid en de  jongeren spreken veelal Engels, maar boeken lezen – nee. Boeken dienen hier hooguit als decoratie, boekwinkels zijn er nauwelijks. Wie in dit emiraat een roman wil openslaan, vliegt daarvoor eerst even naar Dubai.

Zo was het althans, tot voor kort. De hoogste tijd voor volksverheffing, vond de heersende familie Al Thani, die het land regeert als verlichte despoten. Zoon Tarim bin Hamad (37) is als staatshoofd verwikkeld in een heftige diplomatieke ruzie met ongeveer alle Arabische buurlanden. Zijn moeder Mozah (59), tweede echtgenote van de emir-vader, doet in het familiebedrijf de cultuur.

Qatar was twee generaties geleden een arm woestijnland, waar de bevolking het moest hebben van parelduiken. De grootvader van de huidige emir kwam naar verluidt ter wereld in een tent. Het is een verhaal dat Qatari graag vertellen, omdat het laat zien hoe ver ze gekomen zijn. De vondst van olie en vloeibaar gas heeft dit desolate, zongeblakerde land aan de Perzische Golf in een paar decennia omgetoverd tot het rijkste land ter wereld.

De glazen gevel van de nationale bibliotheek van Qatar, in de hoofdstad Doha. Foto Iwan Baan/ OMA

Wat hier vanouds aan cultuur ontbrak, wordt nu ingekocht op de wereldmarkt. Een nieuwe nationale bibliotheek dus. En voetbalstadions voor het WK  2022. Eerder liet de familie Al Thani het Museum for Islamic Art bouwen. Een internationaal toonaangevend complex, vol ingekochte Perzische, Arabische en Ottomaanse kunst. Ook is er Education City, een immens universiteitsterrein aan de rand van Doha, waar Mozah al Thani  kantoor houdt en de ene westerse universiteit na de andere een filiaal opent, waaronder de prestigieuze Amerikaanse Georgetown Universiteit.

En daar is nu ook de bibliotheek te vinden, gratis toegankelijk voor iedereen met een geldige identiteitskaart – niet alleen Qatari, maar ook de Indische en Aziatische arbeidsmigranten die dit land draaiende houden.

Voor het ontwerp werd OMA aangetrokken, het bureau van Rem Koolhaas, dat ook het kantoor van Mozah al Thani ontwierp. Het architectenbureau heeft ervaring met grote cultuurprojecten in niet per se democratische landen, zie het gebouw van de Chinese staatstelevisie in Beijing. Ook met bibliotheken heeft OMA ervaring, het bureau ontwierp eerder die in de Amerikaanse stad Seattle.

Vincent Kersten wijst op de  'glazen cabine op een rail’, een futuristisch ogende lift die nog wordt geïnstalleerd en die maakt dat bezoekers straks niet met de trap  hoeven. Qatari houden niet erg van traplopen. Over de kleinste details werd een ‘professionele dialoog’ gevoerd met een team adviseurs van de familie Al Thani, zegt Kersten. ‘Je kunt het niet precies herleiden, maar het komt allemaal uit de omgeving van de familie.’

Kersten loopt keurend door het pas opgeleverde gebouw. Hij bestudeert de lichtval, wijst op een muur waar nog een kunstwerk moet komen. ‘Dat zien jullie natuurlijk niet, maar het is nu te leeg.’ Voor het eerst werpt hij een blik in de marmeren kasten. Wat staat er eigenlijk op de plank in de nationale bibliotheek van Qatar?

Zeker niet alleen Arabische klassiekers, blijkt. Kersten, een enthousiast bergbeklimmer, inspecteert de afdeling bergsport. Een willekeurige greep uit de  titels: Extreme Adventures, Pacific Northwest Camping Destinations, High Altitude van Mike Alssop,  de avonturenbiografie van een piloot die een crash overleefde en daarna besluit de Mount Everest te beklimmen.

‘Het doet allemaal Amerikaans aan’, concludeert Kersten, terwijl hij met zijn vingers langs de ruggen gaat. Engelse titels, rij na rij, in alle kasten. Arabische boeken ontbreken niet, maar de bibliotheekcollectie wordt gedomineerd door Engelse literatuur. 

Hoe valt dat overaanbod van Engels  in dit Arabische cultuurpaleis te verklaren? ‘Dat is de aard van het monster’, verzucht de directeur, Sohair al Wastawy. ‘Voor het lekenoog lijkt het misschien alsof wij geen interesse hebben in Arabische boeken. Niets is echter minder waar.’

Al Wastawy, een Egyptische die jarenlang in de Verenigde Staten woonde, geldt als een expert in de internationale bibliotheekwereld. Ze was decaan van diverse Amerikaanse universiteitsbibliotheken en zwaaide jarenlang de scepter over de bibliotheek van Alexandrië, een eigentijdse versie van het befaamde 3de-eeuwse voorbeeld, die even ambitieus is als de nationale bibliotheek in Qatar, maar nog  een paar keer groter.

Hoe creëer je vanuit het niets een nationale bibliotheekcollectie in een land zonder leestraditie? Al Wastawy weet het:  ‘Arabische boeken inkopen is ons doel. Maar de Amerikaanse markt produceert in een jaar tijd evenveel boeken als de Arabische wereld in een eeuw. Dáárom staan hier meer Engelse boeken.’

En de titels over bergsport? Ook daarvan snapt Wastawy de aanwezigheid: wie vrijwel uit het niets een bibliotheekcollectie moet samenstellen, kan niet om grote inkoopbureaus heen. En die inkoopbureaus zijn nu eenmaal gericht op het Engelse boek en de Amerikaanse markt. 

Foto Iwan Baan/ OMA

Die dominantie van de westerse wereld heeft mede te maken met de  trage verspreiding van de drukpers in de Arabische wereld. In Qatar deed de boekdrukkunst een half millennium later dan in Europa zijn intrede. ‘De eerste boeken zijn hier gedrukt tussen 1959 en 1961’, zegt Al Wastawy. ‘Daarvoor werden niet eens korans gedrukt. Die schreef je met de hand. Dit was een orale cultuur. De Koran en gedichten werden uit het hoofd geleerd en voorgedragen. Dat was belangrijk.’

Ook de rest van de Arabische wereld maakte laat kennis met het gedrukte boek. In Italië kwamen de eerste korans in 1538 van de persen. In de 17de eeuw was de Leidse universiteit internationaal befaamd om haar uitgave van Arabische teksten. In Arabische landen mochten zulke uitgaven niet worden verkocht. Slechts met de hand gekopieerde teksten waren volgens islamitische geestelijken betrouwbaar.

Volgens sommige historici heeft de afwijzing van de drukpers ertoe geleid dat de Arabische wereld haar kennismonopolie kwijtraakte aan Europa, waar de handschriften van Arabische geleerden naar het Latijn werden vertaald en uitgegeven. In de kelder van de bibliotheek in Qatar, achter glas, staan werken als 'De Medicina Aegyptiorum' van Alpinus Prosper, uitgegeven in Vaticaanstad in 1591, de titel is met inkt op het kaft geschreven. Het is een belangrijk overzichtswerk van Egyptische geneeskunde, gedrukt en verspreid in Europa. 

Pas tijdens de Franse kolonisatie van de Arabische wereld deed de drukpers hier alsnog zijn intrede. Egypte kreeg zijn eerste drukpers in 1798, anderhalve eeuw later volgde Qatar. Het zorgt voor een hiaat in de leescultuur die tot op de dag van vandaag wordt gevoeld. ‘Arabieren zijn geen grote lezers’, zegt Al Wastawy. ‘Het verschil is zo groot dat het niet meer zal worden ingehaald.’

Wat lees je als je bent opgegroeid in een land waar tot voor kort geen boek was gedrukt? Aan een computertafel zitten vier studenten. Ze volgen een overbruggingsjaar, om straks door te stromen naar een prestigieuze universiteit – nee, niet in Qatar, maar in New York of Cambridge. Ze schrijven een gedicht voor hun creative writing-klas. Hun docent, zeggen ze bewonderend, heeft ‘veel ideeën omdat ze veel boeken leest’.

Ze moeten een gedicht schrijven over gewoontes. ‘Vroeg opstaan en dan een Red Bull drinken, is niet gezond, ik weet het’, zegt de 17-jarige Alwarid , die politicologie wil studeren in New York. Zijn benadering van poëzie is pragmatisch. ‘Ik schrijf het op als een gewone tekst en laat de laatste twee regels rijmen, dan wordt het een gedicht.’

Leest hij veel? ‘Ik kijk liever een film.’

‘Ik heb een paar boeken,’ zegt Noof, ook 17, in een openvallende zwarte abaya over een knaloranje T-shirt. Ze wil communicatie studeren. ‘Maar ik heb niet al mijn boeken gelezen. Heel oude boeken, die zijn hier populair. Boeken die zo oud zijn dat ze verfilmd worden.’

Ze denkt even na. ‘Zoals 'Narnia’ (fantasyreeks van C.S. Lewis uit de jaren vijftig, red.). 

Kerstens rondleiding voert tenslotte naar het schemerdonkere souterrain. Hier, achter een van deze deuren, moet het zijn:  de kluis, of ‘the vault’, zoals het architectenteam de ruimte aanduidt.

Kersten kent de ruimte niet en weet evenmin wat er bewaard wordt. ‘The vault - dat klinkt alsof er goud en juwelen worden bewaard.’

Het bibliotheekpersoneel spreekt liever van 'de privékamer'. Het gaat hier niet om juwelen, maar om de verboden boeken van Qatar. ‘We hebben hier geen censuur’, zegt directeur Al Wastawy stellig. ‘Ik heb daar althans nooit iets van gemerkt.’ Desondanks lijken sommige boeken niet voorhanden. De Bijbel bijvoorbeeld. Al zijn het Oude en Nieuwe Testament afzonderlijk wel beschikbaar, evenals de Torah, een van de  joodse heilige boeken. Fifty Shades of Grey is er niet,  wel de Kamasutra, in een editie uit 1963.

Sommige boeken zijn wel in de collectie opgenomen, maar blijven in de praktijk achter slot en grendel. Bijvoorbeeld The Satanic Verses van Salman Rushdie. In te zien, maar niet uitleenbaar. ‘Sommige boeken staan in de privékamer’, beaamt Al Wastawy. ‘We willen niet dat die op plekken staan waar kinderen komen.’

De officiële opening van de bibliotheek was gepland voor afgelopen najaar. Maar een diplomatieke handelsblokkade van Arabische buurlanden, geleid door Saoedi-Arabië, gooide roet in het eten. De gigantische nieuwe bibliotheek zou gemakkelijk nieuwe frictie kunnen opleveren met de buren, die toch al vinden dat Qatar te veel zijn eigen weg gaat. Architectenbureau OMA moest zich in dit diplomatieke slagveld  aan een uitdrukkelijke zwijgplicht houden.

De openingsceremonie is vanwege de internationale ruzie verschoven naar april. ‘We hebben alle buurlanden uitgenodigd’, zegt Al Wastawy. ‘Maar we betwijfelen of ze zullen komen.’ Koningin Máxima is ook uitgenodigd. Niet zeker is of zij komt.

Wie twijfelt of Qatar wel aan het lezen kan worden gebracht, krijgt hoop in de kinderbibliotheek. Die is nu al uit zijn jasje gegroeid, nog voor de officiële opening. Naast Amerikaanse kinderboeken kunnen de kleintjes hier terecht voor de verzamelde werken van Nijntje, in het Arabisch. De leeshonger van de jongsten in Qatar is zo groot dat de planken binnen de kortste keren leeg waren. Nu is er een quotum: maximaal vijf boeken per kind per week.

Suresh Kumar, een bankmedewerker uit Maleisië, komt naar buiten met zijn dochter van 4 en zoon van 9. Voorheen moest hij op en neer vliegen naar Dubai om boeken in te slaan voor zijn kroost. Nu kunnen ze hier gratis terecht, elke week opnieuw. Vanzelfsprekend is hij zeer ingenomen met de nieuwe bibliotheek. Op één ding na dan. ‘Het enige wat hier ontbreekt, is een Starbucks.

De nationale bibliotheek van Qatar is de eerste nationale bibliotheek die in de 21ste eeuw wordt opgeleverd. Een vroege voorloper was de befaamde, in de 3de eeuw opgerichte bibliotheek van Alexandrië. De eerste moderne nationale bibliotheek in de Arabische wereld was het ‘Huis van de boeken’ in Caïro (1871), gevolgd door Koeweit (1913), Irak (1920) en Libanon (1921). Qatar had eerder een bescheiden nationale bibliotheek in de hoofdstad Doha. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.