ReportageCountryside, The Future

Rem Koolhaas gebruikt Guggenheim New York om zijn visie op het platteland te etaleren

De vloer van het Guggenheim Museum in New York, bij de tentoonstelling Countryside, The Future, van Rem Koolhaas en de denktank AMO.Beeld Laurian Ghinitoiu

De grote veranderingen van nu vinden plaats op het platteland, zegt Koolhaas. Zijn tentoonstelling Countryside: The Future is overweldigend, maar de Volkskrant destilleerde toch een aantal hoofdlijnen.  

Dat ze imposante steden en tempels in Midden Amerika bouwden is welbekend, maar wist u dat de Maya’s ook vernuftige landbouwers waren? In plaats van velden ‘efficiënt’ met een soort in te zaaien, plantten ze een mix van gewassen die elkaar aanvulden wat betreft voedingsbehoefte en het aantrekken van insecten. Zo bleef de grond vruchtbaar, voorkwamen ze insectenplagen en haalden ze rijke oogsten binnen.

Op zoek naar milieuvriendelijke manieren om voedsel te produceren hebben onderzoekers aan de Wageningen Universiteit een 21ste-eeuwse variant op de Maya-methode ontwikkeld: pixelfarming. Het is een van zo’n twintig onderzoeksprojecten die architect Rem Koolhaas en zijn denktank AMO bijeen hebben gebracht in de eclectische tentoonstelling Countryside: The Future, die op 20 februari is geopend in het Guggenheim museum in New York.

Pixelfarmers gebruiken computermodellen om de optimale combinatie van plantsoorten te bepalen, die op stukjes grond van 50 bij 50 centimeter worden ingezaaid. Het onverwacht romantische eindresultaat van deze aanpak is te zien in het museum: een levensgrote foto van een landschap met granen en klaprozen, dat zo uit een Van Gogh lijkt gevallen.

Lange tijd ‘genegeerd’

Countryside: The Future is een wereldwijde, multidisciplinaire verkenning van wat Koolhaas omschrijft als the ignored realm; het platteland dus. Dat het lange tijd is ‘genegeerd’, is mede zijn schuld. Hij was het immers die in 1978 het vizier op de de grootstad richtte met zijn boek Delirious New York – a retro-active manifesto for Manhattan, waarmee hij internationaal doorbrak. Tot dat moment zag niemand de kwaliteit van het chaotische Manhattan, nu heette het ineens een Sparkling Metropolis, naar de tentoonstelling die in hetzelfde jaar te zien was op de bovenste verdieping van het Guggenheim. Het betrof een installatie met tekeningen en schilderijen van Madelon Vriesendorp en Zoe en Elia Zenghelis, voormalige partners en mede-oprichters van Koolhaas’ Office for Metropolitan Architecture (OMA).

Inmiddels verrijzen OMA’s spectaculaire gebouwen over de hele wereld, van het kantoor van de Chinese Staatstelevisie in Beijing tot de bibliotheek van Qatar. Maar toen de Verenigde Naties in 2007 meldden dat de helft van de wereldbevolking inmiddels in steden leefde, en onderzoekers zich massaal op de stad stortten, besloot Koolhaas zijn focus te verleggen naar ‘de 98 procent van de wereld die geen stad is’. Waar de andere helft van de mensen woont en waar – om Nederland als voorbeeld te nemen – de stikstofcrisis, aardbevingen als gevolg van gaswinning en de verdozing van het landschap spelen. Het Guggenheim, dat hem vijf jaar geleden benaderde voor een nieuwe samenwerking, was enthousiast en stelde het hele spiraalvormige gebouw van architect Frank Lloyd Wright tot zijn beschikking.

Koolhaas’ stelling: de grote veranderingen – positief en negatief – vinden op dit moment plaats op het platteland. Voor deze expositie zocht hij naar ‘bewijs van vooruitgang’ in het buitengebied.

Ambitieus of naïef?

Is het ambitieus of naïef om een tentoonstelling te maken over de toekomst van grofweg de hele wereld? Laten we allereerst vaststellen dat Koolhaas niet de enige is die zich met het platteland bezighoudt. De Universiteiten van Nairobi en Wageningen (die onlangs een kaart van ‘groen’ Nederland in 2120 presenteerde), bedrijven als Volkswagen en het Melnikov Permafrost Institute in het Russische Jakoetsk doen al jaren onderzoek naar het platteland en klimaatverandering. AMO zocht voor deze tentoonstelling samenwerking met hen en kreeg zo toegang tot dossiers en bijzondere locaties, zoals een gorillagebied in Oeganda.

Een dikke zuil is volgeplakt met tijdschriftcovers en speelgoedverpakkingen die clichés over het platteland en de stad tonen in Countryside, The Future in het Guggenheim Museum in New York. Beeld Laurian Ghinitoiu

Bij de ingang van de expositie staat een megatractor, binnen rijden robots rond die Stalin en een herder uit de tijd van de Romeinen moeten voorstellen. Een dikke zuil is volgeplakt met tijdschriftcovers en speelgoedverpakkingen die clichés over het platteland en de stad tonen; het nostalgische Kleine huis op de prairie-gevoel versus de futuristische wereld van Lara Croft. De vloer van de begane grond is bestickerd met hedendaagse elementen uit de landbouw. De introductie is een muur waarop Koolhaas duizend vragen stelt over het platteland. En dan moet de tentoonstelling nog beginnen.

Deze ‘interesting mess’ zoals een Britse journalist de tentoonstelling omschreef, zegt iets over Koolhaas’ alomvattende benadering van thema’s. Het platteland wordt niet in hapklare brokken opgediend, een conclusie ontbreekt; de bezoekers moeten aan het werk. Om alle kaarten, foto’s, films en teksten in je op te nemen, heb je zeker een halve dag nodig, als je hoofd niet voortijdig ontploft. ‘We hopen dat mensen terugkomen’, zegt curator Troy Conrad Therrien. Wat je na een eerste bezoek bijblijft, zijn deze fragmenten.

1. Het ware leven

De Romeinen en Chinezen ontwikkelden ruim twee eeuwen geleden een gelijksoortige filosofie over het platteland: zij beschouwden het als de plek waar je tot leven kwam. In de stad was je aan het werk, daarbuiten was er tijd en ruimte om tot rust te komen, vrienden te ontmoeten en jezelf cultureel te ontwikkelen. De Chinezen noemden het xiaoyao, de Romeinen otium; de tegenpool van negotium, ofwel handel drijven. Mindfulness, retraites in verbouwde kloosters en spa’s zijn hedendaagse varianten om de stad te ontvluchten en terug te keren naar het pre-kapitalistische bestaan, gericht op de natuur. De paradox van leisure, zoals otium tegenwoordig heet, is dat het onderdeel is van dezelfde consumptiemaatschappij; het platteland wordt verkocht als medicijn tegen burn-out, toerisme als redmiddel voor leeglopende dorpen.

2. Wereldvreemd

Countryside, The Future in het Guggenheim Museum in New YorkBeeld Laurian Ghinitoiu

In het gedeelte over political redesign toont AMO Grote Plannen die politieke leiders in de afgelopen twee eeuwen voor het platteland maakten, waaronder die van Hitler, Stalin en Mao. Communistisch China wilde via de transformatie van de agrarische economie de Grote Sprong Voorwaarts maken naar een industriële maatschappij. Stalin hervormde 1,2 miljoen vierkante kilometer natuur om de voedselproductie op te voeren. De nazi’s idealiseerden het platteland; Hitler legde snelwegen aan om het buitengebied te ontsluiten en de schoonheid van het landschap ervaarbaar te maken.

De beelden geven een ongemakkelijk gevoel, zeker als je leest wat curator Troy Conrad Therrien in de publicatie bij de tentoonstelling over deze ‘master countrysiders’ schrijft. ‘Zij waren gespecialiseerd in bloedvergieten en genocide, maar hun politiek was ook in staat om het platteland te hervormen.’ Hij legt een link met de huidige klimaatcrisis en ‘stralende steden op democratische heuvels’ die ‘doen alsof het wel meevalt en onmacht veinzen tegenover de gruwelen van ecocide’. Probeert Koolhaas te zeggen dat we voorbij de gruwelen moeten kijken en iets van de dictators kunnen leren? Het komt wereldvreemd over.

3. Wedergeboorte

Het bewijs van vooruitgang op het platteland dat Koolhaas zocht, vond hij deels in ‘experimenten’: dorpen waar op onverwachte manieren nieuwe vormen van bedrijvigheid ontstaan. Zo strandde in 1998 een boot met Koerdische vluchtelingen in het Italiaanse Riace, een verlaten oord waar nog maar 250 bejaarden woonden. Met subsidie werden de vluchtelingen in staat gesteld verlaten huizen op te knappen en een ambacht te leren. Ineens speelden er weer kinderen op het dorpsplein, het café ging weer open en er kwam een naaiatelier. De wedergeboorte van Riace inspireerde andere dorpen tot eenzelfde aanpak. Mooiste foto: vier jonge Afrikaanse mannen dragen het Jezusbeeld uit de kerk van Camini; een ritueel dat jaren niet meer in de praktijk was gebracht omdat de oude bewoners er niet de kracht voor hadden.

Opstellibng in de tentoonstelling Countryside, The Future.Beeld David Heald

4. Wegzakkende grond

Boven de tentoonstelling hangt de doem van de klimaatverandering. Daarover wordt vaak gesproken als iets dat in de toekomst speelt, dat we nog kunnen tegengaan als we de CO2-doelstellingen maar halen. Die hoop vergaat je bij het zien van de dooiende Permafrost in het uiterste noorden van Siberië, waar gigantische hoeveelheden methaan – opgeslagen in de bevroren grond – vrijkomen, waardoor de atmosfeer opwarmt en het dooiproces wordt versneld. Hele bossen en meren worden ‘weggezogen’ in gigantische kraters . Hoe moet het verder met de 4 miljoen mensen die hier leven? De geopolitiek rond het Arctisch gebied richt zich vooral op economische ‘kansen’ die zich door de opwarming voordoen; een mogelijke nieuwe zeeverbinding, nog meer fossiele brandstoffen delven.

5. Klein denken

Kan nieuwe technologie redding brengen? Kunnen we de wereldbevolking op milieuvriendelijke wijze van voedsel voorzien met high-techkassen, machines die planten fotograferen om fotosynthese te optimaliseren en visboerderijen waar ‘vrije uitloop’-vissen met gezichtsscans worden gemonitord om zieke exemplaren uit de bassins te halen? De beelden stemmen niet vrolijk. Maar dan is daar de foto van de ‘wilde’ veldbloemen in Wageningen; zou dit het platteland kunnen zijn waar we in de toekomst neerstrijken? Pixelfarming geldt als een belofte, maar er is nog wel een probleem: hoe ga je de mix van gewassen oogsten? De onderzoekers stellen dat we moeten stoppen met denken in megakassen, - stallen en – tractors, en dat we de schaal van de pixel moeten omarmen. Naast de foto staat een Wall-E-achtige robot, geprogrammeerd om planten te plukken.

Countryside: The Future, t/m 14/8, Guggenheim Museum, New York

Wisselende reacties

Countryside, The Future is wisselend ontvangen door de internationale pers. Edwin Heathcote van de Britse Financial Times schrijft dat ‘Koolhaas’ claim dat niemand naar het platteland kijkt geen stand houdt’ maar hij wel (bestaande) ‘ideeën in stukken breekt in een schokkende botsing van politiek, technologie, kaarten en nieuwe vormen van kolonisatie’. Brad Balfour van Irish Examiner USA vindt het fantastisch dat het Guggenheim zijn gebouw beschikbaar stelt voor ‘iets nuttigs’, oftewel aandacht voor de klimaatcrisis, die door president Trump ontkend wordt. Justin Davidson van New York Magazine daarentegen spreekt van ‘een enorme verspilling — van aandacht, expositieruimte, bronnen, talent en expertise.’ Davidson: ‘[…] op een bepaald moment had iemand hem op een stoel moeten zetten en vragen wat het punt van de hele tentoonstelling is. Het antwoord, zo blijkt; dat is er niet.’

De Britse Caroline Roux van The Art Newspaper ziet Countryside als Koolhaas’ ‘volgende stap in zijn voortdurende missie om relevant te blijven.’ Roux: ‘Hij begon als journalist, maakte naam met een boek en werd pas een praktiserend architect toen hij omarmd was als een bona fide profeet. Nu sluit hij tegelijk wel en niet aan bij the next big thing. Terwijl klimaatverandering en milieukwesties het debat domineren, lijkt Koolhaas zijn eigen versie daarvan te hebben uitgevonden.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden