Reisverslag uit Marokko

Even in Marokko geweest. Aardige foto’s gezien, om eerlijk te zijn, op de Marokkotentoonstelling in het Joods Historisch Museum in Amsterdam, gemaakt in de jaren vijftig (door Elias Harrus) en vorig jaar (door Pauline Prior)....

De schoonheid van de foto’s – de oude bebaarde mannen in hun gewaden, die schuw in de lens blikken, lijken na eeuwen moeizaam opgestaan van de doeken van Rembrandt of Zurbarán –, verdoezelt de hardheid van het bestaan enigszins. Want de Fransen hebben de Joden niet alleen bevoorrecht, ze hebben tegelijkertijd de Berbers met geweld het zwijgen opgelegd. Dat bleek mij bij thuiskomst uit het rauw-romantische reisverslag van A. den Doolaard uit 1938, getiteld Door het land van lemen torens. Hij deinst niet terug voor de term ‘bloedige onderwerping’, waar vliegtuigbommen en mitrailleurgepaf aan te pas kwamen.

Een heerlijk boekje, ook vanwege de ‘Leica-opnamen van den schrijver’, die geen Harrus of Prior was, maar er wel vroeg bij was. Hij wilde in Casablanca niet alleen de marmeren weelde bekijken, maar ook de blikken ellendekrotten waar twintigduizend Arabische ‘inboorlingen’ als ongedierte leefden. Het ietwat onbehouwen vocabulaire van de Hollandse reporter, die onbekommerd over rassen spreekt, bracht mijn culturele correctheid danig aan het bibberen, maar Den Doolaard maakt nergens de indruk te willen kwetsen. En hij mijdt de lyriek niet: ‘De heerlijke kruizemunt-thee der Musulmannen! Ook in Holland groeien de geurige groene plantjes; waarom is tijdens de oorlog niemand er op gekomen daar thee van te trekken inplaats van maag en humeur te vergiftigen met apenotendoppen en verder vuil?’

Het slothoofdstuk beantwoordt drie vragen. ‘Hoe kom ik naar Marokko?’(lange boottochten vanuit Marseille of Rotterdam), ‘Hoe reis ik er?’(autobus; vergeet de ‘breedgerande stroohoed’ niet, en ‘Tropenhelmen worden in Marokko alleen door aanstellers gedragen’), en de derde vraag is de uitsmijter: ‘Wat kost het mij?’ Welnu, niets. Alles is spotgoedkoop. Inboorlingen die om een fooi bedelen, verjage men met een krachtig ‘imschi’ (ga weg). In een inlandse winkel is afdingen vereist, ‘aangezien de verkoper U anders niet alleen afschuwelijk overvraagt, maar ook voor een imbeciel houdt.’ Wat een gids! Toch even in Marokko geweest, in 1938.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden