Reisverslag als daad van patriottisme

STEPHEN AMBROSE is een superster onder de Amerikaanse historici. Hij schreef, onder veel meer, goed onthaalde biografieën over Eisenhower en Nixon, een bestseller over D-Day (6 juni 1944) en verder Rise to Globalism, een handboek over de Amerikaanse buitenlandse politiek dat ook in Nederland bij menige opleiding geschiedenis of politicologie...

Zoals dat wel vaker gaat met mensen die in de afbouwfase van hun actieve leven terechtkomen, heeft hij nu eens een project ter hand genomen dat hem persoonlijk fascineerde, zonder zich te bekommeren om vragen van nut, verkoopbaarheid of doelgroep. Welke onderzoeker loopt niet jarenlang rond met ideeën waar geen tijd voor is, omdat de dingen die 'moeten' altijd voorgaan? Ambrose, onderzoeker in hart en nieren, was al twintig jaar geleden 'verliefd geworden' op het onderwerp waaraan hij nu eindelijk toekwam: de ontdekkingsreis van Meriwether Lewis en William Clark op het Noord-Amerikaanse continent aan het begin van de negentiende eeuw.

Voor elke ook maar enigszins geletterde Amerikaan is deze reis een begrip, vergelijkbaar met wat de avonturen van Bontekoe of Willem Barentsz zijn voor een Nederlander. Ambrose spreekt van 'Lewisandclark', twee in hun beroemdheid tot één versmolten hoofdpersonen. Hun geschiedenis bevat tal van tot de verbeelding sprekende ingrediënten: succes, mislukking, tragiek (Lewis kickte na terugkeer in de beschaving af met drank en maakte ten slotte, door iedereen verlaten, zelf een einde aan zijn leven), heldendom, patriottisme en niet in de laatste plaats een levendig geschreven dagboek.

De liefde van Ambrose begon met een bezoek aan een tante in Illinois, die het boek met het reisverslag van Lewis en Clark in de kast had staan. De historicus las - het was de eerste serieuze kennismaking met de materie - en werd overwonnen. De zomer daarop deed hij met zijn hele gezin plus een aantal studenten van de universiteit van New Orleans de beschreven expeditie, van Illinois naar de Westkust van de Verenigde Staten, nog eens over. Weliswaar in wat comfortabeler omstandigheden, want de groep beschikte over goede kampeerspullen, stevige kano's en twee pickups.

Het werd een daverend succes. Voor Ambrose en zijn familie leidde de kennismaking met de ruigte van Amerika's wildernis tot niet minder dan een soort wedergeboorte. Zo luisterrijk was de ervaring dat hij daarna niet meer zonder kon. Jaarlijks keerde hij terug en herhaalde hij de reis, met kleine routevariaties en in gezelschappen van wisselende samenstelling. En nu is er dan het boek waarin hij alle wetenswaardigheden over Lewis en Clark heeft opgetekend. Een 'labor of love' dat - het blijkt uit elke zin - zo persoonlijk doorleefd is als een wetenschappelijke studie maar kan zijn.

De ontdekkingsreizigers werden erop uitgestuurd door president Thomas Jefferson (1743-1826, president geworden in 1801). Jefferson had velerlei bedoelingen met de expeditie. Hij verwachtte dat een makkelijke route over goed bevaarbaar water naar de Stille Oceaan zou worden gevonden, met slechts een korte onderbreking bij de Rocky Mountains, die wel te paard of met paard en wagen te overwinnen zouden zijn. Natuurlijk wilde hij weten of het land achter de horizon te exploiteren was; hij had daar echter geen hoge verwachtingen van. Verder was hij, zelf een typische 'verlichte' achttiende-eeuwer, wetenschappelijk geïnteresseerd in wat de onbekende wereld aan flora, fauna en menselijke beschaving verborgen hield.

In zijn achterhoofd sprak ook de politiek een woordje mee. Kennis van het grensgebied tussen Amerikaans en Frans/Spaans en Brits bezit zou kunnen dienen als ondersteuning van eisen tot uitbreiding van het territoir van de Verenigde Staten. Geen wonder dat de Spaanse ambassadeur, die door toeval als een van de eersten lucht kreeg van de plannen, onmiddellijk bezwaar maakte.

In januari 1803 had de president het geld voor de reis bij het Congres losgepeuterd. Om zover te komen had hij het eerst met zijn eigen geweten op een akkoordje moeten gooien. Als overtuigd 'anti-federalist' kon Jefferson eigenlijk niet verantwoorden dat de landsregering deze 'culturele' taak op zich nam. Om het parlement om de tuin te leiden gaf hij, tegen beter weten in, een zwaar accent aan het commercieel belang dat met de missie gemoeid zou zijn. Om zeker te zijn van succes verstopte hij de begrotingspost bovendien nog achter de tien miljoen dollar die hij tegelijkertijd vroeg voor de aankoop van New Orleans van Napoleon (die kort daarna besloot heel Louisiana van de hand te doen). Zo'n grote post was het trouwens niet. Geschenken om de indianen gunstig te stemmen, ter waarde van 696 dollar, waren als grootste uitgave voorzien.

Lewis was als landeigenaar in Virginia een van Jeffersons buren en, hoewel zij dertig jaar in leeftijd verschilden, met hem bevriend. Toen Jefferson het Witte Huis betrok, werd Lewis zijn secretaris. Van de twee mannen, die samen dat gebouw bewoonden als 'twee muizen in een kerk' (zoals Jefferson optekende), was de president de intellectueel, de secretaris de buitenmens die liever ging jagen of paardrijden.

Toen Jefferson zijn plan voor een expeditie erdoor drukte, wist hij wie hij op pad moest sturen. De opdrachtgever bemoeide zich vóór Lewis' vertrek nog met alle details van de voorbereiding. Hij mobiliseerde heel wetenschappelijk Amerika, zowel om de ontdekkingsreizigers - Clark werd aangezocht als eerste begeleider - te voorzien van de nieuwste snufjes in overlevingstechniek, als om te inventariseren wat andere wetenschappers van de reis verwachtten.

De ontdekkingstocht zelf was een immens avontuur. De reizigers werden met elke denkbare tegenslag geconfronteerd. De wateren waren lang niet allemaal bevaarbaar, als er al water was. Veel grotere afstanden dan gehoopt moesten over land worden afgelegd. Er stond van alles in de weg. Bergen, ravijnen, ondoordringbare begroeiing, dieren die beten of staken, indianen die weigerden doorgang te verlenen. Lewis en Clark zeulden over, door en langs elke hindernis met hun zware bepakking en verzonnen elke list die nodig was om het doel te bereiken.

Jefferson benoemde Lewis na diens terugkeer in de bewoonde wereld tot gouverneur van Louisiana. Dat was geen gelukkige beslissing. Door zijn bestuurlijke beslommeringen en actieve deelname aan allerlei commerciële activiteiten had Lewis geen aandacht meer voor het publiceren van zijn wetenschappelijke bevindingen. Toen Jefferson bleef aandringen en Lewis er maar niet toe kwam ten minste te boekstaven wat de expeditie wél had opgeleverd, namelijk een enorme hoeveelheid aardrijkskundige, biologische en etnologische kennis, trad verwijdering op tussen opdrachtgever en uitvoerder.

Mede omdat Lewis zijn afspraken niet nakwam, begon de staat hem te achtervolgen met nota's voor uitgaven die hij ongeautoriseerd had gedaan. Op een dag in het najaar van 1809 bezweek hij, fysiek versleten, onder de spanning en zette een pistool tegen zijn hoofd.

De lange reis is het hoofdbestanddeel van dit boek. De politieke verwikkelingen en de economische en culturele vernieuwing in de Verenigde Staten aan het begin van de vorige eeuw blijven bijzaak, hoe knap en kernachtig ook geduid.

Ambrose houdt, zoals zoveel van zijn landgenoten, zielsveel van Amerika. In zijn schets van de avonturen van Lewis en Clark schept hij grote patriottische vreugde. Ze is een eerbetoon aan de natuur én aan de mens die de natuur overwint zonder te gaan overheersen. Wat dat betreft staat Ambrose vierkant in de traditie van het Amerikaanse 'conservationism', dat in Jefferson en Theodore Roosevelt prominente voorvechters heeft gehad. Na lezing van het hele boek is eindelijk duidelijk geworden waarom hij in zijn voorwoord de avond van 4 juli 1976, toen hij voor het eerst kampeerde op een plek waar ook Lewis en Clark hadden gebivakkeerd, en daar kampvuurliedjes zat te zingen, 'de meest glorieuze avond van zijn leven' noemt.

Doeko Bosscher

Stephen Ambrose: Undaunted Courage - Meriwether Lewis, Thomas Jefferson, and the Opening of the American West.

Simon & Schuster, import Van Ditmar; 397 pagina's; ¿ 57,75.

ISBN 0 684 81107 3.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden