Opinie

'Rechtse media zijn er, maar waar blijven de linkse media?'

H.J. Schoo pleitte voor pluriformiteit in de vorm van geprofileerde linkse en rechtse media, stelt socioloog en politicoloog Merijn Oudenampsen. 'Maar er zijn geen linkse media.'

Het Buitenhof-panel in 1994 met Frank Nijpels, Andree van Es, Hendrik Jan Schoo, Peter van Ingen Beeld anp

'Hoe zou het komen dat de progressieve kranten en actualiteitenrubrieken allemaal sympathiseren met de Palestijnen?' Dat is de vraag die Martin Sommer opwerpt in een origineel betoog in de Volkskrant van 16 augustus. Het is moeilijk om vandaag de dag nog met droge ogen te beweren dat de journalistiek een links bolwerk is.

Martin Sommer gaat dan ook iets subtieler te werk. Ook al zijn journalisten niet meer links en beschouwen zij zichzelf als objectief, de facto is het effect van de professionele journalistiek nog te links in de ogen van Sommer. Dat komt doordat de journalistiek te veel gericht is op reportages over slachtoffers, op mensenrechten en het bekritiseren van de macht.

'Wij zijn niet meer links', schrijft Sommer, 'wel betrokken. Die betrokkenheid keert zich tegenwoordig tegen de macht in het algemeen, de top of 'de rijken'. Macht deugt niet, autoriteiten zijn slecht en wij journalisten kiezen vanzelf de kant van de gedupeerden. In de internationale variant concentreert de betrokken journalistiek zich op de mensenrechten. Daar kan niemand tegen zijn, die gelden immers altijd en overal.'

Een dergelijke beroepsethiek leidt ongewild tot een linksig profiel. Bij het publiek leidt het tot het idee dat journalisten progressief zijn en sympathiseren met de Palestijnen. De oplossing die Sommer aandraagt is dat journalisten zich meer gaan identificeren met de macht. Belangrijk is dat Sommer in zijn artikel linkse betrokkenheid beschrijft als 'politieke vooringenomenheid' waarvoor 'professionaliteit in de plaats gekomen' is.

Het is dus een pleidooi voor rechtse betrokkenheid en identificatie met de macht, in dit geval de V.S. en Israël. En waar gehakt wordt, daar vallen spaanders. Journalisten moeten dus niet al te kritisch zijn over mensenrechten en slachtoffers, als het de buitenlandse politiek van de V.S. of Israël betreft. Dit is een onvervalst pleidooi voor wat Glenn Greenwald 'establishment journalism' heeft genoemd.

Eenzijdige interpretatie
Deze analyse zegt Martin Sommer te ontlenen aan zijn inspirator H.J. Schoo. Alleen geeft Sommer een zeer eenzijdige interpretatie van wat Schoo beweert in zijn boek Een ongeregeld zootje. Schoo pleit voor een hernieuwde profilering en politisering van de Nederlandse journalistiek. Maar hij geeft daar geen eenzijdig rechtse of pro-Israëlische invulling aan, zoals Sommer dat doet. Integendeel, Schoo stelt dat journalisten zich niets moeten aantrekken van kritiek zoals geleverd door Martin Sommer, want dat leidt tot te veel behoedzaamheid: 'Media die door de voortdurende aanvallen van politiek rechts op hun professionele bias toch al in het verdomhoekje zitten, worden overvoorzichtig.'

Het wordt tijd voor een meer pluralistische, ideologisch geïnformeerde journalistiek. Het werkelijke probleem is: in Nederland bestaan er wel degelijk uitgesproken rechtse media, zoals De Telegraaf en Elsevier, alleen geen linkse media.

Merijn Oudenampsen is socioloog en politicoloog.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.