Ramsey Nasr heeft een huiskamer vol rariteiten

Hoe komt een succesvolle acteur en dichter ertoe zijn huis vol te stouwen met opgezette dieren, stereokijkers, vuistbijlen en andere curiosa? Ramsey Nasr leidt rond in zijn Wunderkammer - en verklaart ondertussen zijn verzameldrift.

Ramsey Nasr met zijn stereoscoop. Beeld Tom Janssen

Het begon met een karaf. Nog geen twintig centimeter hoog, amper tien centimeter in doorsnede. Elegant, en toch sober vormgegeven.

Ramsey Nasr herinnert zich nog goed hoe hij ermee in zijn handen stond in een tweedehandswinkel in Amsterdam. Hij had net een huis gekocht in deze stad, na een jarenlang verblijf in Antwerpen. 'Ik vond het een prachtig flesje. De rood-zwart-gele versiering deed me aan België denken. Toch twijfelde ik: ga ik dit nou echt kopen? Wat moet ik ermee? Ik drink niet eens likeur.'

Even later liep Nasr toch met het flesje naar buiten. 'Voor het eerst had ik iets gekocht dat nergens toe diende. Behalve dat ik het mooi vond.' Het bleek de start van een verzameling die nog iedere dag aangroeit. Een verzameling objecten die even nutteloos als mooi zijn.

Hoe komt een succesvolle, gelauwerde acteur en dichter ertoe zijn huis vol te stouwen met opgezette dieren, optische instrumenten, fossielen, stenen, kommetjes uit de Indus-vallei, het pepermuntrolletje van poolreiziger Piet Oosterveld en 19de-eeuwse foto's? Wat drijft hem? Wat hoopt hij te vinden te midden van al deze curiosa, boeken en kunstwerken?

Voor de beantwoording van die vraag neemt Nasr me mee naar zijn Wunderkammer, zoals hij zijn verzameling noemt, naar analogie van de rariteitenkabinetten die in het Europa van de 17de en 18de eeuw immens populair waren. 'Je zou kunnen zeggen dat het mijn droomkamer is.'

De rondleiding door zijn Amsterdamse bovenwoning begint bij de stereoscopen. Apparaten die een schijn van diepte creëren als je door een brilletje kijkt naar de beide foto's die je erachter hebt geplaatst. Een directe voorloper van de viewmaster uit de jaren vijftig, zestig en zeventig van de 20ste eeuw, de plastic kijkertjes waarvan Ramsey Nasr er overigens ook verschillende heeft verzameld, inclusief de honderden cirkelvormige kaarten die je erin kon steken om in 3D een verhaaltje van Walt Disney of Rin Tin Tin te aanschouwen - maar ook de opening van het Atomium in '58, het huwelijk van Fabiola en Boudewijn, of 'treurige softporno'.

Een Torpedo Toverlantaarn (1920) / Goudmantelrosella / Nasrs eerste sterrenkijker (19de eeuws). Beeld Tom Janssen

Optische illusies

Nasr: 'In 1985 werd bij de Euromast de expositie Fenomena gehouden, een soort pretpark over allerlei natuurkundige verschijnselen. Ik was 11 jaar en was er niet weg te slaan. Ook gezichtsbedrog kwam uitgebreid aan bod. Sindsdien ben ik gefascineerd door optische illusies en de werking van het oog.'

In zijn Wunderkammer heeft hij een aantal antieke stereoscopen staan, waaronder een prachtig robuust exemplaar uit 1920 met glasplaatjes die de historische en geografische hoogtepunten uit alle regio's van Frankrijk tonen. Nasr laat een tamelijk onspectaculair beeld zien van de graftombe van koning Lodewijk II en Anna van Bretagne in Saint-Denis. 'En dan maar kijken, hè.' Minstens zo enthousiast wordt hij van vakantiefoto's van wildvreemde 19de-eeuwers op een gletsjer, of in de Schotse highlands. Die horen bij een antieke toverlantaarn, waarmee hij lichtbeelden op de muur kan projecteren.

Beeld Tom Janssen

Hij was geen jongen van suikerzakjes of voetbalplaatjes. 'Nee, ik was niet zo'n verzamelaar in mijn jeugd. Wel spendeerde ik veel tijd in diergaarde Blijdorp. Daar is mijn belangstelling voor de natuur geboren. Ik ging er bijna elke dag naartoe, na school, dan maakte ik een rondje langs mijn vaste dieren: de nachtdieren, de steenvis enzovoort. Ik wilde bioloog worden - of liever: ik wilde Darwin worden. Dat leek me geweldig. Ze hadden toen een tentoonstelling in de dierentuin over Darwin, met een sectie 'levende fossielen'. In een waterbak scharrelden dieren die ik nooit eerder gezien had: degenkrabben. Ik was stomverbaasd. Een beest dat al miljoenen jaren oud was, stond plots voor je, levend en wel. Vorig jaar heb ik zelf degenkrabben gekocht. Wel dood, helaas.'

Natuurhistorie is een van de pijlers waar zijn Wunderkammer op rust: wetenschappelijke boeken over biologische verschijnselen, prenten, fossielen, maar ook opgezette dieren. Daarnaast zijn dat de optica, de 'foute boeken', de fotografie.

Is er een overkoepelend thema aan te wijzen? Het valt niet mee om een accolade om zijn verzameling te plaatsen, zegt Nasr, of het moet dit zijn: 'Ik ben altijd speciaal geïnteresseerd in fenomenen op het punt dat ze net beginnen te ontstaan. De vroegste fotografie. De eerste meercellige diertjes. De oermens.'

Uit een vitrine haalt Nasr een doosje met een puntige steen. Het blijkt een vuistbijl die ergens tussen 150- en 70 duizend jaar geleden is gemaakt in Frankrijk. Een prachtig exemplaar, handzaam, aan de randen aangescherpt, met duidelijke gebruikssporen. 'Een paleolithische biface uit het Moustérien,' weet Nasr. 'Hiermee heeft een jager-verzamelaar duizend eeuwen terug overleefd, hij heeft er zijn prooi mee opengesneden.' Even stokt Nasrs woordenvloed. Hij kijkt naar de steen in zijn hand. 'Zo dicht bij een Neanderthaler te kunnen komen, daar krijg je toch tranen van in je ogen?'

Nicole, de witte vredesduif. Beeld Tom Janssen

Lekker makkelijk

Nasr stelt me voor aan Badger en Nicole, zijn das en zijn witte vredesduif. De laatste is vernoemd naar de Duitse zangeres die in 1982 het Eurovisiesongfestival won met Ein bisschen Frieden.

'Ik heb prachtige reizen mogen maken naar Tanzania en Borneo en het Noordpoolgebied, maar ik ken de natuur eigenlijk alleen uit boeken. Ik blijf een stadsjongen. Zo'n opgezet beest is dan lekker makkelijk. Die knabbelt niet aan je meubels en hoeft niet op gezette tijden gevoed te worden.'

Ook de trilobieten zijn lekker rustig. Hij loopt naar de vitrine waar hij zijn favoriete exemplaren heeft uitgestald. Geanimeerd vertelt hij over deze schitterend geconserveerde fossielen. 'Trilobieten leefden tussen 521- en 250 miljoen jaar geleden. Dat betekent dat ze het 270 miljoen jaar hebben volgehouden. Onvoorstelbaar, als je bedenkt dat de mens pas een magere 200 duizend jaar op deze aarde rondloopt.'

De pissenbedachtige diertjes kropen over de zeebodem, konden zich oprollen en sommige hadden ogen op stelten, zoals bij de huidige slak. Pasgeleden, zo vertelt Nasr, kreeg hij een trilobiet toegestuurd van een Engelse handelaar. De sukkel had het fossiel niet goed vastgezet en allebei de steltogen waren afgebroken. 'Toen ik dat zag, kon ik wel gillen. Niet omdat mijn aankoop beschadigd was, maar omdat een beestje dat honderden miljoenen jaren gaaf en heel was gebleven, door een achteloze lul uit Groot-Brittanië was kapotgemaakt.'

De eerste symptomen van verzameldrift vertoonde Nasr gedurende zijn studententijd. Toen nog uitsluitend gericht op boeken en vooral cd's. Uitgesmeerd over twee wanden van zijn appartement staan duizenden cd's, keurig chronologisch gerangschikt, van vroege middeleeuwse muziek tot hedendaags klassiek. Daarna de zangers en zangeressen, de pianisten, de violisten, de opera's, Duitse operette, dirigenten, volksmuziek en jazz. 'En helemaal aan het eind heb ik mijn vier pop-cd's staan.'

Trilobiet: Asaphus Kowalewskii, 460-480 miljoen jaar oud. Beeld Tom Janssen

Categoriseren en rangschikken - dat zijn karaktertrekken die de ware verzamelaar kenmerken. Ook Nasr is ermee behept. 'De wereld rubriceren. Het is een vorm van controle uitoefenen op de chaos, zoals ze dat in de 19de eeuw ook graag deden.'

Hij toont een recente aankoop: een prent uit 1855, met de langste rivieren ter wereld, naast elkaar, uitgetrokken tot lange kronkellijnen. De Mississippi is de langste. Op dezelfde prent staan naast elkaar in oplopend formaat de grootste bergen. 'Je hebt er he-le-maal niks aan, maar het is wel lekker overzichtelijk.' Nasr schiet in de lach. 'Dergelijke zinloze exercities, ik ben er dol op.'

Een Wunderkammer is in feite net zoiets, erkent hij. 'Je creëert je eigen wereldje. Je vult de leegte van het bestaan - jawel meneer, ik zeg het maar zoals het is - met mooie dingen. Ik ben bloedserieus. En toch is het één grote grap. Maar is dat niet met elke grote passie zo? Waarom gaat iemand acteren, fotograferen of postzegels verzamelen? Elke droom past precies in een gat.'

Beeld Tom Janssen

Hooked

Terug naar de karaf. 'Daarmee is de ellende pas echt begonnen,' zegt Nasr. Na de likeurfles wees iemand hem op het bestaan van veilingsites als Ebay en Catawiki. Hij was meteen hooked. 'Er bleken zaken te koop waarvan ik niet eens wist dat je ze kon verhandelen. En erger: ik bleek naar objecten te verlangen waarvan ik niet wist dat ik ze wilde hebben.'

Nu zit hij vaak urenlang te surfen langs de sites van veilinghuizen. Ook zijn er handelaren die hem rechtstreeks benaderen, wetende dat 'mister Nasr from Amsterdam' een speciale belangstelling heeft voor, bijvoorbeeld, daguerreotypieën, de oudste foto's.

Hij neemt me mee naar een hoge houten ladenkast, in zijn geheel gevuld met specimina uit de beginjaren van de fotografie. Nu komt Nasr pas goed op stoom. Handenwrijvend laat hij de ene daguerreotypie na de andere ambrotypie en tintype zien.

'De daguerreotypie werd uitgevonden door meneer Daguerre in 1839. Het is een verzilverd koperplaatje, dat enorm werd gladgepoetst voordat er met behulp van een chemisch proces een beeltenis op werd vastgelegd. Door het spiegelende effect noemden de mensen het 'A mirror with a memory'.'

Het oudste exemplaar in Nasrs Wunderkammer dateert uit omstreeks 1845, het portret van een jongetje. Hij toont me echtparen, foto's van overledenen, mannen in uniform. Prachtig is ook een androgyn ogend stel uit 1850 met twee identieke bloempotkapsels.

En steeds die ernstige gezichten. Dat had te maken met de belichtingstijd, legt Nasr uit. Je moest in de begintijd wel een minuut stilzitten. Die ernst is voor hem een van de aantrekkelijke kanten van de eerste fotografische proeven. 'Tegenwoordig maakt iedereen aan de lopende band selfies en als je er niet op zijn minst schaterend op staat, is er iets mis met je. Bij een 19de-eeuwer kun je zo naar binnen kijken door de verstilde blik die niets kan verhullen.'

Hij laat me een van zijn favorieten zien, een tintype van vóór 1867, het laatste stadium voor men definitief op papier overging. Het is een schimmige voorstelling van twee magere jongemannen, schouder aan schouder, met de handen in elkaar. 'Dit vind ik zo ongelooflijk mooi. De plechtige tederheid die hieruit spreekt. Twee jongens die besluiten hun vriendschap te bezegelen door er een foto van te maken en die in een mooi doosje te stoppen. Ik hou van het ernstige in die vriendschap.' Toen hij het etui liet restaureren werd er achter de foto een haarlok van een van de mannen gevonden.

Of kijk, deze. Een daguerreotype van ene Miss Mary Maxwell. Haar jaartallen staan erbij: 'Born 1784 - died 1857'. 'Zij is 13 jaar vóór Schubert geboren. Ze heeft nog geleefd terwijl Mozart leefde. Ja, dat ontroert mij diep.'

Dan komen we bij het plankje 'foute boeken'. Daar staan de naslagwerken die eigenlijk niemand hebben wil. Zoals de Atlas der Syfillis und der Venerischen Krankheiten (1898) van de Weense dokter Franz Mrazek, ruimschoots voorzien van nietsverhullende illustraties.

Tintype met twee mannen, voor 1867. Beeld Tom Janssen

Ontstekingen aan de balzak

'Dit wil je echt niet zien,' zegt Nasr, terwijl hij verlekkerd verder bladert. 'Echt verschrikkelijk. Ontstekingen aan de balzak, schimmels, vreemde uitwassen. En het gaat maar door.' Het erge met verzamelen is, zegt Nasr, dat de ene aankoop de volgende uitlokt. 'Als je eenmaal de geslachtsziektes in je bezit hebt, moet je ook de oogziektes hebben, uit diezelfde reeks.'

Daarnaast staat Die Soldaten des Führers im Felde, een propagandaboek van de nazi's over de intocht in Polen. Het opmerkelijke is dat de foto's ook weer stereoscopisch zijn afgedrukt. Met het bijgeleverde brilletje kun je de oprukkende Duitse troepen dus inclusief dieptewerking bewonderen. Nasr: 'Het is gruwelijk, maar ook fascinerend. Dat er mensen waren die gezellig thuis in de salon zaten te kijken naar oprukkende tanks in Polen, of hier, een inspectie van de troepen, of Engelse krijgsgevangenen die lachen in de lens. Alsof ze jou aankijken. Dat maakt het extra pijnlijk.'

Over geld wil Nasr niet praten, maar het is wel duidelijk dat zijn Wunderkammer geen onschuldige hobby meer is. 'Hoe heeft het zover kunnen komen? Waar is het misgegaan?', roept hij gespeeld dramatisch uit.

Een paar mogelijke verklaringen passeren de revue. Natuurlijk is het verzamelen van mooie spullen en het inrichten van je huis op een bepaalde manier een vorm van nesteldrang. 'Ik wil mezelf niet te veel op de sofa leggen, maar je zou kunnen zeggen dat deze spullen mijn voorlopige kinderen vormen. Dat geld had ik anders aan Olvarit en buggy's uitgegeven. Ik besef heus wel dat je geen tijd en energie en geld meer over hebt voor zo'n verzameling als je echte kinderen hebt. Als het eenmaal zover is, zal ik moeten kiezen: eten voor de kleine of toch een verse trilobiet?'

Een tweede verklaring is gelegen in de zogenoemde 'historische sensatie' die optreedt als je een oud object in de hand houdt. 'Jazeker, ik hou ervan om terug gekatapulteerd te worden in de tijd. Maar maakt mij dat een nostalgicus? Dat geloof ik niet. Ik dweep er niet mee. Ik heb immers geen enkele heimwee naar de tijd dat er nog geen penicilline bestond, om maar wat te noemen. Ik ben heel gelukkig dat ik in het nu woon. Maar ik wil wel proberen het verleden zo goed mogelijk te begrijpen. Omdat ik ervan overtuigd ben dat dat de enige manier is om iets van het hier en nu te snappen.'

Likeurkaraf, eerste helft 20ste eeuw, herkomst onbekend. Beeld Tom Janssen

Om die reden las Nasr in zijn jonge jaren al liever oude literatuur, de Middelnederlandse letteren, dan de modernen, en heeft hij een voorkeur voor 14de-eeuwse fresco's boven 'alles sinds de Renaissance'. 'Vanaf Michelangelo wordt de schilderkunst krachtig, zelfbewust. Ik geef de voorkeur aan de naïviteit en de onschuld. Voor fotografie geldt hetzelfde. De fotografie van de 19de eeuw is zich nog totaal niet van zichzelf bewust. Je ziet dat mensen nog heel ongemakkelijk werden van een fotolens. Vergeet niet dat het vaak de enige keer in hun leven was dat ze gefotografeerd werden. Vergelijk dat met vandaag. Iedereen is zich de hele tijd hyperbewust van hoe hij of zij eruitziet en overkomt.'

Blijft de vraag waar het heen moet met Nasrs Wunderkammer. Is er een doel? Kan de verzameling ooit 'af' zijn?

'Een groter huis zou om te beginnen niet gek zijn. Aan de andere kant... voor een verzamelaar is het logische eindpunt dat je wordt buitengesloten door je eigen verzameling. Dat je er niet meer bij past. Binnenkort kom ik op dat punt en zal ik moeten kiezen: de cd's wegdoen, iets uit de Wunderkammer, of zelf maar vertrekken?'

Paleolithische vuistbijl (Frankrijk, 150- tot 70 duizend jaar oud), Homo Neanderthalensis. Beeld Tom Janssen

Zijn verzameling is zijn levenswerk, maar daarin ligt besloten dat de dood van de verzamelaar ook het einde van de verzameling inhoudt. 'Het is treurig maar waar. Als ik ooit kom te overlijden, gaat alles naar de stort. Niemand is geïnteresseerd in mijn trilobietjes, in plaatjes van geslachtsziekten, in mijn likeurfles of in Nicole en Badger.'

Nasrs verzameling heeft een eigen Instagramaccount: doctornasrswunderkammer

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden