land van afkomstnajib amhali

‘PVV’ers zeggen altijd tegen me: jij bent anders. Ik vraag dan: hoezo anders?’

Beeld Ernst Coppejans

Cabaretier Najib Amhali ( 49 ) neemt in zijn biografie geen blad voor de mond. Precies waarvoor zijn publiek, van PVV’er tot gesluierde moslima, hem zo waardeert.

Een paar verhaallijnen uit Najib, de vorige week verschenen biografie van Najib Amhali: zijn verslavingen aan alcohol, drugs en gokken, het vreemdgaan tijdens zijn eerste huwelijk en de jarenlange gevangenisstraf van zijn jongste broertje. Een week voor het naar de drukker ging, is Amhali het boek toch eens gaan lezen. ‘Mijn broertje was niet blij, die moest huilen. Maar ja, het is mijn verhaal en dit hoort daarbij.’

Robert Vuijsje interviewt voor V Nederlanders over de rol die afkomst speelt in hun leven. Hij spreekt onder anderen nog met dichter Lamia Makaddam (Tunesisch) en influencer Oumayma Elboumeshouli (Marokkaans).

Waarom zo openhartig?

‘Een paar jaar geleden las ik in een kliniek in Portugal het boek van Wim Kieft, over zijn verslavingen. Dat was een goed boek. Ik vind: als ik iets vertel, moet ik alles vertellen. Mijn ervaringen delen.’

Over de verslavingen ging het al in je laatste theaterprogramma’s. Was dat een schok?

‘Voor andere Marokkanen, bedoel je? Sommigen lieten weten: vuile junk, neem nog een snuif. Dan denk ik: waarschijnlijk breng jij het rond, of anders je neef wel. Kom op, we leven in Nederland, weet je hoeveel mensen drinken, ook Marokkanen? In Marokko wordt gewoon gedronken. Ik ben een publiek figuur, dit onderwerp had ik vaak ontweken. Het zou toch een keer uitlekken, dan kon ik beter mijn eigen versie van het verhaal vertellen.’

In het boek worden de feesten uit zijn jeugd beschreven. De flessen drank stonden thuis op tafel, er werd gerookt en geblowd. ‘Mijn moeder droeg moderne, hippe kleren en geen hoofddoek. Mannen en vrouwen zaten bij elkaar. Zo ging het bij alle Marokkanen die naar Nederland kwamen. Nu zou worden gevraagd: maar waar haalden jullie dan vlees? Gewoon, kip bij de supermarkt. Een halal slager was er niet in Krommenie.’

Is er thuis veel veranderd?

‘Mijn moeder draagt een hoofddoek, ze ging zich meer verdiepen in het geloof. In haar woonkamer hingen foto’s van de kinderen en kleinkinderen. Die heeft ze weggehaald, omdat een vrouw van de moskee zei dat het moest. In de ruimte waar ze Allah aanbidt, mogen geen foto’s hangen van anderen. Haar neef kwam zelfs zeggen dat ze geen tv meer mocht kijken, dat was haram. Ik heb hem gebeld: heb jij een tv thuis? Ja, dat had hij. Ik zei: flikker die dan eerst uit het raam en bemoei je daarna weer met mijn moeder.

‘Bij FunX werd een radiopresentator bedreigd omdat hij een programma presenteerde dat Ramadan Late Night heette. Dat mocht niet, want muziek zou haram zijn. Die show werd meteen gecanceld. In Marokko gaat dat niet zo. Als je daar op straat met een grote baard over joden loopt te schreeuwen, word je opgepakt. Ik ben geen politiek analist, maar ik denk dat die veranderingen zijn gekomen door de invloed van Saoedi-Arabië. Zij financieren hier moskeeën, in ruil willen ze invloed. Net zoals bij de PVV zou moeten worden gevraagd: wat zijn die giften, waar komt jullie geld vandaan?’

Is er nog meer veranderd?

‘Ergens is iets misgegaan met het beeld van Marokkanen. In Nederland kun je leven met behoud van identiteit en religie, dat staat zelfs in de wet. Het is een prachtig land. Om me heen zie ik allemaal succesvolle vrienden van Marokkaanse afkomst. Een hoofdagent bij de politie, een ondernemer met negen vestigingen van Domino’s Pizza of iemand met een hoge functie bij ABN Amro. Daar ga ik mee om. De een heeft een vrouw met een hoofddoekje op, de ander niet.

‘Dat beeld zie ik nooit. Je krijgt alleen de draaideurcrimineel te zien. Als drie Belgen van Sharia4Belgium met een spandoek naar Nederland komen, staan ze op de voorpagina. Ze heten Sharia4Belgium, het zijn niet eens Nederlanders. Ik ben niet heel streng gelovig of druk bezig met religie. Maar islam is vrede, dat is hoe ik het ken. Je moet elkaar helpen.

‘Je hoort weleens mensen zeggen: kijk naar de Chinezen, daar zijn nooit problemen mee. Die staan niet op straat vrouwen uit de schelden voor hoer. Klopt. Alleen zie ik ook geen Chinese voetballers, geen artiesten, geen burgemeesters en geen Kamervoorzitter.’

Wie zitten in jouw publiek?

‘Mijn zalen zijn voor 80 procent wit, dat heeft te maken met reserveren. Hollanders doen dat, Marokkanen of Surinamers bedenken een week van tevoren dat ze willen gaan – ja, dan is het uitverkocht. En verder: van hoog- tot laagopgeleid en van PVV’ers tot hoofddoekdragende moslima’s.’

Waarom komt een PVV’er naar jouw show?

‘Zij zeggen altijd tegen me: jij bent anders. Ik vraag dan: hoezo anders? Het komt toch door angst, daarom stemmen ze PVV. De enige Marokkanen die ze kennen, zien ze bij Opsporing verzocht. Je hebt trouwens ook Marokkanen die op de PVV stemmen. Die zijn het helemaal zat: ik doe zo mijn best en dan verpesten een paar mocro’s het voor ons allemaal.’

Besefte je eind jaren negentig dat je de eerste cabaretier was die zijn afkomst kon gebruiken als materiaal?

‘Zo keek ik er zelf niet naar. Ik had de shows van Eddie Murphy gezien, die vertelde over zijn leven. Zo heb ik het altijd bekeken: ik vertel over mezelf. Ik merkte dat hoogopgeleide mensen schreven dat het over integratie ging. Daar was ik helemaal niet mee bezig.

‘In mijn eerste show kwam ik op en begon ik in slecht Nederlands te praten. Niemand kende me nog. In de zaal gingen ze me verbeteren, ze probeerden me te helpen, zo slecht was mijn Nederlands. Daarna praatte ik ineens normaal en zette ik de hele tent op z’n kop. Het was een geweldige act, maar het ging niet over integratie. Ik deed het omdat ik het grappig vond.

‘Dé Marokkaan bestaat niet. Nu hoor ik steeds over Palestijnen en Israël. Zoals ik ernaar kijk: Saoedi-Arabië is zo rijk, als ze het wilden, hadden ze al een hele nieuwe staat neergezet voor de Palestijnen. Ik ben opgegroeid met Joden, die hebben me groot gemaakt. Ik heb alles te danken aan Raoul Heertje, de oprichter van Comedytrain, waar ik ben begonnen. Mijn oom in Marokko zei al: blijf bij hem, hij brengt je omhoog.’

Najib Amhali (Marokko, 1971) was bezig aan de laatste maanden van zijn recentste voorstelling Waar was ik? ‘Ik had nog vijf dagen Carré in Amsterdam staan, vijf dagen in Zwolle, Tilburg, Den Bosch. Ik weet niet wanneer die shows weer doorgaan. Een leeg theater, dat is niks.’ De biografie Najib, geschreven door Marcel Langedijk, is vorige week verschenen.

Nederlands

‘Als het Nederlands elftal speelt – tenzij Marokko meedoet.’

Marokkaans

‘Bij mijn moeder, met de hele familie.’

Partner

‘Niama en ik deelden hetzelfde: een weg vinden in de combinatie van onze Nederlandse en Marokkaanse kanten.’

Wit of blank

‘Ik zei altijd neger en blanke, nu is het zwart en wit. In mijn grappen was het: neger dit, neger dat. Dat kan niet meer, het is gevoeliger geworden.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden