Puffende en ratelende wereldmachines

Gestoorde beeldhouwers, geniale avonturiers en andere onmatige karakters bevolken de tentoonstelling 'Austria im Rosennetz' in Brussel. In een labyrintisch panorama laat samensteller Harald Szeemann zien hoe het 'visionaire' Oostenrijk de Europese kunstgeschiedenis beïnvloedde....

DE DEMON van de proportie, berichtte de geesteszieke Franz Xaver Messerschmidt aan de schrijver Friedrich Nicolai, is jaloers omdat hij - de beeldhouwer Messerschmidt - in proporties nagenoeg perfect was. Hij was een begaafd portrettist. Zijn reputatie heeft hij te danken aan ongeveer zestig in zijn atelier gevonden karakterkoppen in marmer of lood, waarvan er 49 bewaard zijn gebleven.

Dertien van die borstbeelden staan op sokkels in een kring, in het hart van de 'witte kubus' - het Brusselse Paleis voor Schone Kunsten. Ze verenigen het vakmanschap én het demonische van Messerschmidts kunnen. Hij kneep zich, aldus het verslag van Nicolai, in verschillende delen van zijn lichaam en liet deze handeling vergezeld gaan van een grimas. Hij kon, zei hij, een wonderbaarlijke macht uitoefenen op de verschrikkelijke demonen. Het was een bezwerende daad.

De beelden tonen ons de kern van het verhaal van Austria im Rosennetz, een tentoonstelling waarin Harald Szeemann filosofeert over 'visionair Oostenrijk'. De snavelkop, de ergerlijke of de kinderachtige janker zijn 'studies' van de proporties, waarmee Messerschmidt - schrijft Ernst Kris in De esthetische illusie - ons tracht 'te laten zien hoe een menselijk gelaat van uitdrukking veranderde als reactie op verschillende ervaringen'. Maar tegelijkertijd zijn ze ook uitingen van de vaardigheid van de beeldhouwer én acts, want de maker ging met zijn beelden de demon te lijf.

De Oostenrijkse kunstenaar Arnulf Rainer overschilderde foto's van Messerschmidts wellustig afgetobde gek of huilerige ouderling. Weense 'aktionisten', Günther Brus, Otto Mühl, Hermann Nitsch of Rudolf Schwarzkogler, besprenkelden zich met bloed of knepen zich zoals Messerschmidt in het lichaam, Aktion in het kielzog van de afgrijselijke skelettaferelen van Alfred Kubin of Egon Schiele. Gekte en kunde zijn als het ware wezenskenmerken van het 'rozennet' Oostenrijk. De gulden middenweg tussen een 'verklaring van het alledaagse' (de kunstig vervaardigde prullaria van de Oostenrijkse volkskunst) en een 'verklaring van het buitengewone' (de kunstwerken van vaak door demonen bezochte 'artiesten') is uiterst moeilijk te traceren. Dat wil Austria im Rosennetz ons laten zien.

Kubin stichtte de droomstad Perle, Robert Musil het rijk Kakanië, Fritz von Herzmanovsky-Orlando Tarokije, Paul von Rittinger het land Fabulistan en Szeemann Visionair Oostenrijk. Kubin, Musil, Von Herzmanovsky en Von Rittinger zijn Oostenrijkers. Szeemann is een Zwitser.

In de tentoonstelling schetst hij de wonderbaarlijke wereld van Oostenrijk, een broedplaats van bizarrerieën, een open inrichting, een wereld van fantasten, uitvinders, kunstenaars, profeten en helden. Het zijn 'de grensverleggers par excellence'. Hij wil niets minder dan die bizarre trekken van Oostenrijk visualiseren en als het kan bejubelen.

Hij bereisde het land en doet verslag van zijn bevindingen. Zijn reis door Perle en Kakanië, door het Oostenrijk van veldmaarschalk Johann Josef Wenzel graaf Radetzky, de geesteszieke Messerschmidt, de getergde tekenaar Kubin of de geniale avonturier Von Rittinger, heeft hem ook de ogen geopend voor de Oostenrijkse volkskunst. 'Als Picasso de zwart-Afrikaanse kunst en Dubuffet de art brut als krachtbron van eigentijdse kunst bewonderen en aftappen', schrijft Szeemann in zijn voorbereidende notities, 'waarom zou ik dan niet de Oostenrijkse volkskunst, die geweldige dingen heeft voortgebracht, laten zien?' Kostuums van gras, muizenvallen als pre-minimalistische sculpturen, handdoekenrekjes als memento mori, aandenkenkistjes, ijzeren ex-voto's. En de karakterkoppen van Messerschmidt. En de dierenportretten van de vergeten Aloys Zötl. En het Sindbad-spel van Von Rittinger. Een overweldigend en labyrintisch panorama van het visionaire Oostenrijkse 'rozennet'.

De titel is ontleend aan Von Herzmanovsky-Orlando's novelle Der Gaulschreck im Rosennetz, een fantastisch-ironisch verhaal waarin de in het Hoftamboersmagazijn werkzame hofsecretaris Jaromir Edler von Eynhuf figureert, die in zijn verzamelwoede gefixeerd is op melktanden. 'Wat bestond er nu voor zuiverders dan die paarlentanden der onschuld, deze juwelenkistjes der nederigheid?' In het 'rozennet' worden kunstwerken en rariteiten onder één noemer gebracht. Het Paleis voor Schone Kunsten is daardoor een soort Wunderkammer waarmee de samensteller 'specifiek Oostenrijkse kwaliteiten' wil blootleggen.

Bij elk item hoort een herinnering of een vertelling. Het een verwijst naar het ander. Het is een compositie. De Oostenrijkse filmregiseur Erich von Stroheim is een ideaal 'item': onmatig en gedisciplineerd, cynisch, ondoorgrondelijk, afwerend maar ook nauwgezet. In Austria im Rosennetz worden veel van zulke onmatige types ten tonele gevoerd. Von Stroheim, luidt de anekdote, werd door de jonge chef-producent van Universal ontslagen omdat deze had ontdekt dat zijn regisseur voor de gardesoldaten in Merry-Go-Round zijden ondergoed had laten maken met het keizerlijke monogram, ofschoon dat voor de camera nooit zichtbaar werd. 'Die onderbroeken', zei Von Stroheim, 'zijn ook niet belangrijk voor de camera. Ze zijn voor de houding.' De expositie brengt het allemaal in kaart: zulke wetenswaardigheden, de literatuur, de film, de beeldende kunst, de architectuur, het theater, de fenomenen, de gekken en de lustmoordenaars, en de naar suikertaart en slagroom geurende volkskunst.

Obsessionele types als Franz Gsellmann, die tot zijn dood in 1981 aan een ratelende en puffende wereldmachine werkte, of de avontuurlijke Von Rittinger met zijn 'rozentaferelen' zijn voor Szeemann kunstenaars met 'weldadige' visies uit één stuk. De 'professionele-stijl-kunst', schrijft hij over hedendaagse kunstexposities, weet geen belangrijke vragen meer te poneren, geen fundamentele processen meer op gang te brengen, en is afgegleden naar het fabriceren. Daarom maakt hij zulke allesomvattende tentoonstellingen, waarin verschillende wegen worden bewandeld en 'de waarheid' wordt versnipperd in geschakeerde 'waarheden'.

Aan hem - zegt Szeemann - verscheen ooit een veelborstige godin: de godin van de waarheid, of misschien wel de muze. In tal van interviews maakte hij gewag van 'het Multimamellenbeeld'. De borsten der waarheid zijn: anarchie, sociale utopie, reformatie van ziel, leven, geest en lichaam, pychologie, mythologie, dans, muziek, literatuur en kunst. Het is het recept van al zijn tentoonstellingen, van Junggesellenmaschinen (1975), van Hang zum Gesamtkunstwerk (1983), Monte Verità (1978) of Visionäre Schweiz (1991).

Szeemann noemt zich 'een wilde denker': empirisch maar ook speculatief, anarchistisch en obsessioneel. Hij schrijft tentoonstellingen. In catalogi van door hem samengestelde exposities beschrijft hij, soms zelfs in dagboekvorm, hoe hij stap na stap een idee of een concept in een museale ruimte voor het publiek aanschouwelijk maakt. Hij is altijd uitdrukkelijk aanwezig. Zijn biografie, zijn herinneringen, museumbezoeken en lecturen maken deel uit van de tentoonstelling. Elke expositie zit onlosmakelijk vast aan de voorgaande. Ze zijn onderdeel, fragment na fragment, van het grote Szeemann-kluwen, bedacht door het éénmansbedrijfje Agentur für geistige Gastarbeit in het Zwitserse Ticino. Szeemann treedt op als agentschap. Hij is de cartograaf van het visionaire.

De nieuwe poëtica van Lautréamont en het daaruit ontstane object L'Enigme d'Isidore Ducasse van Man Ray hebben ongetwijfeld iets te maken met de uitvinding van de naaimachine door Madersperger, een Oostenrijker. Op Etant donnés (etc.) van Marcel Duchamp herken je het gloeikousje van Auer, het bekende Oostenrijkse Auerlichtje. De lawaaierige machines van Jean Tinguely herinneren aan de Wereldmachine van Gsellmann uit het Oostenrijkse Edelsbach. 'De kunstgeschiedenis van onze eeuw zou heel wat minder boeiend zijn zonder alle Oostenrijkse uitvindingen', luidt een van de in Austria im Rosennetz aanschouwelijk gemaakte stellingen.

De opzet is onorthodox. De expositie is een puzzel waarvan de stukken door Szeemann beredeneerd in kabinetjes zijn uitgestald. Nu eens sta je oog in oog met keizerin Sissi, je wandelt langs de maquettes van het Haus der Laune, het 'huis der stemmingen' van Ignaz Witzmann en Johann Zugner, en van de Wetzdorfse Heldenberg. Je ziet, gezeten op de voor de Documenta vervaardigde 'tapijtzetels' van Franz West, films van Von Stroheim. Er hangen schilderijen van Schiele en Oskar Kokoschka. In het Paleis van Schone Kunsten staat de foltermachine uit Franz Kafka's In de strafkolonie en in een vitrine liggen relikwieën bij het verhaal. Je wordt geïntroduceerd in de danswereld van Rudolf von Laban en in de muziek van Arnold Schönberg. En op een kitscherig zelfportret staat Anna Stainer-Knittel afgebeeld, een van de 'eerste geëmancipeerde vrouwen van de negentiende eeuw', in typisch Oostenrijkse klederdracht, met in haar rechterhand penseel en palet.

Austria im Rosennetz is een nieuwe etappe van het veldonderzoek van de cultuurvorser Szeemann. Na deze expositie, die eerder in Wenen en Zürich was te zien, zou hij - suggereert directeur Piet Coessens van het Paleis van Schone Kunsten - ooit nog eens het 'visionaire België' in kaart moeten brengen.

Want juist nu in dat land de Vlaamse en de Franse Gemeenschap 'vertwijfelde pogingen ondernemen om een al dan niet bestaande culturele identiteit te affirmeren', zou zo'n geadopteerde buitenstaander daarmee België een grote en genotvolle dienst kunnen bewijzen.

Austria im Rosennetz (Visionair Oostenrijk). Tot en met 12 juli in het Paleis voor Schone Kunsten, Brussel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden