Programmamaker Sinan Can op zoek naar de drijfveren van IS

Tv-programmamaker Sinan Can (39) won prijzen met zijn series over de Armeense genocide en de Arabische Lente. Nu speurt hij in het kalifaat naar de drijfveren van IS. Wat opvalt in al zijn werk: hij zoekt niet persé de nuance. Met alle gevolgen van dien.

Tv-programmamaker Sinan Can: 'Journalistiek is mijn roeping. Dan ga je niet bij de eerste grote tegenslag opgeven.' Beeld Aisha Zeijpveld

Half juni zit programmamaker Sinan Can (39) aan zijn keukentafel in Nijmegen. Hij is bezig met de voorbereidingen van een tv-tweeluik over opkomst en ondergang van IS, gepland voor dit najaar. Nog tien dagen, dan vertrekt hij voor drie weken naar Syrië en Irak. Hij wil naar Damascus en Aleppo, en mee met het Syrische leger dat gebieden in de provincie Raqqa aan het bevrijden is. Hij wil naar de Al Nouri-moskee in Mosul, waar in 2014 IS-leider Abu Bakr al-Baghdadi het kalifaat uitriep. Hij wil naar Tikrit, waar Saddam Hoessein uit een gat in de grond kwam gekropen. Hij wil weten waarom mensen hebben gekozen voor IS, maar ook: hoe het was om te leven onder het kalifaat.

Op een van de laatste dagen van zijn tocht bel ik hem in Aleppo om te horen hoe het hem vergaat. De verbinding is slecht, maar de emoties komen onverdund door de telefoonlijn.

Hij trekt het niet meer, zegt hij.

'Gisteren sprak ik met kinderen die uit Raqqa waren gevlucht. Kinderen van 10 die anaal zijn verkracht, kinderen die door IS-strijders gedwongen werden naar filmpjes van onthoofdingen te kijken. Die dit soort sommen tijdens de rekenles kregen: 1 bom + 1 bom = 2 bommen.'

Sinan Can

1977 Geboren in Nijmegen
2002 Verhuist naar Istanbul om daar werkervaring op te doen bij CNN Türk.
2003 Studeert af aan de School voor Journalistiek in Tilburg.
2006 - 2011 Werkt voor tv-programma Zembla. Genomineerd voor een Tegel.
2009 winnaar van de Loep, prijs voor beste audiovisuele productie op het gebied van onderzoeksjournalistiek, voor de uitzending De gijzeling in Almelo.
Sinds 2011 Maakt documentaireseries: Tien jaar na 9/11 (2011), Uitgezet (2013, Clara Wichmann Penning), Bloedbroeders (2015, Nominatie IDA Awards in Los Angeles), De Arabische storm (2016) en Onze missie in Afghanistan (2016).
2016 Krijgt ereprijs Journalist voor de Vrede voor De Arabische storm en Bloedbroeders.

Georganiseerde slechtheid - de term heeft hij net nog bedacht voor wat hij hier de afgelopen weken zag en hoorde. Meteen erachteraan: 'En dan wordt er in Nederland een discussie gevoerd over hoe we met terugkerende jihadisten moeten omgaan. Edwin Bakker, hoogleraar terrorisme en contraterrorisme in Leiden die het heeft over 'verloren zonen'. Dan denk ik: laat die Bakker verdomme eens komen kijken hoe de doodseskaders hier al het menselijke kapot hebben gemaakt. Verloren zonen! Als zo'n jihadist mijn kind was geweest, had ik het verstoten.'

Hij heeft geen Nederlandse Syriëgangers gesproken tijdens zijn reis. Helaas, zegt hij. 'Wel Arabische, uit Irak en Syrië. Een paar dagen geleden sprak ik een voorman van een terreurcel. Hij was opgepakt, ik mocht hem in het bijzijn van Iraakse militairen interviewen. Die man bleek verantwoordelijk voor de aanslag in Kirkuk in 2011. Dertig mensen dood. Ik was daar toen voor het programma Uitgesproken Vara, het gebeurde op tientallen meters van me vandaan. Dus dat gesprek werd super confronterend.'

Wat gebeurde er?

'Ik wil niet alles prijsgeven, het programma moet nog op televisie komen. Maar de man droeg een masker en dat heb ik van zijn hoofd getrokken. Hij had een rotkop. Ik moest me inhouden om hem geen klap te geven. Weet je wat ik het ergste vind? Dat het, nu ze aan de verliezende hand zijn, van die kleine mannetjes worden die beweren dat zij zelf slachtoffer zijn. Dat ze hadden willen vluchten maar niet weg konden. Dat ze zielige verhalen ophangen en zeggen: iedereen is tegen ons. Dan denk ik: je bent lid geweest van een criminele en terroristische organisatie. IS is een doodseskader dat al het menselijke vernietigt.'

Een maand geleden zei je: ik wil deze reis ook maken om te snappen hoe een organisatie als IS functioneert.

'Nu denk ik, maar misschien komt dat door alle emoties: waarom zou ik dat in godsnaam willen begrijpen? Ik word alleen maar bozer en bozer.'

Sinan Can is een Vara-coryfee in opkomst. De afgelopen jaren maakte hij voor die omroep een aantal prijswinnende documentaireseries. In 2015 Bloedbroeders, met de musicalacteur Ara Halici, over de Armeense genocide van 1915. De Turk Can en de Armeniër Halici onderzoeken hoe hun families betrokken waren bij de Turkse massamoord op de Armeniërs. Can, in aanvang sceptisch om de term genocide te gebruiken, was na zijn reis om.

'Armeense kontenlikker', heet hij sindsdien in sommige Turkse kringen. Uit betrouwbare bron weet hij dat hij zal worden opgepakt zodra hij een voet op Turkse bodem zet.

In 2016 reisde hij met regisseur Thomas Blom voor hun documentaireserie De Arabische storm een half jaar door de landen waar de Arabische lente was omgeslagen in een Arabische storm. Hij gaat naar de markt in de Tunesische plaats Sidi Bouzid, waar de zelfontbranding van fruitverkoper Mohammed Bouazizi de Arabische revolutie in gang zet. Hij praat met leden van de Moslimbroederschap in Egypte, om na te gaan hoezeer hun religieuze denkbeelden IS hebben beïnvloed. In Kirkuk, Irak, komt hij voor het eerst oog in oog te staan met vier IS-strijders.

'Dat was een rare setting', vertelt hij in Nijmegen. 'Ik mocht filmen tijdens een verhoor. De politieman die de vier ondervroeg zei dat ik dichtbij moest gaan zitten, want dan kon ik het kwaad in de ogen kijken. Kwaad in de ogen? Die mannen leken op de slager hier op de hoek. Het waren kneusjes, die hand- en spandiensten hadden verricht.'

Tekst gaat verder onder de foto.

Beeld Aisha Zeijpveld

Heb je toen ook mensen gesproken die aanslagen hebben uitgevoerd?

'Eentje. Maar die gaf het niet toe. Hij had twee jaar een hoge functie bekleed in het leger in Raqqa; dan maak je mij niet wijs dat je geen bloed aan je handen hebt. Ik kwam de man tegen in een vluchtelingenkamp en ik wilde van hem weten: waarom heb je je bij IS aangesloten? Omdat hij kwaad was op het Westen. Op het kapitalisme, het imperialisme. 'Het is niet alleen maar het geloof', zei hij, waarop ik antwoordde: 'Nee, maar je gebruikt het geloof wel heel goed. Want welke jongere krijg je nog uit naam van het communisme of het socialisme de straat op?'

In De Arabische storm zit een aflevering waar een Koerdische vrouw foto's laat zien. De camera blijft op afstand, jij vertelt wat je ziet.

'Het was walgelijk. Een kind van 5 dat in tweeën was gereten. Een kind van 8, onthoofd. Welk fokking motief heb je daarvoor? Dan wil ik tegen zo'n man zeggen: 'Al jouw leed, al jouw pijn verdwijnt dan als sneeuw voor de zon. Dan ben je evil. Evil.''

'Kinderen zijn Sinans zwakke plek', zei je regisseur, Thomas Blom.

'Ja. Want dan denk ik aan zo'n moment. Dat je zo'n mes in je handen hebt. En zo'n kind huilt dan. Of smeekt. Wat gaat er dan door je heen? Is er dan nergens een seconde waarin je denkt: dit kan ik niet?' De reizen geven zijn ziel een donkere kant, zegt hij. 'Ik krijg steeds minder vertrouwen in de mensheid.'

Waarom reis je dan toch die kant op?

'Ik kom uit een linkse, activistische familie, ik ben opgevoed met het idee dat je je moet inzetten voor de samenleving, Dat je, om de wereld iets eerlijker en rechtvaardiger te maken, zelf offers moet brengen.'

Je zou ieder kind met een migrantenachtergrond de jeugd van Sinan Can wensen. Hij werd in 1977 geboren in Nijmegen. 'De stad waar mijn opa vijfenvijftig jaar geleden met één koffer aankwam.' Zijn vader was metaalarbeider, zijn moeder maatschappelijk werkster. Hij heeft het eerder verteld: engagement is hem met de paplepel ingegoten. Op zijn 3de mee naar het Malieveld, demonstreren tegen kernwapens. Na schooltijd huiswerk maken in het gebouw waar zijn moeder vrouwen hielp die slachtoffer waren van eerwraak en huiselijk geweld. Zijn vader zat bij een Turkse arbeidersvereniging en boycotte Shell.

'Ze wonen hier achter me', zegt Can. 'Ik ben blijven hangen in de wijk waar ik ben geboren.'

Hij had telefoonnummers gegeven van mensen die konden worden gebeld ter voorbereiding op het gesprek. Jos van den Berg, zijn leerkracht in de zesde klas van de basisschool, vertelde hoe de vriendenclub rond Can elkaar nog jaarlijks ziet. 'Er zaten veel Marokkaanse en Turkse jongens bij, en iedereen is goed terechtgekomen.'

Klasgenoot Stef Biemans, tegenwoordig woonachtig in Nicaragua, maker en presentator van de VPRO-serie Americanos, zei: 'Bottendaal, de wijk waar wij woonden, was in de jaren zeventig en tachtig een vooruitstrevend experiment van het gemeentebestuur. Daar werden de huizen om en om toegewezen aan een Turks gezin, een hoogopgeleid Nederlands gezin, een Marokkaans gezin en zo verder. En dat ging allemaal goed samen.'

Can: 'Dat klopt. En jongeren kraakten panden, en zorgden ervoor dat er migranten in kwamen. Hoogopgeleide mensen kwamen naar deze wijk en brachten hun kind naar onze school, waardoor het niveau steeg. Wij, kinderen uit gastarbeidergezinnen, veel met een taalachterstand, kregen les van idealistische leerkrachten die ingrepen zodra er maar iets van uitsluiting dreigde. Dus je hebt de optelsom: liefdevolle ouders, liefdevolle school, liefdevolle wijk. De multiculturele samenleving is misschien niet overal gelukt, maar hier wel. Het concept racisme kende ik niet, tot ik ging studeren en voor vuile Turk werd uitgemaakt.'

Beeld Aisha Zeijpveld

Sonja Barend en Paul Witteman waren de reden dat hij journalistiek ging studeren in Tilburg. 'Sonja, omdat ze toen al alle minderheden aan tafel had. Witteman, omdat hij de beste interviewer van Nederlands was.'

Zijn afstudeerdocumentaire maakte hij over de vier uur tussen het moment dat bekend werd gemaakt dat Pim Fortuyn was vermoord, en de persverklaring waarin duidelijk werd dat de dader een blanke Nederlander was.

'Ik woonde in Turkije toen het gebeurde. Ik liep stage bij CNN Türk en was thuis toen ik een telefoontje van de redactie kreeg. In de uren daarna besloot ik al: hier ga ik op afstuderen. Ik ga gesprekken voeren met mensen over hoe de spanning steeg in Nederland, omdat iedereen dacht: de dader is vast een allochtoon.'

'Dat was ook heel leuk', zegt hij. 'Ik heb toen Wim Kok benaderd.'

Voor een interview.

'Ik stuurde hem een heel lange mail, waarin ik schreef dat ik in Turkije woonde toen Fortuyn werd vermoord, dat ik me heel erg zorgen had gemaakt dat de dader een allochtoon was, dat ik zelf een derde generatie Nederlandse Turk was. En helemaal onderaan eindigde ik met: 'Ik hoop dat u een bijdrage wilt leveren aan mijn diploma.' Twee dagen later werd ik gebeld door Koks secretaresse: ze wilde een afspraak voor me maken. Heel schattig, hij kwam aangereden op zijn fiets, met zijn broodtrommel achterop.'

Na zijn afstuderen kreeg hij meteen werk bij de Moslimomroep. Daarna werd hij redacteur bij Premtime, het programma van Prem Radhakishun. 'Leerzaam, maar na een jaar dacht ik: ik wil toch het liefst bij een actualiteitenprogramma werken.' Kort daarna kwam er een vacature bij Zembla. 'Ze zochten iemand met tien jaar ervaring in de onderzoeksjournalistiek, en vijf jaar ervaring als maker, allemaal dingen waaraan ik niet voldeed. Maar ik dacht: ik ga toch een brief schrijven.'

Wat heb ik te verliezen? Die les leerde hij bij CNN Türk. De presentator van het actualiteitenprogramma daar kreeg iedereen aan tafel. 'Dat was een echte starfucker.'

Lang verhaal kort: hij mocht op gesprek komen bij Kees Driehuis, eindredacteur van Zembla. 'Ik heb toen tegen hem gezegd: Kees, ik wil één afspraak met je maken. Ik wil niet dat je me aanneemt omdat ik allochtoon ben, niet om alleen items te maken over moslims, allochtonen en Turken. Als we een uitzending maken over het koningshuis of paardendoping, dan moet ik dat ook kunnen. Maar als mijn achtergrond kan helpen: tuurlijk, why not? Als extraatje.' Daar hebben ze meteen gebruik van gemaakt: mijn eerste bijdrage ging over de vogelgriep in Oost-Turkije. Niet lang daarna volgde 'De heilige Ayaan', waarin we het vluchtverhaal van VVD-Kamerlid Ayaan Hirsi Ali op een rijtje hebben gezet en tot de conclusie kwamen dat ze had gelogen. Dat leidde uiteindelijk tot haar vertrek uit de politiek.'

Omdat het vluchtverhaal al jaren bekend was, werd Zembla karaktermoord verweten. Ik hoorde van een oud-docent van je dat je toen bijna bent gestopt met de journalistiek.

'Klopt.'

Waarom?

'Omdat mensen uit mijn privékring het contact met me verbraken. Een vriendin van mijn moeder, ze was gemeenteraadslid in Nijmegen, was woedend: 'Ayaan doet zo veel voor vrouwenemancipatie, moet je haar zo raken?' Collega-journalisten waren kwaad en wilden niet meer met me praten. We werden bedreigd. Ik werd om één uur 's nachts gebeld: 'We weten dat je voor de Pakistaanse geheime dienst werkt.' We hebben ons destijds stilgehouden, maar o, wat had ik toen graag willen vertellen hoe meedogenloos en gemeen mensen kunnen zijn. Ik kwam net in de journalistiek kijken, ik dacht: man, als het zo gaat moet ik misschien stoppen. Ik bezweek haast onder die druk.'

Tekst gaat verder onder de foto.

Beeld Aisha Zeijpveld

Waarom ben je toch gebleven?

'De journalistiek is mijn roeping. Dan ga je niet bij de eerste grote tegenslag opgeven.'

Je lijkt me iemand die geniet van een conflict hier en daar.

'Ha. Mijn collega's bij Zembla zeiden al: zelfs als jij een item maakt over paardendoping, ontaardt het in een ruzie. Ik kan het niet laten me uit te spreken als ik het met iemand niet eens ben. Hoe harder ze in mij bijten, des te harder bijt ik terug.'

Hij is sinds een jaar, aan de tafels van Pauw, Jinek, en RTL Late Night, een van de felste critici van Recep Erdogan, de president van Turkije. Hij maakte zich kwaad toen na de mislukte couppoging vorig jaar honderdduizenden vermoedelijke tegenstanders van de regering werden vastgezet. Hij maakte zich kwaad om de Turkse demonstranten in Rotterdam, toen burgemeester Aboutaleb de komst van Turkse ministers verbood die wilden komen lobbyen voor het referendum waarmee Erdogan nog meer macht kreeg. 'Je krijgt ze de theehuizen niet uit voor betere werkgelegenheid', zei hij toen, 'maar er hoeft maar iemand uit Ankara te roepen, of ze gaan de straat op.'

'Vara-huilstruik' en 'Hoertje van Pauw' zijn nog de onschuldigste bijnamen die hij sindsdien krijgt. 'Ik word sinds Bloedbroeders bedreigd. Alles wordt gezegd: ik verkracht je moeder, en als je kinderen hebt: ik verkracht je kinderen. Ik steek je neer, ik ga je familie uitroeien, ik ga je huis in brand steken als je ligt te slapen. Een mij onbekende Turkse zakenman schreef laatst: 'Ik ga al mijn geld spenderen aan jou kapot maken, want jij maakt mijn land kapot.'

Zijn die bedreigingen ook de reden dat ik je niks mag vragen over je privéleven?

'Ja. Dus daar ga ik ook niks over zeggen.'

Wat vindt de politie van die bedreigingen?

'Ik heb nog nooit aangifte gedaan. Die vreugde gun ik ze niet. Ze mogen me uitschelden en bespugen. Maar de grens is als ze bij me aan de deur staan. Want dan sta ik niet voor mezelf in.'

Hij neemt een adempauze, een van de weinige in het gesprek. 'Ik ben weleens een paar dagen in de luwte gebleven. Dat ik niks over Turkije zei omdat ik dacht: ik wil er nog wel eens naar toe kunnen. Maar dat vreet aan me.'

Waarom maak je eigenlijk geen documentaires in Nederland? Je kunt naar Irak gaan, maar ook een zesdelige serie maken over Nederlandse Turken.

'Daar kijken 300 duizend man naar. Ik weet niet of dat veel invloed heeft.'

Wanneer kiest hij voor de politiek, vroeg regisseur Thomas Blom zich af. Hij vertelde dat je al door partijen bent benaderd.

'Het is nog te vroeg.'

In wat voor functie zie je jezelf?

'Burgemeester van Nijmegen. Maar alleen als ik gekozen word, en niet benoemd. Daar ben ik heel principieel in. Ik wil mijn macht en mijn draagvlak ontlenen aan het volk.'

Wat zou je als burgemeester van Nijmegen als eerste doen?

'Ik zou naar de theehuizen en de moskeeën gaan, en zeggen: stop eens met jullie slachtofferschap. Oké, er is discriminatie op de arbeidsmarkt. Maar waarom het bijltje erbij neergooien en je afsluiten van de samenleving? Daar kan ik niet tegen. Waar ik ook niet tegen kan: dat een politieke partij als Denk dat slachtofferschap in stand houdt, door te benadrukken dat mensen met een migrantenachtergrond tweederangsburgers zijn. Kom op. Geef mensen perspectief! Zeg: we gaan ons tegen elke vorm van onrecht verzetten, we gaan bedrijven erop aanspreken, we gaan de media opzoeken. Maar ze gaan in hun eigen bubbel zitten, en dromen over Turkije, over hoe fantastisch dat land is, en dat het een leider heeft die voor hen opkomt. Maar die leider geeft geen ruk om jou. De crisis die hij heeft veroorzaakt in Europa, door groepen Turken tegen elkaar op te zetten, gaat ten koste van de vijf miljoen Europese Turken. Het racisme neemt toe.'

Hij heeft tijdens het gesprek al een paar keer gezegd: ik zal je straks mijn werkkamer laten zien. Tegen het einde van het interview lopen we er binnen. Boven de deur hangen foto's van overleden familieleden. Tegen de wand: prijzen die hij kreeg voor zijn werk. In een kastje staan spullen die hem dierbaar zijn. Na de uitzending van het tweeluik Onze missie in Afghanistan, kreeg hij een speld van een soldaat die in Uruzgan had gevochten. Een Armeense vrouw die hij in Libanon ontmoette en die Bloedbroeders had gezien, gaf hem een gehaakte granaatappel in een bewerkt houten kistje en zei dat die hem veilig zou houden tijdens zijn reizen.

'Hier zit ik vaak', zegt Can. 'Vooral 's nachts. Ik heb weinig slaap nodig.'

Boven zijn bureau hangt een hele rij boekenplanken. De onderste met boeken van de 13de-eeuwse Perzische soefi-mysticus Rumi, die filosofeerde over de voordelen van verdraagzaamheid. 'Als ik achter mijn computer zit en beelden zie die ik eigenlijk niet kan zien, grijp ik naar die plank, en lees ik een van zijn gedichten en dan zie ik toch altijd weer een lichtpunt.'

Hij pakt zijn 'inspiratieboek' van de plank, Liefde kent veertig regels, van Elif Shafak. Het gaat over een vrouw die een baan aanneemt als proeflezer van een literair agentschap, en een manuscript in handen krijgt dat gaat over de ontmoeting tussen Rumi en zijn leermeester Sjems Tebrizi. 'Er staat een hoofdstuk in het boek over wederkerigheid dat ik prachtig vind. Rumi zegt: voor elke dief die sterft, komt er een terug. Voor elke gewetensvolle mens die verdwijnt, komt er een terug. Dat geeft mij rust.'

Of de mysticus hem ook door de laatste drie weken heeft gesleept? Op Facebook zette hij, op de dag van de ontmoeting met de aanslagpleger in Kirkuk, dit bericht:

'As you live Deeper in the Heart, the Mirror gets clearer and cleaner.

Rumi.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden