Recensie De conservatieve revolte

Proefschrift Merijn Oudenampsen is vooral irritante etikettenplakkerij (twee sterren)

Door de loodzware maatschappelijke inzet van Merijn Oudenampsen gaat er veel mis in zijn boek.

Beeld Floor Rieder

Merijn Oudenampsen: De conservatieve revolte  Een ideeëngeschiedenis van de Fortuyn-opstand

Vantilt; 384 pagina’s; € 24,50.

Ruim twee jaar geleden maakte ik via een gelukkig snel bijgelegde ruzie over de interpretatie van utopieën kennis met het werk van Merijn Oudenampsen. Ik was getroffen door de maatschappelijke gedrevenheid en de polemische zelfverzekerdheid waarmee hij zijn visie presenteerde. Dat maak je in onze door het postmodernisme getekende cultuur niet meer vaak mee. Het werk van Oudenampsen bestond toen nog alleen uit artikelen; onlangs kwam daar een Engelstalig proefschrift bij, dat nu in een Nederlandse editie is verschenen als De conservatieve revolte. Ik was benieuwd en begon er enthousiast aan.

Helaas viel het bitter tegen. Wat op de korte baan in een polemisch artikel scherp en treffend overkomt, wordt in een lijvig boek dat een langere adem vraagt, eentonig en zelfs ergerniswekkend.

De conservatieve revolte beschrijft de ruk naar rechts die de vaderlandse cultuur en politiek doormaakten na de linkse jaren zestig. Het wordt door Oudenampsen als een soort vervolg gepresenteerd op de beroemde dissertatie Nieuw Babylon in aanbouw van James Kennedy over ‘Nederland in de jaren zestig’. De hoofdstelling van Kennedy neemt Oudenampsen over. Zoals de elites in het verleden het linkse denken ‘accommodeerden’ en inpasten, gebeurde dat later met de rechtse revolte van Bolkestein, die het omslag siert, en Fortuyn, die de ondertitel krijgt.

Loodzwaar

Vergeleken met de lichte, wetenschappelijk verantwoorde toets van Kennedy gaat er door de loodzware maatschappelijke inzet van Oudenampsen veel mis. Hij is dermate gefixeerd op zijn twee genoemde tegenstanders, dat hij op hen gaat lijken. De Franse denker René Girard, die Oudenampsen ook citeert, wees erop dat in een proces van mimetische, nabootsende betrokkenheid mensen vaak op hun ergste vijanden gaan lijken. Oudenampsen kent dit proces ook. Hij noemt het ‘echo én revolte’. Hij ziet alleen niet, maar die blindheid hoort er volgens Girard nu juist bij, dat dit nog meer op hemzelf betrokken is dan op de mensen die hij beschrijft.

Etikettenplakkerij

Met recht verwijt Oudenampsen Fortuyn dat die moslims opsloot binnen een door hem gecreëerde identiteit. Zelf doet hij dit echter in de overtreffende trap met denkers die hij bespreekt. Iedereen krijgt een groepsetiket op, van ‘burkeaans progressief’ tot ‘organicistisch conservatief’. Ook de Volkskrant maakte eind vorige eeuw via een door Oudenampsen geïdentificeerde groep ‘een draai in conservatieve richting’. Hendrik Jan Schoo functioneerde hierbij ‘als bruggenhoofd voor neoconservatieve ideeën’, toen hij adjunct-hoofdredacteur werd. Wat al die etikettenplakkerij aan het oog onttrekt zijn de vaak originele en interessante ideeën van de door Oudenampsen besproken personen. De inhoud van hun vaak heel diverse denken bepreekt hij niet. Dat lijkt niet meer nodig wanneer ze in een politieke en culturele identiteitsgroep zijn opgesloten. Wie gaat bijvoorbeeld Paul Scheffer nog als een individu met eigen ideeën lezen wanneer hij weet dat hij hoort tot een ‘kring van conservatieve intellectuelen’.

De spiegelende relatie van Oudenampsen met Bolkestein gaat verder dan die met Fortuyn. Bolkestein had er een handje van om naar denkers te verwijzen die hij niet of nauwelijks kende en naar boeken die hij vaak niet gelezen had. Berucht waren zijn verwijzingen naar Hannah Arendt toen die in de jaren negentig van de vorige eeuw langzaam enige bekendheid kreeg. Wat Bolkestein over haar opmerkte, raakte kant noch wal en met haar consequent fout gespelde naam (Ahrend van de kantoormeubelen) onderstreepte hij zijn onkunde.

Oudenampsen herhaalt dit in de overtreffende trap. Een belangrijk deel van zijn studie is gebouwd op Huntingtons idee van botsende beschavingen. Helaas geeft hij dit totaal verkeerd weer. Hij lijkt zich alleen maar te beroepen op een artikel van Huntington uit 1993 en niet op zijn boek uit 1996. De enige citaten hieruit stammen uit de ietwat obligate inleiding. Het gegoochel van Oudenampsen met de tekst viel mij goed op toen ik zijn verwijzingen ging natrekken. Zonder pagina’s te noemen stelt hij dat Paul Scheffer in Het land van aankomst Huntington op ‘verschillende punten’ bekritiseert. Dat wilde ik wel eens uitzoeken. Ik stuitte toen onverwacht op een overtuigende korte weergave van diens positie. Ik citeer hem graag uitgebreid, omdat Huntington vaker wordt misverstaan.

‘Huntington is ten onrechte bekritiseerd omdat hij uit de botsing van beschavingen een Amerikaans imperialisme zou afleiden. Het tegendeel is waar: hij verwerpt juist de aanspraken van westerse landen om buiten hun eigen cultuurkring te interveniëren. Zijn botsende beschavingen staan in het teken van cultuurrelativisme en vormen een uitnodiging tot afzijdigheid in het verkeer tussen de beschavingen. Hij wil juist verdere botsingen voorkomen’.

Losse schroeven

Mijn vraag is weer of Oudenampsen Het land van aankomst gelezen heeft. Hij gaat in elk geval niet met Scheffer in discussie. In De conservatieve revolte dicht Oudenampsen Huntington en zijn zogenaamde Nederlandse medestanders de positie toe die deze nu juist expliciet verwerpt. Een groot deel van zijn boek komt zo op uiterst losse schroeven te staan.

In een lovende aanbeveling noemt Jan Willem Duyvendak het boek van Oudenampsen ‘een uitmuntend voorbeeld van wetenschapsbeoefening’. Dat is een gotspe. Bolkestein heeft nooit gepretendeerd een wetenschapper of intellectueel te zijn. Juist omdat hij hem vanuit zijn linkse positie spiegelt, lijkt Oudenampsen mij ook eerder een politicus te zijn dan een wetenschapper. Of hij daarbij het niveau van Bolkestein haalt, betwijfel ik sterk.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden