Primeur in stukken

Hoe hou je een wereldprimeur acht maanden stil? Niet dus. Over de jacht op de laatste vijf bladzijden van Het Achterhuis....

MAI SPIJKERS had het kunnen bedenken. Het lek op de radio. De vijf 'geheime' pagina's. Een rancuneuze oud-directeur. Een pot met miljoenen in Basel. Als iemand de mediahype rond Anne Frank zo volmaakt had kunnen regisseren, dan deze uitgever wel, de spindoctor van de grachtengordel. Spijkers had er belang bij. Want zijn uitgeverij Bert Bakker publiceert binnenkort het boek dat al voor zijn verschijning voor commotie zorgde. Alleen, Spijkers hééft het niet bedacht. Zegt Spijkers.

Dinsdag verschijnt de Anne Frank-biografie van de Weense schrijfster Melissa Müller. Met een persconferentie op de uitgeverij, en niet, zoals de bedoeling was, met een internationale presentatie in het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentie. Omdat het RIOD 'alleen een klein zaaltje' heeft, zegt de uitgever. En nee, niet omdat de relatie tussen Müller en het instituut verstoord is geraakt, niet omdat de schrijfster wél en het RIOD niet over 'de volledige Anne Frank' kan beschikken.

Bij de presentatie van haar boek zal Müller vertellen hoe ze acht maanden lang een wereldprimeur stil wilde houden. En dat ze gruwt van de jacht die journalisten op haar hebben gemaakt vanaf het moment dat iemand zijn mond voorbij praatte, en de primeur in duigen lag.

Dat was op zondag 16 augustus. Verslaggever Jeroen de Jager van het Radio 1-Journaal krijgt de tip, zeurt een hele maandag om bevestiging bij het RIOD, en opent de volgende ochtend zijn nieuwsprogramma met de vijf ontbrekende pagina's. De primeur is intrigerend, vooral vanwege de vele hiaten en raadsels.

Wat bijvoorbeeld staat er in de dagboekvelletjes? Waarom heeft het RIOD ze niet? En wie heeft ze wel?

Paul Arnoldussen van Het Parool belt zich die ochtend suf. En tikt vlak voor zijn deadline op dat de pagina's in handen zijn van Cor Suijk, de gepensioneerde oud-directeur van de Anne Frank Stichting. Suijk kreeg ze van Otto Frank, kort voor diens dood in 1980. De vader van Anne Frank wilde dat de pagina's geheim zouden blijven, omdat ze zijn 'slechte huwelijk' beschrijven.

Arnoldussen krijgt Suijk niet onmiddellijk aan de telefoon, maar als dat een dag later wel lukt, zegt Suijk weinig. De primeur, of wat daar nog van over is, heeft Suijk beloofd aan Müller en IDTV, dat een documentaire maakt over Anne Frank. 'Half september zeg ik meer.'

De beleefde weerbarstigheid van Suijk leidt tot een journalistieke ratrace. Hoe hardnekkiger Suijk zwijgt, hoe indringender de geur van intrige. De wedloop wordt gewonnen door Het Parool, dat na een week als eerste de dagboekaantekeningen van Anne Frank over haar ouders integraal publiceert. De Volkskrant en NRC nemen de tekst over, andere kranten citeren behoedzaam, of parafraseren angstvallig, bevreesd voor 'Basel'. Want in Zwitserland zetelt het Anne Frank Fonds, beheerder van de auteursrechten. En dat dreigt met schadeclaims.

Suijk bereikt zo het tegenovergestelde van wat hij beoogt. Van Het Parool via de Berliner Morgenpost tot aan The New York Times gaat hij de wereld over als de man die achttien jaar lang pagina's van 's werelds meest beroemde dagboek achterhield en die nog altijd niet wil afstaan aan het RIOD, aan wie Otto Frank het vermaakte. Omdat Suijk zwijgt, wordt de toon gezet door anderen: hij zou rancuneus zijn, en geld willen zien, misschien niet voor zichzelf, maar wel voor zijn Anne Frank Center in New York, dat geld nodig heeft. Suijk wint niet aan geloofwaardigheid als hij dat laatste toegeeft tegenover RTL Nieuws. Basel, zegt Suijk tegen Max Westerman, en later tegen wie het maar horen wil, zit op tientallen miljoenen. Daar wil hij er inderdaad één van hebben.

De affaire overstijgt inmiddels de vondst van vijf interessante, maar niet wereldschokkende dagboekbladen. De term chantage valt, er is sprake van rechtszaken en claims uit Basel jegens de kranten die het auteursrecht schonden. Ook blijkt dat Melissa Müller in haar boek niet meer mag doen dan de dagboekbladen in haar eigen woorden navertellen. Net als Bernard Hammelburg en diens zoon David, die de documentaire maakten voor IDTV.

David Hammelburg is tv-maker, zijn vader Amerikaans correspondent voor het Algemeen Dagblad en Radio 1. En Bernard Hammelburg is eind vorig jaar de eerste journalist met wie Suijk over de dagboekpagina's spreekt. Hammelburg heeft een reportage gemaakt over het Anne Frank-toneelstuk waaraan Het Achterhuis zijn bekendheid in Amerika te danken had, en daardoor zijn status als 's werelds grootste bestseller. Het toneelstuk is herschreven op basis van de wetenschappelijk editie die het RIOD in 1986 van het dagboek maakte. Hammelburg schrijft over de première in zijn eigen krant en in The New York Times.

Bij die gelegenheid ontmoet de journalist Suijk opnieuw. Via hem leert Hammelburg Melissa Müller kennen, die een boek over Anne Frank schrijft. Aan haar heeft Suijk, na maanden aarzelen, het geheim van de dagboekbladen onthuld. Dan maak ik een documentaire, moet Hammelburg hebben gezegd.

In de acht maanden daarna proberen Suijk, Müller en Hammelburg de primeur 'heel te houden'. Wie meewerkt aan boek of documentaire belooft schriftelijk niet te 'lekken'. Maar Suijk toont de pagina's wel aan David Barnouw van het RIOD, die in een lastig parket belandt. Barnouw wil de dagboekbladen in handen krijgen voor een nieuwe kritische editie van Het Achterhuis. Maar hij werkt ook mee aan de documentaire én helpt Melissa Müller. Toch houdt Barnouw, ook als de relatie met Suijk slechter wordt en het RIOD de landsadvocaat inschakelt, zich heel lang aan de afspraak. Zelfs Vrij Nederland-redacteur Elma Verhey, met wie Barnouw samenwoont, publiceert pas als Het Parool het gras voor haar voeten heeft weggemaaid.

Behalve het RIOD licht Suijk ook het Anne Frank Fonds in. Dat ligt meteen dwars, verbiedt Suijk de pagina's te publiceren, en frustreert Müllers onderzoek. Krampachtig probeert het Fonds het lieflijke beeld van Anne Frank in stand te houden. Daarin past geen ongecensureerde biografie, waarin Anne vermagerd, kaal en lijdend aan typhus omkomt in Bergen Belsen. Fonds-voorzitter Buddy Elias, een neef van Otto Frank, ziet liever een andere biografie. De Engelse schrijfster Carol Ann Lee heeft wél zijn zegen.

Volgens Lee ('Ik heb Müller nooit ontmoet en haar boek niet gelezen') kent zij drie van de vijf pagina's al sinds februari of maart. 'Buddy liet ze zien.' Kopieën kreeg ze niet. Ze heeft er ook niet om gevraagd, zegt ze. 'Zo bijzonder is het niet.' Toch erkent de schrijfster dat ze de mediahype heeft onderschat. Haar boek verscheen terwijl alle aandacht uitging naar dat andere Anne Frank-boek. Vreemd genoeg varen Lee en uitgever Balans er wel bij. 'Het klinkt cynisch', zegt Lee, 'maar voor mij was het niet slecht.'

Ook de documentaire van vader en zoon Hammelburg, op het laatste moment aangekocht door de EO en sneller uitgezonden dan de bedoeling was, liftte mee. Er keken driehonderdduizend mensen naar, niet slecht voor een late maandagavond. Maar weinigen zagen nog dat de EO de originele film tot verbijstering van de makers zelf ingrijpend had 'aangepast'.

Waar Hammelburg uit vrees voor 'Basel' de omstreden velletjes niet opzichtig in beeld durfde te brengen, filmde de EO ('Wij maken onze eigen journalistieke afweging') bij Suijk alsnog de vijf pagina's. Oók de twee waarin Anne Frank schrijft dat niemand haar dagboek mocht zien, de enige twee die nog niet bij het RIOD, in Basel of bij Het Parool lagen.

Die primeur, het laatste brokje waar nog op te jagen viel, werd amper opgemerkt. 'Als wij al die publiciteit hadden gepland', zeggen ze bij Mai Spijkers, 'hadden we het anders gedaan. Niet twee weken te vroeg.'

Henk Blanken

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden