Polen dol op schandaalblad NIE

Rond de Sejm, het Poolse parlement, hangt de zware geur van seksualiteit: 'Iedereen weet dat de sfeer in het gebouw het midden houdt tussen een studentenslaapzaal en een militaire barak.'..

Er is maar één probleem: de vrouwen. 'In de hele AWS (de Solidariteits Verkiezings Actie), die ruim tweehonderd zetels bezet, zitten bijvoorbeeld maar twintig vrouwen te midden van allemaal mannen in hun bronstigste jaren. En van die twintig vrouwen is er maar één die een zonde waard is: Dorota Arciszewska.'

Ook verder is het behelpen. In de PSL (Boerenpartij) en de ROP (Beweging tot Reconstructie van Polen) zitten helemaal geen vrouwen, en in de sympathieke Vrijheids Unie zitten er negen, 'maar niet één Arciszewska'.

Politiek is voor het Poolse weekblad NIE een kwestie van hormonen. En als het dat niet is, is het wel een kwestie van die andere wellust: machtswellust. En als het dat niet is, is de Sejm wel het toneel van (katholiek) gehuichel, verraad, achterbaksheid of botte geldhonger. 'Solidariteit' staat in NIE in ieder geval altijd tussen hatelijke aanhalingstekens, want de edele motieven waar dat woord voor staat, bestaan in Polen niet.

NIE is cynisch, schandaalbelust, grof, treiterig en vervelend.

En de Polen zijn er dol op.

Het gezicht van het tijdschrift bestaat vooral uit oren.

De twee wijduitstaande, wereldberoemd geworden oren sieren het logo van het blad: een rood stopbord met NIE (nee) erin. De oren sieren het hoofd dat met uitgestoken tong boven de hoofdartikelen staat, en de oren doemen op in de cartoons die - door het blad verspreid - de katholieken, de rechtse politici, maar ook de socialisten belachelijk maken. En om nog duidelijker te maken wat de bedoeling is van NIE, staan op de voorpagina naast het stopbord twee handen die het 'fuck'-gebaar maken: met de duim tussen wijs- en middelvinger.

De oren behoren toe aan Jerzy Urban, hoofdredacteur, oprichter en (mede)eigenaar van NIE.

Urban is wereldberoemd geworden als woordvoerder van generaal Jaruzelski, de communistische leider die in 1981 in Polen de staat van beleg uitriep en het land met harde hand regeerde. Urban had de status van minister en had absoluut carte blanche van Jaruzelski, die vooral opviel door zijn donkere bril, zijn zwijgzaamheid en zijn verder nietszeggende uiterlijk.

Acht jaar lang - van 1981 tot 1989 - was Urban de man die op wekelijkse persconferenties glorieerde: hij was de man die de repressieve maatregelen van Jaruzelski goedpraatte en zich door geen enkele journalist van zijn stuk liet brengen.

Toen in 1989 de democratiseringsbeweging Solidariteit toch aan het langste eind trok, verdween Jaruzelski naar de achtergrond. De generaal trok zich terug in een villa in Gdansk, waar hij sindsdien een onbekommerd en onopvallend leven leidt.

Maar Urban kon de confrontatie niet missen. Al in de herfst van 1990 verscheen het eerste nummer van zijn tijdschrift - midden in de overwinningsroes van Solidariteit. Als een opgestoken middelvinger lag dat rode cynische NIE in de kiosken - tegen de katholieken, tegen Walesa, voor de communisten, en schaamteloos vol seksuele toespelingen (en in het oerkatholieke Polen ongebruikelijk expliciete kleurenadvertenties voor kunstpenissen en seks-telefoonnummers).

Het was een instant succes. NIE vulde een enorm gat in de prille Poolse tijdschriftenmarkt. Urbans cynisme - hetzelfde cynisme waarmee hij Jaruzelski's harde maatregelen, de verboden, de censuur en de gevangenisstraffen had verdedigd - bleek perfect te passen in een land dat nog niet was bekomen van het communisme, dat desondanks al teleurgesteld begon te raken in de democratiseringsbeweging Solidariteit, dat de conservatieve druk van de katholieke kerk begon te voelen, en dat de eerste bange twijfel voelde opkomen aan de zegeningen van het kapitalisme.

NIE schopte overal tegenaan en de oplage van het blad schoot omhoog tot boven de 700 duizend exemplaren. Sindsdien is NIE op eenzame hoogte gebleven en is het niet meer dan acht pagina's tellende blad veruit het grootste 'opinieblad' van Polen.

Journalisten van minder succesvolle, maar des te serieuzere bladen, zoals het weekblad Polytika, troosten zichzelf met het idee dat hun landgenoten nu eenmaal graag kankeren en graag luisteren naar andermans gekanker: 'Iedereen leest het, maar niemand neemt het serieus.'

Maar zelfs dat laatste is niet helemaal waar. Vorig jaar is de toen 63-jarige Urban door een rechtbank veroordeeld wegens het onthullen van staatsgeheimen. Urban had in 1992 documenten gepubliceerd die aantoonden dat Zdisaw Najder, in de jaren tachtig hoofd van de Poolse sectie van Radio Free Europe en later de belangrijkste adviseur van premier Olszewski (ook Solidariteit), in 1958 had samengewerkt met de Russische geheime dienst.

Urban kreeg een jaar voorwaardelijk, een verbod van een jaar om hoofdartikelen te schrijven en een boete van tienduizend zloty (dat laatste was een schijntje voor de hoofdredacteur/eigenaar, die met zijn tijdschrift een fortuin heeft verdiend).

Voor de eerste en enige keer in zijn leven vond de journalistieke paria Urban na de uitspraak heel de vrije Poolse pers achter zich: eensgezind veroordeelden alle journalisten de uitspraak, die een zware aantasting was van de persvrijheid. Die vrijheid moest zelfs een man als Urban beschermen.

De Gazeta Wyborcza schreef: 'De inhoud van Jerzy Urbans NIE is vaak walgelijk. Maar persvrijheid betekent ook vrijheid voor auteurs om dergelijke artikelen te schrijven. Alles wat de journalisten nu rest, is hun solidariteit met Urban uit te drukken. Solidariteit tegen de uitspraak van de rechtbank in een onafhankelijk land. Het is belachelijk, maar tegelijk ook beangstigend.'

Urban gaat sindsdien weer ongebreideld voort met zijn (lucratieve) strijd tegen rechts. Hij richt zijn hoofdartikel op vijftien 'rechtse dwergen' die hem de 'Goebbels van de staat van beleg' hebben genoemd: kleine mannekes die hadden gehoopt dat hij ze voor de rechter zou slepen en hun zo gratis publiciteit zou bezorgen - treitert Urban. Onder de kop 'U kunt mijn... kussen', schrijft hij: 'Deze vijftien dwergen mogen mij kussen op dit ongewassen deel van mijn lichaam dat zich precies bevindt achter de trotse adelaar die ik van voren draag en die zijn kop nog wel eens in hun... kan steken.'

De afgelopen vier jaar waren niet de meest interessante voor NIE. Een regering van ex-communisten leent zich minder voor Urbans walgelijke spot dan de katholieke conservatieven van (ex-)'Solidariteit'. Dat was ook aan de oplage te merken. Die zakte terug tot onder de 600 duizend. Maar met de nieuwe rechtse regering van 'Solidariteit' en Vrijheids Unie in het verschiet, gaat NIE weer nieuwe gouden tijden tegemoet. 'We hebben de komende tijd heel wat te schrijven', glundert een van de 25 journalisten van het blad.

'En vooral over de Sejm kunnen onze lezers alles binnenkort uit eerste hand krijgen. Want onze adjunct-hoofdredacteur Piotr Gadzinowski is in het parlement gekozen. Voor de SLD.'

Die Gadzinowski zit gebakken, aldus het eigen NIE: 'De lekkerste stukken zitten in de (socialistische) SLD: een op elke vierenhalve afgevaardigde.'

Michel Maas

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden