Poëzie was voor Wim Brands de nooduitgang, blijkt uit twee nieuwe boeken

Als rapportage van de rouw is de bundeling van terugblikken op het leven van Wim Brands goed gelukt. Uit zijn gedichten blijkt dat poëzie voor hem de nooduitgang was.

Wim Brands Beeld Martin Dijkstra / Lumen

Altijd onrustig was hij. Op Wim Brands stond geen maat. Als je hem in de supermarkt tegenkwam, kon je je boodschappentas maar beter even op de grond zetten. Liet hij je een nieuw gedicht lezen, dan was hij niet te beroerd om prompt uiteen te zetten wat er zo goed aan was. De omgang met collega's viel hem vaak zwaar, en dat was geheel wederzijds.

Narrig, drammerig, oeverloos in het klagen en het ongevraagd verstrekken van adviezen. Altijd wantrouwig ook. Een hypochonder. De herinneringen van de schrijvende vrienden en kennissen van Wim Brands (Brummen, 1959 - Amsterdam, 2016), de radio- en tv-maker en dichter die een jaar geleden zelfmoord pleegde, vertonen opmerkelijke overlappingen waar het minder zonnige eigenschappen betreft.

Zijn liefde voor de literatuur, voor zijn gezin en zijn hond, en de oprechte interesse in anderen die uit zijn literatuurprogramma sprak, vormen geen hoofdbestanddeel in Alles komt goed, de bundeling van terugblikken die is samengesteld door oud-collega's Maarten Westerveen en Jeroen van Kan.

Of dit boek een evenwichtig beeld schetst, weet alleen de kleine kring van intimi. Heel wel mogelijk dat een bundeling als deze, de naschok van het doodsbericht, de nadruk legt op de haken en ogen die aan deze persoonlijkheid kleefden, vanuit de behoefte om de drieste daad waarmee hij het leven opzegde van een verklaring te voorzien.

Doordat hij onlangs ook is bijgezet in de herziene editie van De laatste deur van Jeroen Brouwers, lijkt het er bovendien op dat we ons Wim Brands anders moeten gaan herinneren: bij leven maakten we hem vooral mee als gedreven literatuurprogrammapresentator, na zijn dood worden we geacht hem te beschouwen als de dichter die zelfmoord pleegde, een collega dus van Piet Paaltjens en Jan Emmens.

Non-fictie
Samengesteld door Maarten Westerveenen Jeroen van Kan.
Balans;
159 pagina’s, € 15,-.

De onomkeerbaarheid van zijn laatste levensfeit is zo dwingend, dat een afgewogen portret van Wim Brands zo kort na zijn dood nog niet mogelijk is - de verbijstering over de man die altijd riep dat 'alles goed komt', moet je nagaan, is daarvoor te groot; als gestamelde uiting van die primaire verwarring, als rapportage van de rouw, mag Alles komt goed gelukt heten.

Verzameld werk

Tegelijk met die uitgave zijn de Verzamelde gedichten van Brands verschenen, een majesteitelijk initiatief van Van Oorschot. Vijfhonderd pagina's, waarvan honderd met ongebundeld werk, leveren het bewijs dat hij inderdaad ook al dertig jaar dichter was. Volgens Thomas Verbogt, een van de bezorgers en een vriend, behoort Brands 'tot de top van de Nederlandse dichters', wat heel lief is maar niet waar.

Karige anekdotiek, daar was Brands mee in de weer, en karigheid wint niet aan substantie als je die tot een kloek boek bijeenveegt. Het blijft allemaal dun.

De plattelandsjongen uit het Brummense buurtschap Voorstonden bij de IJssel die een roerloze jeugd achter zich had liggen, die was ontsnapt aan het slechte huwelijk van zijn ouders door naar Utrecht en daarna Amsterdam te vluchten en zich door boeken te omringen, werd een dichter die zich liet raken door scharrelaars en duiven in de Staatsliedenbuurt, waar je hem met zijn hond langs de Kostverlorenvaart kon zien drentelen.

Beeld RV

Poëzie
Wim Brands - Verzamelde gedichten
Bezorgd doorMonique Edelschaapen Thomas Verbogt.
Van Oorschot;
522 pagina’s; €27,50.

De grote stad doet in zijn gedichten niet mee. Kleine taferelen zijn het, soms sentimenteel ('Avond na avond zit hij op z'n hurken/ voor de kast en past om haar niet/ te verliezen al haar jurken') en soms trefzeker: 'Gisteren was de laatste dag/ van de zomer; vandaag is het herfst;// een harde knip heet dat, zeg ik tegen mijn vrouw/ terwijl naast ons de baby van de buren huilt,// een zwarte lijkwagen het terrein op rijdt', wat trouwens óók sentimenteel is maar dit keer niet erg, omdat iedereen herkent dat het leven zulke harde knippen in petto kan hebben. Ook mooi dat de tv-man deze term, die uit de montagekamer komt, thuis in een ogenschijnlijk rustiek uitzichtgedicht toepaste.

De meeste van deze gedichten zijn heus aardig - Brands herinnert zich de roep van de voddenkoopman, nou nou - en daar hadden we het bij kunnen laten, als er niet dat ene thema was dat al deze rustpuntzoekende poëzie in de schaduw zet - het ene gegeven dat ook het fundament legde voor de onrust die Brands in de omgang typeerde: zijn vader, een fabrieksarbeider die aan epilepsie leed, hing zich op.

Dat drama heeft de zoon voor de rest van diens leven getekend. Zijn gedichten zijn bezweringen, meditaties om de woede, schaamte en pijn te dempen. Maar zodra de vader in beeld komt (verspreid over de jaren in minstens tien gedichten expliciet), staan Brands' teksten onder spanning en ligt de wond weer open.

Goed voor de poëzie. De vader redt, hoe wrang het ook klinkt, deze anders ondraaglijk lichte verzamelbundel. Alle verwonderingetjes die de dichter signaleerde en verwoordde, zijn in plaats van tijdverdrijf een nooduitgang. Gedichten als amuletten om aan de doem van die zelfmoord te ontkomen.

In de vadergedichten is Brands beurtelings kwaad, verzoenend en beschouwend ('Ik heb hem nooit zien vallen tijdens het lopen./ Zijn lopen was uitstellen./ Uitgesteld vallen'), en op den duur zo lang met hem bezig dat hij hem weer terugziet, in de ruiten op straat als hij zich inbeeldt zijn vaders oude jas te dragen, in de treinconducteur die hem met zijn verkeerde kaartje, zoon of niet, beboet.

'Mijn vader zat elke avond/ achter het huis.// Het verveelt nooit,/ zei hij.// Het uitzicht is altijd/ anders.' Brands hoefde zich niet voor te stellen een bewoner van Mars te zijn om het vertrouwde nieuw te maken, want het was hem al vreemd genoeg. Hij kon zich moeiteloos verplaatsen in een oude man die zich verbaasde over de wolken omdat ze elke dag weer anders zijn.

Geen inzicht om over naar huis te schrijven. Van de korte gedichten van Wim Brands sla je niet met stoel en al achterover.

Maar als je ziet door wat hij op de hielen werd gezeten, kun je ze beter hebben.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.