Pleitbezorger van alle strips

Kees Kousemaker leerde Nederland dat strips niet minderwaardig zijn. Sterker, dankzij hem kregen vele tekenaars eindelijk waardering...

‘Hij hielp iedereen, stond altijd voor je klaar als je in de shit zat. Ik heb nog nooit zo’n ongelooflijk goeie vogel meegemaakt als Kees’, zegt Klaas Knol.

Dinsdag overleed Kees Kousemaker, oprichter van het beroemde Amsterdamse stripantiquariaat Lambiek, de eerste stripwinkel van Europa, op 68-jarige leeftijd. Hij was al enige tijd ziek.

Kousemaker was eigenzinnig, volkomen authentiek, altijd te herkennen aan een ferme snor. Geliefd vanwege zijn welbespraaktheid, encyclopedische kennis en diepgewortelde passie voor het beeldverhaal. Een inspirator voor vele, zo niet alle Nederlandse striptekenaars.

De waardering voor Kousemaker ging verder dan zijn stripkennis alleen, zegt Klaas Knol (56), sinds begin jaren tachtig werkzaam voor Lambiek en daarmee de langst functionerende werknemer. ‘Hij was echt een tweede vader.’ Knol neemt een trek van zijn sigaret, in de zon, voor de winkel in de Kerkstraat. ‘We zijn allemaal in shock.’ De kist staat binnen. Daarop mogen tekenaars donderdag een persoonlijke afscheidsillustratie plaatsen.

Kees Kousemaker, geboren op 25 januari 1942, ontwikkelde zijn passie op jonge leeftijd. Hij was een jaar of zeven en verdiende een dubbeltje per kilo met het ophalen van oude kranten, waar hij eerst secuur de strips uit knipte. Vroege favorieten waren Tekko Taks van James Ringrose en Henk Kabos en Marten Toonders Olivier B. Bommel. Een openbaring was de eerste Donald Duck in 1952. ‘Dat was flitsend, grappig, lachen – wel wat anders dan Tom Poes en al die christelijke blaadjes’, zegt Knol. Bij elke nieuwe Donald Duck rende de jonge Kousemaker naar boven, waar hij ze voor het lezen eerst even netjes naast elkaar legde.

In België ontdekte hij enkele jaren later Suske en Wiske. Tekenaar Willy Vandersteen was erbij toen Kousemaker zijn winkel in 1968 opende. Zelf publiceerde hij ook verhalen, waaronder Strip voor Strip (1970) en Wordt Vervolgd (1980). In 1986 begon hij naast de winkel een galerie.

Daar benadrukte hij als geen ander zijn verfijnde oog voor het artistieke aspect van stripverhalen. ‘Een expositie was niet zomaar het ophangen van plaatjes’, zegt Knol. Hij herinnert zich vooral een tentoonstelling met werk van de Belgische tekenaar André Franquin, bekend van de Guust Flater-reeks. ‘Kees verzamelde allemaal droedeltjes van Franquin, die hij bijvoorbeeld had getekend tijdens een telefoongesprek. Die blies hij vervolgens fotografisch op. Franquin vond dat fantastisch. Dít was het: de kern van zijn werk.’

Voor een expositie kwam wel eens een vertegenwoordiger van het Stedelijk op bezoek. Dikwijls heerste er scepsis, maar over de mening van de kunstelite maakte Kousemaker zich nooit zo druk. ‘Soms was zo iemand ook helemaal om’, zegt Knol. ‘Dan was zijn missie alsnog geslaagd.’

Zelf dook Kousemaker ook op in stripverhalen. In de 2.500ste editie van Donald Duck (augustus 2000) zoekt Donald in de stripwinkel van ‘Cees Sokkenstopper’ naar de allereerste Donald Duck – ‘die met het brandweerverhaal erin!’. Knol: ‘Kees liet zijn snor staan zodat tekenaars hem makkelijker konden tekenen. Met die snor heb je het halve gezicht al, zei ‘ie.’

In 2005 stopte Kousemaker met zijn dagelijkse werk voor Lambiek, om zich helemaal op de Comiclopedia te storten – een online database, bereikbaar via de website van Lambiek, waarin hij ruim 10 duizend internationale striptekenaars onderbracht. Voor zijn bijdragen aan het Nederlandse striplandschap werd hij in 2006 benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau.

Vorige week was Knol voor het laatst op bezoek. ‘Hij was uit het ziekenhuis ontslagen. Thuis kon hij inslapen. Ik heb hem een kus op zijn bol gegeven.’ Kees Kousemaker was getrouwd en laat drie kinderen na.

Berend Jan Bockting

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden