Phaedra helder vakwerk zonder springlading

Phaedra van Jean Racine door Theater van het Oosten. Regie Mark Timmer, vertaling Laurens Spoor. Theater a/d Rijn Arnhem, 9 februari....

'Ik laat mij door jouw raadgevingen leiden', zegt Phaedra tegen haar vertrouwelinge Oenone. Zelf is de koningin haar verstand kwijt, overmeesterd als ze is door een verzengende passie voor haar stiefzoon Hippolytus. Oenone is de eerste aan wie ze haar geheim prijsgeeft en in haar handen legt Phaedra haar lot. Maar Oenone's raad, bedoeld om haar geliefde meesteres te redden, zal alle betrokkenen uiteindelijk te gronde richten.

Phaedra's hartstocht is een straf van de goden waartegen een mens niets kan uitrichten. Jarenlang heeft ze haar geheim verzwegen. Ze heeft Hippolytus zelfs verbannen om haar onmogelijke gevoelens te overwinnen. Tevergeefs, zodra hij terugkeert laait de passie weer op. Ze lijdt en wil dood, maar op aandringen van Oenone stelt ze haar einde nog even uit.

Phaedra van Racine (1677) is het paradepaardje onder de classicistische tragedies. Het is een strak bouwwerk, opgetrokken uit alexandrijnen, prachtig vertaald door Laurens Spoor. Efficiënt en zonder veel omhaal verpakt de auteur alle informatie in dialogen, telkens vallen we middenin een gesprek.

Phaedra wacht op de terugkeer van haar echtgenoot Theseus die haar onder de hoede van zijn zoon Hippolytus heeft achtergelaten. Met haar geliefde in de buurt heeft Phaedra steeds minder verweer tegen haar gevoelens. Na het bericht van Theseus' dood zegt ze zelfs haar aanbedene de waarheid. Tot schrik van het publiek. Want wij weten dat de jongen onmogelijk iets voor Phaedra kan voelen omdat we net hebben gezien dat hij tot over zijn oren verliefd is op een ander.

Die bekentenis van Phaedra is de as waar Racine's tragedie om draait. Als die scène bepalend is voor de kwaliteit van de voorstelling, dan brengt regisseur Mark Timmer het er bij het Theater van het Oosten uitstekend vanaf. Margreet Blanken als Phaedra begint het gesprek als een spelletje, maar voor ze het weet openbaart ze hem de gevoelens die haar zo zwaar op het hart liggen.

Hippolytus, gespeeld door de jonge Thomas de Bres, is verbijsterd. Hij blijft uiterlijk onbewogen, maar de scherpe toon waarop hij Phaedra terechtwijst en haar herinnert aan haar echtgenoot, zijn vader, spreekt boekdelen. Als Theseus daarna toch levend terugkeert, draait Oenone de zaak om en beschuldigt Hippolytus ervan Phaedra te hebben aangerand. Theseus vervloekt zijn zoon, door zijn toedoen komt de jongen op een gruwelijke manier aan zijn einde.

Phaedra mag voorbeeldig zijn opgebouwd, het is wel een en al tekst. In de intimiteit van deze kleine zaal waar het publiek aan weerszijden van het speelvlak zit, worden de versregels rustig gezegd met een minimum aan beweging. Geen geschreeuw, geen handenwringende emoties, we horen kalme, beredeneerde zinnen, alsof iedereen aan dit hof gevangen zit in het harnas van de beheersing.

Hugo Maerten als Theseus is de enige die aan dat strenge keurslijf ontsnapt. Hij geeft zijn woorden zoveel kleur en expressie dat zijn komst leven brengt in deze bedaardheid. Die expressiviteit past bovendien bij zijn rol, Theseus is de ruige mannelijkheid zelve, de womanizer en de gedoodverfde held die bijna alle monsters versloeg die de goden in petto hebben.

Meer nog dan Phaedra of Hippolytus is hij de meest tragische figuur - beladen met schuld blijft hij in leven. Phaedra sterft en terwijl het gif haar hart nadert, verwenst ze Oenone en bekent haar echtgenoot de waarheid. Margreet Blanken staat daarbij kaarsrecht voor de rode gordijnen die de ingang van het paleis markeren. Phaedra is het ene moment de speelbal van haar hartstocht, een ogenblik later komt ze bij zinnen en ziet wat ze aanricht. Dat verlangt van de actrice haarscherpe overgangen en een onderhuidse stroom van allesverterende passie. Daarmee komt Blanken in de problemen, haar ingehouden toon wordt vaak te vlak, waardoor haar uitspraken soms onbedoeld komisch gaan werken.

Het gaat Mark Timmer bovenal om duidelijkheid en eenvoud. Zijn strakke mise-en-scène verlangt van de acteurs het vermogen onder hun onderkoelde spel een springlading aan emoties te leggen. Maar daartoe zijn de meesten onvoldoende in staat. Hippolytus blijft een onkreukbare, wat fletse jongeling, Phaedra een ongelukkige vrouw. De voorstelling laat je daardoor onberoerd, hoe glashelder het verhaal ook wordt verteld. Op zichzelf is dat een niet geringe verdienste. Het is vakwerk, niet meer en niet minder.

Marian Buijs

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden