Pé Hawinkels stierf 40 jaar geleden: wat is zijn erfenis?

Veertig jaar geleden stierf de Nijmeegse 'schrijfnozem' Pé Hawinkels, op 34-jarige leeftijd. Hoe leeft hij voort?

Pé Hawinkels Beeld Ronald Hoeben

Pé Hawinkels zat acht dagen dood achter zijn bureau, toen hij werd gevonden in zijn met boeken en platen volgestouwde studentenkamer in Nijmegen - en zijn leven ging nu pas echt beginnen. Dat wil zeggen, zijn leven als literaire legende, als prins van Nijmegen, de James Dean van beneden de rivieren, de rock-'n-rollschrijver die de jaren zestig in een Grote Roman zou gieten.

Een vroege dood, 34 jaar in het geval van Pé, en wee wop, daar ging zijn reputatie van in galop. Daar was hij niet uniek in, zo werkt het nou eenmaal met in de knop gesmoorde verwachtingen. Want vanaf dat moment werd zijn bestaan postuum geladen met grootse toekomstvisioenen, mythologie en enerverende anekdotiek vol seks, drugs & rock-'n-roll.

Al twee jaar na zijn dood in 1977 verscheen er een flink boekwerk over Pé, Moet dit een wereldbeeld verbeelden?. Zijn werk als vertaler, prozaïst, dichter, jazz- en popcriticus en tekstschrijver, en zijn swingende bestaan als rokkenjager, kroegtijger, stadsgezicht, autofanaat, drugsgebruiker en inspirerende vrije vogel werden als het ware samengesmolten en op een sokkel gezet, van meer dan 500 pagina's lang. Dat kunnen niet veel literatoren hem nazeggen, zo'n kloek eerbetoon, zo snel opgetuigd na het overlijden.

Op 240 in dat boek afgedrukte pasfoto's zag je de jaren en stadia voorbijtrekken, van de keurige gymnasiast uit Zuid-Limburg, tot energieke corpsstudent, dromerige lyricus, jazz-beatnik, langharige baardaap, tot scherpgekleed rock-'n-rollanimal. Terugkerend element is die vrolijke, spottende oogopslag, geplant in een goeie kop met haar.

Maar eerst nog even over zijn dood.

It's a hit on the head with a knock of the knuckles

Een schrijfnozem als Petrus Hermandus Hubertus Hawinkels ging natuurlijk niet zomaar dood op 16 augustus 1977, op dezelfde dag dat Elvis het loodje legde. De legende wil dat hij met zijn gezicht op de krant met het overlijdensbericht van The King werd gevonden, wat praktisch gezien onmogelijk was. Het verhaal wil ook dat hij aan een teveel aan verdovende middelen overleed, eveneens aantoonbare onzin, net als de theorie van een zelfgekozen dood.

Ook een bouwsteen in de sage: bij leven zijn definitieve slotzin, half afgebakken aangetroffen op het bureau, It's a hit on the head with a knock of the knuckles. Deze regel keerde later terug in het nummer Hit van Herman Brood, op de lp Shpritsz, die de muzikant in 1978 aan zijn kameraad Hawinkels opdroeg.

Vraag het Koos Hawinkels (79), de oudere broer van Pé, en die zal in zijn huis in Hilversum precies vertellen hoe het zit, met een gezond gebrek aan mystificatie. 'Kranendonk total check up', had Pé geschreven op een kladje, verwijzend naar een noodzakelijk bezoek aan huisarts Kranendonk, als zijn allerlaatste woorden. Al eerder had hij zich tegenover een vriend beklaagd over een waanzinnige koppijn, 'bijvoorbeeld tijdens een nummertje maken', en hij moest er nodig eens naar laten kijken.

'Hij is gestorven aan hartfalen, nog voordat hij de dokter kon bezoeken', vertelt Koos. 'Bij de Hawinkels heb je een goed of een slecht hart. Onze vader had een slecht hart, net als Pé. Hij stierf ook vroeg - op zijn 48ste. Moeder bleef met zes kinderen alleen achter. Dat is het verhaal, de rest is flauwekul. Pé hield ervan alles te proberen, en in die jaren is zijn gulzigheid enorm uit het verband gerukt.'

Volgens Cees Koster, die in 2018 zijn biografie over Pé Hawinkels publiceert, werd door medici vastgesteld dat de 34-jarige schrijver 'de conditie had van een 70-jarige'. Zijn lichaam had hij zeker niet ontzien door matig te leven. 'Als hij ergens verslaafd aan was, was het aan werk', aldus Koster. 'Het was bijna obsessief hoe hard en snel hij werkte. Hij gebruikte wel drugs en dronk wel, maar hij kende vooral een enorme discipline en productie.'

Koos: 'Soms liep-ie met pleisters rond, want dan had hij het vel van zijn vingers getikt.'

Het eerbetoon

'We waren volkomen verslagen'

Dat Pés overlijden pas na acht dagen werd opgemerkt, had te maken met het vermoeden dat hij in het geheel niet aanwezig was. Zijn glimmende Audi 80 stond immers niet pontificaal voor de deur geparkeerd, zoals doorgaans. Ook zijn leren jack hing niet aan de kapstok. Hij kon best aan het horten zijn, of onderweg zijn met Renate, zijn vriendin. Hij was net terug uit Portugal, eerdere verre reizen gingen naar Amerika, Mexico of Noord-Afrika, en regelmatig toerde hij naar zijn zus in Zwitserland. Een huisgenoot ging maar eens kijken, op 24 augustus 1977, om de opgestapelde post bij hem achter te laten. Van wat hij daar zag, zou de arts later zeggen dat hij het niet eerder had meegemaakt. Het lichaam was door de zomerhitte snel onttakeld.

Koos Hawinkels werd diezelfde dag gebeld en trof zijn familie voor het Nijmeegse huis, zijn overleden broer was inmiddels weggebracht. 'We waren volkomen verslagen', zegt hij. 'Dit zagen we niet aankomen. Pé was een zeer tevreden mens, die met veel toewijding aan zijn vertalingen en teksten werkte. Twee weken voor zijn dood was-ie nog langs geweest, hier in Hilversum. Dan hadden we het zoals altijd goed samen, met zijn aanwezigheid en inspirerende manier om slap te ouwehoeren.'

'Pé is dood & dat is kut'

De meest ravissante tekst over zijn overlijden was van de hand van Herman Brood: 'Pé is dood & dat is kut.'

De tussenstand van zijn leven, zoals nadien aangetroffen in notities: verliefd (vier keer, 'tweemaal met gevaar voor huwelijk'), ziek (achttien keer), aantal boeken in bezit (2.114), totale inkomen afgelopen jaren (120.842,33 gulden en 105.004,52 gulden uitgegeven). Auto's, onder andere: Jaguar (met houten tafeltje), BMW, Mercedes, NSU Ro 80 en Citroën DS. Zijn uitvoerige bibliografie bevat tientallen vertaalde Duitse en Engelse literaire werken en filosofieboeken, twee vertaalde bijbelboeken, twee dichtbundels, twee prozabundels, dertien songteksten en talloze stukken in Jazzwereld, NUB, De Nieuwe Linie en verschillende literaire bladen.

Favoriete drank: tequila. Beetje zout op de hand, druppeltje rode wijn erop en oplikken, hup, tak, met een citroentje na.

Herman Brood was hij in 1966 tegengekomen in de Stella-kelder in Nijmegen. Het werd zijn belangrijkste geestverwant in de popscene, waar hij ook verkeerde met leden van Cuby and the Blizzards en Golden Earring. Voor Brood schreef hij Engelse teksten vol romantisch junkieverdriet, zoals One More Dose. Op de binnenhoes van de lp Street is Hawinkels prominent te zien, in een rock-'n-rollpose, met sjaaltje en zonnebril.

Over hun ontmoetingen schreef Brood: 'Veel lachen om zijn verhalen, schalkse kop & smeuïge 'g'. Achter de wijven aan (na een reeks bombastiese Duitse gedichten kwam ie met een condoom + kietelveertje). Over muziek lullen, Coltrane, Stones, John Lee Hooker... Pé was dus echt een grote schat.'

Koos Hawinkels: 'Pé was allergisch voor braaf en burgerlijk. En Brood leidde het leven dat daarbij hoorde, dat sprak Pé enorm aan. Daarom ging hij ook om met criminele hasjdealers of hing hij bij zigeuners rond om over auto's te lullen. Hij wilde bij geen enkele groep horen, hij had lak aan hokjesgeest.'

Cees Koster: 'In feite was Pé een kameleon, qua persoonlijkheid. Hij paste zich makkelijk aan, of het nou om muzikanten, schrijvers of de toneelwereld ging. Maar er was ook altijd hetzelfde patroon in hoe hij zich daarin bewoog, namelijk altijd als een buitenstaander. Uiteindelijk moest hij zich weer afzetten. Dat zat nou eenmaal in hem.'

'De grote Pé'

In Nijmegen gold hij als 'de grote Pé' in artistieke kringen, zegt zijn broer, en als de prins om wie de meisjes heen zwierven. Bij moeders thuis in Hoensbroek mocht niet iedereen zomaar een biertje uit de kelder; die waren voor Pé, als-ie langskwam. Een sterke aandrang om in Amsterdam zijn geluk te beproeven had hij niet. Wat moest hij daar doen, met Harry Mulisch in Sociëteit De Kring zitten? Als lokale held en gevierd bohemien had hij zijn geurvlaggen in Nijmegen geplant.

Koos: 'Hij vond al die aandacht maar wat fijn. Epateren was hem niet vreemd, zo van: kijk mij toch eens. Echt een bijzonder kereltje, die Pé.'

Hawinkels mag zich de beheerder noemen van zijn broers nalatenschap, maar feitelijk 'betekent het niks', op wat revenu's van de nummers van Herman Brood na en een nagekomen betaling van een vertaald toneelstuk. De Grote Roman is er nooit van gekomen, maar die literaire belofte hing wel om hem heen. Het plan van Pé Hawinkels was om met vertaalwerk zoveel geld op te halen dat-ie zijn handen vrij zou hebben om een paar jaar in stilte te schrijven. Het moest ervan komen, alleen schoot het niet op, hij wilde zich geen boeken en platen, reizen, auto's en cafébezoek ontzeggen.

Cees Koster: 'Je voelde dat hij op een kruispunt stond, hij maakte echt plannen om dat ene boek te gaan schrijven. Maar aan de andere kant was hij ook al groot geworden als vertaler. Daar lag zijn kracht en hij verdiende er een goed inkomen mee. Ik heb nergens een aanzet gevonden tot zo'n kloeke roman. Misschien vond hij het wel best zo.'

Koos Hawinkels: 'Als hij nog had geleefd, was hij nu 75 jaar geweest. Dan was hij of volkomen verloederd en aan lager wal geraakt, als een figuur uit de popwereld. Of hij was een van de grootste schrijvers van de 20ste eeuw geworden en had laten zien dat hij meer kon dan dat barokke uit zijn vroege poëzie. Op iets in het midden was hij zeker niet uitgekomen. En waarop ik persoonlijk als oudere broer had gehoopt, dat zal duidelijk zijn.'

De herfst van Hawinkels

Festival De Herfst van Hawinkels begint op vrijdag 29 september met een vertalerscongres aan de Radboud Universiteit en de opening van een Hawinkels-expositie in de Universiteitsbibliotheek. Op zaterdag 30 september vindt het programma Jazz & Poetry plaats in Bibliotheek De Mariënburg. Tijdens het Wintertuinfestival (23-26 november) zal de eerste Pé Hawinkels Prijs worden uitgereikt, 'voor makers en instanties die met creatieve initiatieven de grenzen van de literatuur oprekken'.

Vier sterren voor het boekwerk over Pé Hawinkels

Liefhebbers kunnen hun hart ophalen aan de exclusieve uitgave met onder meer jeugdpoëzie en een Pé-wandelroute. De Volkskrant-recensent gaf het boekwerk 4 sterren.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden