BoekrecensiePaul Simon

Paul Simon: altijd de kleinste, maar ook de grootste (4 sterren)

Op 7 en 8 juli treedt Paul Simon op in de Ziggo Dome in Amsterdam. Voor het eerst ligt er nu een biografie waaraan Simon zelf volop heeft meegewerkt. Dat heeft voor- en nadelen.

null Beeld Deborah van der Schaaf
Beeld Deborah van der Schaaf

‘Wat er ook gebeurt, ik zal altijd langer zijn dan jij.’ Of het pijn deed wat Art Garfunkel in 1957 tegen hem zei? ‘Ik denk pijn genoeg om mij dit zestig jaar later te herinneren.’

Het is een constante in Paul Simons leven: de net geen één meter zestig die hij lang is. Als tiener opgroeiend in Queens, helemaal gek van de New York Yankees, was hij altijd de kleinste op het honkbalveld (maar niet de slechtste). En hét beeld van Simon & Garfunkel, tot aan hun scheiding in 1970, was steeds die kleine Paul naast de vijftien centimeter hogere Art. ‘Ik besefte dat mensen dachten dat Artie de songs schreef. En toen ik een keer iemand vroeg waarom, was het antwoord: hij ziet er uit alsof hij songs schrijft.’

Het nieuwe boek van veteraan-rockcriticus Robert Hilburn is niet de eerste serieuze biografie van Paul Simon, die dit jaar 77 wordt. In Hilburns eigen bronnenoverzicht staan drie eerdere vermeld, geschreven door anderen, de meest recente uit 2016. Het verschil is dat dit keer de hoofdpersoon meewerkte, door meer dan honderd uur over zijn leven te praten.

Robert Hilburn: Paul Simon – The Life

Simon & Schuster; 400 pagina’s; € 20,00.
In september verschijnt bij Spectrum de Nederlandse vertaling: Paul Simon – De biografie.

Als auteur kreeg Hilburn volledige vrijheid, toch ademt Paul Simon – The Life soms de geest van een geautoriseerde biografie. Met een wel erg complete opsomming, zeker op het eind, van alle prijzen, onderscheidingen, Grammy’s, en nog meer, die Paul heeft mogen ontvangen. Ook Pauls begaan zijn met het lot van onze wereld, en over wat hij hieraan denkt te kunnen doen, krijgt wel erg veel respectvolle aandacht.

Hier tegenover staat een rijkdom aan feiten en inzichten waar liefhebbers blij mee kunnen zijn. Over de totstandkoming van al die songs en albums: het schrijven (‘altijd eerst de muziek en dan pas de tekst’) en het zware werk in de studio. Maar ook over wie Paul Simon is. Zoals, heel openhartig, die levenslange worsteling met zijn postuur. En zijn hang naar somberheid en naar problemen zien, en zijn lange en moeizame weg naar uiteindelijk huwelijks- en gezinsgeluk.

Tegelijk is Simon wijs genoeg om in te zien dat het leven hem per saldo gunstig gezind is geweest. En nee: dat hij altijd zo ‘competitief’ was, zo prestatiegericht en eeuwig aan het werk, was geen ‘compensatie’ voor wat dan ook. Het had geen negatieve oorsprong, maar alleen een autonome en positieve: zijn drang tot creëren van muziek. En niet zo maar muziek, maar nieuwe muziek.

Niets hoefde hem te verhinderen om in 1970, het jaar van Bridge over Troubled Water, het hoogtepunt van hun succes, met Art Garfunkel dóór te gaan. Dat Paul Simon dit niet deed, kwam voor een deel door persoonlijke spanningen tussen de twee die er al vanaf het begin waren. Maar veel belangrijker was het artistieke motief. Paul was degene die in zijn eentje alle Simon & Garfunkel-songs had geschreven. En die nu ongeremd verder wilde, vrij van de beperking van het werken in een duo.

null Beeld rv
Beeld rv

Zelf twijfelde Paul Simon nooit aan zijn talent, vóór alles als songwriter, en zijn geschiedenis geeft hem gelijk. Zijn eerste drie soloalbums, waarmee hij de folkrock van Simon & Garfunkel inruilde voor (Robert Hilburn) ‘a cosmopolitan mix of pop, jazz, and world music uniquely his own’, brachten overtuigend (verkoop)succes. Dit werd nog eens onderstreept door een serie rake hitsingles, zoals 50 Ways to Leave Your Lover – in 1975 nummer één.

Hierna volgde een mindere periode, waarin hij zo dom was een speelfilm te willen maken, One-Trick Pony in 1980, die net als het soundtrack-album een vernederende flop werd. Maar zes jaar later was er zijn album Graceland, een sensationele mega-comeback. Met een wereldwijde verkoop van zestien miljoen, en een regelrechte triomf-tournee. En door zijn partnership met muzikanten uit Zuid-Afrika de aftrap voor een hausse in wereldmuziek die sindsdien niet meer is gestopt.

The Sound of Silence, de doorbraakhit van Simon & Garfunkel, is van 1964. Veel groten uit die begintijd van de klassieke rockmuziek zijn sindsdien niet meer van het toneel verdwenen. Sommigen hebben hun best gedaan om met hun muziek nieuwe wegen in te blijven slaan. Maar hiermee ook groot succés hebben, niet alleen bij critici en diehard-fans maar ook bij een massaal publiek, in het derde decennium van je loopbaan – dat is er maar één echt gelukt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden