Recensie Noorderzon

Patrick deWitt heeft wederom met succes schijnbaar onverenigbare elementen in een roman ondergebracht (drie sterren)

Schijnbaar onverenigbare elementen verenigt Patrick deWitt in een ‘zedenschets’.

cover besproken boek Beeld rv

Na zijn autobiografisch geïnspireerde debuut Afwassingen (Ablutions), over een barkeeper die ten onder gaat aan zijn bar, heeft de Canadese auteur Patrick deWitt (1975) zich doen kennen als een auteur die zich met verve werpt op genreliteratuur, en daar op geheel eigen wijze een draai aan geeft.

The Sisters Brothers (De gebroeders Sisters) was een uiterst eigenzinnige variatie op de western: de huurmoordenaars uit de titel voldeden qua meedogenloosheid en effectiviteit aan alle eisen van het genre. Tegelijk was met name verteller Eli Sisters behept met een gevoeligheid en een maniëristische welbespraaktheid die volstrekt haaks stonden op zijn professie en achtergronden. Het effect was aangenaam vervreemdend en vooral zeer humoristisch.

DeWitts derde roman, Ondermajordomo Minor (Undermajordomo Minor) leunde sterk op zowel de gothic novel als het gruwelsprookje, en was gesitueerd in een kasteel in het Midden-Europa van de negentiende eeuw. Het opnieuw zeer humoristische boek werd bevolkt door vertrouwde archetypen als de dorpsschone, de wrede soldaat, de gestoorde kasteelheer, achterbakse bedienden en stiekeme zakkenrollers.

Zijn nieuwe roman Noorderzon (French Exit) presenteert zich in de ondertitel als ‘Een tragische zedenschets’ (‘Tragedy of Manners’). Het boek speelt zich af in contemporain New York en Parijs. Hoofdpersonen zijn de 65-jarige societydame Frances Price en haar 32-jarige zoon Malcolm.

De vlijmscherp gebekte Frances is een voormalige schoonheid aan wie een befaamd schandaal kleeft, maar die nog altijd op veel gezag en ontzag kan rekenen in de New Yorkse society. De nooit echt volwassen geworden Malcolm woont bij haar in, in haar overdadig chique appartement in de Upper East Side.

Al in het eerste korte hoofdstuk, waarin een bedelaar door Malcolm op hoffelijke en innemende wijze wordt ondervraagd over zijn exacte drankbehoeften en vervolgens twintig dollar ontvangt, is het de lezer duidelijk dat we een zedenroman à la Patrick deWitt kunnen verwachten. Het lijkt er sprekend op, maar is het nét niet.

Moeder en zoon danken een groot deel van hun fortuin aan Frances’ overleden echtgenoot Franklin, een gewetenloze advocaat ‘die uitsluitend de onverdedigbaren verdedigde’, zoals tabaksfabrikanten, farmaceutische bedrijven en de wapenindustrie. Vanaf de dag van diens dood, ten gevolge van een hartaanval, is Frances op een dwangmatige manier met geld gaan smijten. In hoofdstuk 2 blijkt dat geld nu eindelijk op. Frances besluit haar appartement en bezittingen te verkopen en vlucht met Malcolm en hun kat Kleine Frank naar Parijs.

Net als in De gebroeders Sisters presenteert deWitt zijn personages via hun handelingen en hun conversaties, niet aan de hand van hun gedachten. Zo creëert hij een zekere afstand tot de lezer, die nooit echt tot de ziel van Frances en Malcolm doordringt, wat hem als verteller dramatische mogelijkheden biedt. Verrassingen liggen dan ook op de loer.

De overtocht naar Europa geschiedt per luxe cruiser. Frances heeft onderweg een kortstondige relatie met de ‘traditiegetrouw knappe’ kapitein die teleurstellend eindigt: ‘De man had zijn beste jaren achter de rug en er werd die nacht bar weinig tot stand gebracht in zijn hut.’

Malcolm heeft meer succes bij Madeleine, een door de cruisemaatschappij ingehuurde helderziende. Madeleine heeft echter de onfortuinlijke eigenschap dat ze haar cliënten altijd de waarheid vertelt, ook al is die nog zo ongunstig. Wanneer ze een bejaarde vrouw voorspelt dat haar dood aanstaande is, krijgt het oudje spontaan een fatale hartaanval, en wordt Madeleine door een ontriefde kapitein vastgezet.

Als Malcolm met de scheepsarts het scheepsmortuarium bezoekt, ontdekt hij dat het oudje niet de enige is die daar ligt opgebaard. ‘Elke dag een lijk’, legt de arts uit. ‘Dat is het branchegemiddelde voor de Atlantische oversteek.’

In Parijs zet de reeks onalledaagse voorvallen waaruit het leven van moeder en zoon Price bestaat zich voort. Maar gaandeweg openbaart zich te midden van de semi-absurditeiten een sombere ondertoon, die het geldverkwistende gedrag van Frances en de halfvolwassen gesteldheid van Malcolm in een ander daglicht plaatsen. De keerzijde van de dikwijls hilarische brutaliteit en eigenzinnigheid van de schijnbaar ongenaakbare Frances, blijkt een verhaal vol tragiek.

In French Exit/Noorderzon weet deWitt wederom met succes schijnbaar onverenigbare elementen in een roman onder te brengen. Hij heeft zijn eigen genre gecreëerd.

Patrick deWitt: Noorderzon

Uit het Engels vertaald door Caroline Meijer.
Nijgh & Van Ditmar; 224 pagina’s; € 20,99.
Patrick deWitt: French Exit
Bloomsbury Publishing; import Van Ditmar; 246 pagina’s; € 19,90.

Op allerlei manieren over boeken schrijven, daar is de boekenredactie van de Volkskrant de hele dag mee bezig. Maar hoe kiezen zij welke boeken uit het enorme aanbod worden behandeld, en hoe bepaal je wat goed en slecht is? Boekenchef Wilma de Rek: ‘Een roman is goed als je erin wilt blijven wonen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden