Passions humaines is een esthetisch theaterhoogstandje

Toch is het lastig grip te krijgen op dit werk over koning Leopold II. De inhoud wordt enigzins onderdrukt. Opvallend is de tweetaligheid op het podium, een mooie link naar de hedendaagse politiek.

Beeld Kurt van der Elst

Er is iets rot in het koninkrijk België. En het zou wel eens de koning zelf kunnen zijn. In Passions humaines, de nieuwste voorstelling van het Antwerpse Toneelhuis, zit koning Leopold II hoog boven het toneel op zijn troon. Hij verdeelt zijn tijd tussen zijn hautaine minnares Blanche en een plan om een paviljoen te bouwen rondom een beeldhouwwerk van kunstenaar Jef Lambeaux: Les passions humaines. Vanwege het naakt op de sculptuur is het Belgische volk radicaal verdeeld over het kunstwerk, dat sommigen blasfemisch vinden.

Van dat volk moet Leopold weinig hebben. Die Belgen zijn 'zo stijf, zo deftig' en 'zo preuts'. Liever had hij zich helemaal teruggetrokken in zijn privébezit Congo. Het is 1889. De koning is onderhand steenrijk geworden door de verkoop van rubber uit Congo. Met de mutilatie, uitbuiting en dood van miljoenen mensen tot gevolg.

Dit verhaal is een onderdeel van het panorama dat schrijver Erwin Mortier en regisseur Guy Cassiers met hun Passions humaines willen creëren. Net als het beeldhouwwerk zelf - een groot reliëf uit marmer met daarop allerlei lichamen die een staalkaart van emoties uitdrukken - is de voorstelling een verzameling taferelen die de Belgische volksaard moeten blootleggen. Van de koning gaan we naar beneden, via de elite die in de krantenkolommen een felle taal- en cultuurstrijd uitvecht, tot in de slaapkamers van de gewone man en vrouw, waar een dubbele moraal heerst.

Gebeitelde scènes

Zoals te verwachten met namen als Mortier en Cassiers, staat het vakmanschap hier niet ter discussie. We zien gebeitelde scènes, uitgevoerd binnen de strakke kaders van donkere, sfeervolle videoprojecties (typisch Cassiers). En een tekst van Mortier die prettig laveert tussen erudiete (kunst)historie en vuilgebekte cafépraat. Passions humaines is een esthetisch theaterhoogstandje dat volgende maand ook niet zal misstaan op het Holland Festival, dat de voorstelling programmeerde.

Toch is het lastig grip te krijgen op dit werk. De vorm waarin het gegoten is, staat als een koninklijk paleis en domineert als Leopold zelf. De inhoud wordt enigszins onderdrukt. Of het nu gaat om een herkenbare thematiek, een emotioneel aanknopingspunt of een radicale stellingname, er is weinig dat echt bijblijft.

De soms wat melodramatische scènes rond de koning wisselen af met een aantal Bourgondisch-vrolijke dinertjes en cafédiscussies van een groep journalisten en kunstkenners. Onder het genot van aperitiefjes becommentariëren ze de plannen van de koning. 'Kunst als schaamlap voor imperialisme!', roept de radicaal van het stel. Een zelfverklaard 'belgicist' (Marc Van Eeghem) houdt een pleidooi voor een verenigd België. Een 'flamingant' (Tom Dewispelaere) koerst tierend op een splitsing af: 'De ene helft van onze liefdevolle gemeenschap spot in nuffig Frans met de andere helft, die in plat Vlaams terugvloekt.'

Tweetalig

Opvallend in dat verband is de vlekkeloze tweetaligheid op het podium. Het Vlaamse Toneelhuis co-produceert Passions humaines met onder andere het Franstalige Théâtre National uit Brussel. Acteurs spreken ieder hun eigen taal. Er wordt vloeiend geschakeld tussen Frans en Vlaams, soms zelfs binnen dezelfde zin, waarmee een betekenisvolle link wordt gelegd naar de hedendaagse politieke realiteit.

Het melodrama komt helaas weer terug in een reeks andere scènes, over een geheime homoseksuele relatie tussen twee getrouwde mannen. Deze zijn tragisch bedoeld, om de hypocrisie van die tijd te tonen, maar hebben een verwaterend effect op de voorstelling.

Ten slotte verschijnt ook nog Lambeaux, de kunstenaar van het beeldhouwwerk, ten tonele. Zijn verschijning wordt gepresenteerd als een overwinning van de kunsten op het almaar toenemende rumoer van volk en politiek. De kunstenaar (Serge Larivière) houdt een monoloog over de sereniteit van zijn kunst. Hij zegt veel fraais. Dan is het klaar. Met één vraag die overblijft: En nu?

De sculptuur Les passions humaines staat achter gesloten deuren, en is nogal verwaarloosd.

Al bij de presentatie van het ontwerp van Les passions humaines (De menselijke driften) in 1889 zorgt de sculptuur van Jef Lambeaux (1852-1908) voor controverse tussen liberalen en katholieken. 'Pornografisch!', oordelen de laatsten. Koning Leopold II geeft architect Victor Horta de opdracht in het Brusselse Jubelpark een paviljoen rond het 12 meter lange kunstwerk te bouwen. Architect en kunstenaar krijgen ruzie. In 1910 is het Paviljoen van de Menselijke Passies eindelijk klaar. Maar de deur naar het kunstwerk blijft dicht. In 1967 schenkt koning Boudewijn juist dat deel van het park aan de Saoedische koning Faisal, als onderdeel van een grote wapendeal. Er zou een museum voor islamitische kunst in het paviljoen komen. Een rechter verbiedt net op tijd de sloop van het kunstwerk. Maar de deur blijft dicht. De achttien marmeren blokken beginnen te verzakken, nadat men er in 1977 een hogedrukreiniger op loslaat. Het dak lekt.

In 2013 laat de Belgische overheid het paviljoen restaureren, maar niet het kunstwerk. Vanaf deze zomer is het paviljoen een paar dagen in de week geopend. Ook zal men misschien beginnen met de restauratie van Les passions humaines.

Passions humaines
Van: Erwin Mortier. Door: Toneelhuis. Regie: Guy Cassiers. 14/5, Bourla Schouwburg, Antwerpen. Tournee t/m 16/10, 15 en 16/6 op Holland Festival.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden