InterviewLeonidas Kavakos

‘Overtuig overheden ervan dat concertzalen veiliger zijn dan de bus en de metro, dan houden we een land in leven’

De overheden in Europa zien kunst als luxe en de cultuursectoren zien kunst als werk, stelt violist en dirigent Leonidas Kavakos vast. We moeten ons weer bewust worden van de therapeutische werking van kunst, en met name van klassieke muziek.

Leonidas Kavakos is in Nederland om een streamingconcert van het Rotterdams Philharmonisch Orkest te  dirigeren. Beeld Marco Borggreve
Leonidas Kavakos is in Nederland om een streamingconcert van het Rotterdams Philharmonisch Orkest te dirigeren.Beeld Marco Borggreve

Leonidas Kavakos (53) is boos. Radeloos. De Griekse violist en dirigent zit in de dirigentenkamer van concertgebouw De Doelen, vlak nadat hij met het Rotterdams Philharmonisch Orkest een video-opname heeft gemaakt van Ligeti’s Concert Românesc. Wanneer de verslaggever suggereert dat er heel misschien ook iets positiefs is op te merken over de huidige situatie, namelijk dat je bij zo’n concert zonder publiek pas echt kunt horen hoe zacht een pianissimo kan zijn omdat geen krakende stoel, zucht of vallend programmaboekje je uit je concentratie brengt, klinkt van achter Kavakos’ lichtblauwe mondneusmasker een wanhoopskreet.

Natuurlijk: Kavakos is blij dat hij muziek kan maken met een goed orkest – de registratie is vanaf zaterdag op de site van het Rotterdams Philharmonisch te zien. ‘Maar zo’n stream komt niet in de buurt van de ervaring van een echt concert. Je hoort normaal gesproken in stille momenten dat het publiek er is, maar daardoor voel je ook de energie van een zaal. Die energie missen we.’

Wat hem het meest dwarszit? Dat in geen van de Europese landen de culturele sector er echt in is geslaagd om uit te leggen waarom de mens kunst nodig heeft. Met als gevolg dat bijna overal de zalen dicht zijn en, volgens Kavakos, de geestelijke gezondheid van mensen achteruitgaat. En dan niet alleen die van de artiesten.

Genezing

Sinds hij eind jaren tachtig doorbrak, is Kavakos er gewend aan geraakt dat hij in de mooiste en vaak uitverkochte zalen optreedt. Door de pandemie studeerde hij voor het eerst in dertig jaar muziek in zonder concert in het vooruitzicht. ‘De eerste anderhalve maand kreeg ik niets uit mijn handen. Het lukte me ook niet te ontspannen, dat kan niet als er zo veel mensen sterven. Ik probeerde wat te lezen, te koken, op andere manieren creatief te zijn. Elke dag werd er wel een concert geannuleerd. Viool studeren lukte niet met diezelfde intensiteit zonder concreet doel voor ogen.

‘In de zomer heb ik een paar concerten kunnen geven. Een daarvan was in het theater van Epidaurus (het best bewaarde Griekse theater uit de Oudheid, uit de 4de eeuw voor Christus, red.). Ik wilde eigenlijk naar zee, proberen tot rust te komen. En toen belden ze of ik in dat antieke openluchttheater wilde spelen. Er zou een festival zijn maar niemand kon komen: kun je ons helpen? Ik had vier maanden niet opgetreden.

‘Er passen 11 duizend mensen in dat theater. Nu konden er 3 duizend komen. De akoestiek is zo goed dat als je beneden met je voet beweegt, ze het op de bovenste rijen – op zestig, zeventig meter – horen. Het was waanzinnig. En toen realiseerde ik me dat voor mijn voorouders dit theater deel uitmaakte van een heiligdom. Het was opgedragen aan Asklepios, de god van de geneeskunst. Mensen gingen niet alleen naar het theater voor vermaak. Ze gingen erheen om te genezen.’

En dat is ancient history, treurt Kavakos. ‘Als je ziet hoe de overheden sinds de pandemie met de kunsten zijn omgegaan, kun je niet anders concluderen dan dat ze de kunsten als een luxe zijn gaan zien. Kunst? O, we zien later wel wat we daar mee doen. Dat is een vergissing.’

Waarom? ‘Er is geen stilte in ons dagelijks leven, zeker nu niet. Er komt zo veel op ons af waar we geen grip op hebben, er is een overvloed aan prikkels die ons uitputten. Daardoor hebben we een moment nodig om stil te zijn, om onze gedachten te kunnen ordenen en ons hoofd te voeden. Je hebt een reset nodig. Er is daarvoor geen betere plek dan de klassieke concertzaal. Luister naar een symfonie van Mozart: niemand vertelt je wat je moet denken, de muziek vertelt je niet waar je aan moet denken, niet wanneer je moet denken.

‘Een concert bezoeken wordt nu vaak gezien als lifestyle, het hoort bij iemands identiteit. Het moet allemaal fantastisch zijn, het beste dit, het beste dat. Ik beschouw concertbezoek als een therapeutisch proces. De laatste jaren is iedereen met ‘healing’ bezig, toch? Massa’s mensen doen aan yoga of tai chi. Waarom? Omdat de mens een rustmoment nodig heeft. Ik verbaas me erover dat iedereen dan naar die oosterse tradities kijkt. Daar heb ik niets op tegen, helemaal niet, maar wij hebben in Europa iets wat op een vergelijkbare manier werkt en het ligt voor onze neus! Onze kunst, onze klassieke muziek.’

Gefaald

Als het aan Kavakos ligt kijken de zaaldirecteuren, orkesten en instanties in de kunsten eens in de spiegel. Hij wil niemand beledigen, maar ze hebben in zijn ogen gefaald. ‘Big time. Ze hebben niet hard genoeg gestreden om de zalen open te houden. De pandemie begon in februari en in de herfst was er nog steeds geen plan. Straks vlieg ik weer met driehonderd mensen aan boord naar mijn woonplaats Zürich en daarna door naar Dallas. Terwijl we hier in De Doelen makkelijk 300 mensen kwijt kunnen, en veel veiliger ook. Dat maakt me furieus.’

Er is ook een strategische fout gemaakt, denkt hij. In plaats van het belang voor de samenleving te onderstrepen, hebben de kunstsectoren overal in Europa te veel ingezet op de precaire positie van artiesten. Alsof zij alleen door moesten kunnen gaan om geld te blijven verdienen en omdat ze anders hun vak zouden verleren.

‘Dat was een totaal verkeerde invalshoek. Het klopt: veel musici, vooral freelancers, staan aan de rand van de afgrond. Ik ken waanzinnige musici in Londen die nu eten bezorgen om te overleven. Dat is verschrikkelijk. Maar nu hoor ik orkesten overal zeggen: we moeten een livestream doen, dan maar zonder publiek, zodat we iets te doen hebben. Dan hebben we het dus alleen over onszelf. Het gáát niet om werk. Het gaat erom dat muziek een psychologisch effect teweegbrengt bij de mensen waardoor zij het leven de moeite waard vinden.

‘Ik begrijp volkomen dat we voorzichtig moeten zijn, dat ben ik ook. Maar momenteel kwijnen mensen weg. Hoeveel kampen nu met depressies en waartoe kan die druk en somberte weer leiden? We vervangen het ene probleem door het andere. Overtuig onze overheden ervan dat de concertzalen veiliger zijn dan de bus en de metro, dan houden we een land in leven.’

Toch is hij bereid zijn rol als kunstenaar te relativeren. ‘Natuurlijk vind ik het belangrijk wat we doen, maar er zijn beroepen waar mensen een grotere verantwoordelijkheid hebben. Stel, je werkt bij AstraZeneca en je krijgt miljoenen om een vaccin te maken, je maakt afspraken over de levering en dan zeg je opeens: sorry, vertraging, het gaat toch niet lukken? Dat betekent dat nog meer mensen sterven, financieel en mentaal kapotgaan. Als ik afspreek dat ik Beethovens Vioolconcert kom spelen en op de eerste repetitie blijk ik niet voorbereid, wat denk je dan van me? Die is incompetent, ongetalenteerd, een sukkel.’ Ernstig: ‘Wij hebben als artiesten een verantwoordelijkheid, maar als ik slecht speel, gaat niemand daaraan dood.’

Dichterbij

Het concert met Leonidas Kavakos maakt deel uit van de online concertreeks Dichterbij. Iedere zaterdag om 20.15 uur wordt er via de website rpho.nl/dichterbij een concert uitgezonden. Zo is voor 15 euro een concert terug te kijken met Daniel Barenboim, die onlangs soleerde in het Eerste pianoconcert van Chopin. Voor het concert met Kavakos kan je als kijker achteraf beslissen wat je wilt betalen.

Terug naar het concert, of net-niet-concert met het Rotterdams Philharmonisch. Kavakos – beroemd om zijn interpretatie van het Vioolconcert van Jean Sibelius, de solosonates van Eugène Ysaÿe, zijn ronkende g-snaar en zijn neiging naar introspectie – heeft nu zijn viool niet mee. Althans, die ligt in het hotel, want de microspiertjes in zijn linkerhand vergen onderhoud. Maar dirigeren én vioolspelen in één concert (play-conduct, zoals de impresario’s het verkopen) doet hij liever niet meer.

‘Ik wil me kunnen concentreren op één ding en het zijn heel verschillende dingen. Als je aan het dirigeren bent, ben je met de grotere spiergroepen bezig, het grove werk. Terwijl het als violist om de verfijning gaat. Ik wil niet als ik gedirigeerd heb en mijn handen stijf zijn, meteen na een concert of repetitie weer met mijn viool bezig hoeven zijn. Heel vaak krijg ik toch de vraag: je speelt zelf toch ook wel iets alsjeblieft? Ik zeg dan: ik kom deze keer dirigeren en een andere keer alleen vioolspelen. Het blijft een gevecht.’

Zijn reputatie als dirigent is nog niet zo groot als zijn reputatie als violist, al dirigeert hij ook al dik twintig jaar. ‘Ik hou vooral van dirigeren vanwege de interactie met alle musici, dat je met een heel orkest contact kunt maken en daar alles uit kunt halen. Als solist sta je altijd maar met je rug naar ze toe.’

Het Rotterdams Philharmonisch Orkest speelt Dvoráks Zevende symfonie en Ligeti’s Concert Românesc o.l.v. Leonidas Kavakos. Te zien vanaf 20/2, 20.15 uur op rpho.nl/dichterbij

Lees verder

Heb je 46 jaar in een symfonieorkest gespeeld, neem je afscheid zonder applaus. We spraken vier musici over hun pensioen in coronatijd.

Er moet een operahuis komen in Rotterdam, en wel hierom.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden