Overlegeconomie in oorlogstijd

Het is de verdienste van Kruizinga dat hij de ontwikkelingen rondom de NOT heeft weten te reconstrueren tot een overzichtelijk en boeiend verhaal

Tijdens de Eerste Wereldoorlog eisten de Engelsen dat Nederland zou meewerken hun blokkade van Duitsland te verplaatsen van de Noordzee naar onze oostgrens. Voor Berlijn was het onaanvaardbaar dat onze neutrale regering zou gehoorzamen aan de Britse eis om de doorvoer naar Duitsland te verbieden.

Volgens de overlevering presenteerde een groep invloedrijke bankiers en scheepvaartmagnaten een ingenieuze oplossing. Zij richtten een naamloze vennootschap op - de Nederlandsche Overzee Trustmaatschappij - die zou fungeren als een doorvoerluik voor overzeese import en tegelijkertijd zou garanderen dat afnemers de door de Engelsen als contrabande-goederen aangemerkte producten niet zouden doorverkopen aan de Centrale landen. De regering bleef zo - officieel althans - afzijdig, hield Berlijn te vriend en Londen ontving de geëiste garanties. In werkelijkheid was de oprichting van de NOT op 24 november 1914 niet louter een particulier initiatief en al evenmin een zuiver Nederlandse aangelegenheid. Een voorbereidende rol speelden de Britse diplomaat sir Francis Oppenheimer en de Nederlandse ministers Loudon en Treub.

De NOT verkreeg een uitzonderlijke machtspositie. Zij bepaalde de bewegingsvrijheid van de Nederlandse handelswereld en sloot verdragen met de Britse regering. Naarmate de oorlog voortduurde, stond de NOT echter in toenemende mate onder druk van de belligerenten en kwam zij ook in conflict met 'boerenminister' F. E. Posthuma. Bovendien uitten publiek, pers, parlementariërs en na-ijverige zakenlieden felle kritiek op de dictatoriale NOT.

Het is de verdienste van Kruizinga dat hij de spaghetti-achtige kluwen van ontwikkelingen rondom de NOT heeft weten te reconstrueren tot een overzichtelijk en boeiend verhaal.

Dankzij het politieke balanceren van de NOT hoefde Nederland geen definitieve economische keuze te maken tussen de Geallieerden of de Centralen. Onze economie kwam daardoor vrijwel onbeschadigd uit de oorlog. De hoogconjunctuur, hier tussen 1923-1929, is volgens Kruizinga zo zelfs voor een aanzienlijk deel te danken aan het eerdere, behoedzame manoeuvreren van de NOT. Het is een positief eindoordeel over de organisatie die in december 1919, inmiddels gemarginaliseerd en afgedaan als reliek van het oorlogsverleden, werd opgeheven.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden