Overdadig en indrukwekkend

Regie Luca Guadagnino.Met Tilda Swinton, Alba Rohrwacher, Flavio Parenti, Marisa Berenson.In 14 zalen...

‘Een Recchi verliest nooit.’ Het wordt er ingepeperd bij Edoardo en Gianluca, de kleinzonen van een textielmagnaat. Het familiebedrijf heeft de nodige rijkdom opgeleverd, en dat brengt verplichtingen met zich mee. Een Recchi doet in zijn jonge jaren aan atletiek, en behoort dan te winnen.

Wanneer Edoardo op een dag toch een wedstrijd verliest, wordt dat door zijn familie niet zwaar opgenomen.

Maar grote gevolgen heeft het voorval wel. De jonge kok die Edoardo die ochtend verslagen heeft, komt hem dezelfde avond een taart brengen. Het is het begin van een vriendschap die vooral het leven van Edoardo’s moeder Emma (Tilda Swinton) volledig zal veranderen.

Lange tijd lijkt Io sono l’amore een familiekroniek te worden: een tijdloos drama over het wel en wee van de Recchi’s, die behoren tot de beau monde van Milaan. Vanaf de fraaie, ouderwetse begintitels is duidelijk dat regisseur Luca Guadagnino zijn klassieken kent. De eerste scènes, waarin de bedienden van de Recchi’s een groot verjaardagsfeest voorbereiden, lijken afkomstig uit een film van Luchino Visconti, befaamd stilist en chroniqueur van de Italiaanse aristocratie.

Het is geen toeval dat de vader van Edoardo Tancredi heet, net als de door Alain Delon gespeelde adellijke neef uit Visconti’s Il gattopardo, die trouwde met een burgermeisje. Tancredi Recchi huwde Emma, die geen Italiaanse is, maar Russisch – een afkomst die ze voor de familie van haar man altijd heeft moeten verdoezelen.

Emma, zo wordt langzaam duidelijk, is de spil van de film. Van een statig familiedrama verandert Io sono l’amore in een gepassioneerd liefdesverhaal. Verleid door zijn kookkunst valt Emma voor Antonio, de vriend van haar zoon.

De liefde verbeeldt regisseur Guadagnino in impressionistische scènes, met een hyperactieve camera die verschillende zintuigen probeert te bespelen. Io sono l’amore is een film die niet alleen een lust voor het oog wil zijn, maar ook smaken en geuren moet oproepen.

Die barokke stijl is soms wat veel van het goede. Ook de beeldspraak van Guadagnino grenst aan kitsch, vooral wanneer tot twee keer toe een vrouw haar lange haar afknipt ten teken van seksuele en geestelijke bevrijding, of wanneer broeierige close-ups van bloemen en insecten de onbedwingbare lust van Emma en Antonio moeten verbeelden.

Toch roept de visuele rijkdom van de film vooral bewondering op. Guadagnino durft groots uit te pakken, en dat wordt regelmatig beloond. Het gewaagde camerawerk past goed bij de weelderige aankleding en de bezwerende muziek van de Amerikaanse componist John Adams, van wie delen uit de opera’s Nixon in China en The Death of Klinghoffer te horen zijn.

Io sono l’amore is een film als een zesgangendiner: overdadig, maar ook aangenaam en indrukwekkend. Dat het drama niet al te machtig wordt, is voor een groot deel te danken aan Tilda Swinton. De eigenzinnige actrice, die al twee keer eerder samenwerkte met Guadagnino, had als co-producent een grote invloed op het eindresultaat. Haar beheerste spel maakt Io sono l’amore tot een feest voor fijnproevers.

Pauline Kleijer

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden