profiel florian myjer

Over theaterfenomeen Florian Myjer: ‘Het is een elitaire snotneus, maar wel een heel leuke’

Florian Myjer. Beeld Eva Roefs

Performer Florian Myjer (27) maakt én acteert op uitzonderlijk niveau, en heeft een voorliefde voor de 19de-eeuwse adel. Nu stort hij zich op Tolstoj. Wie is hij en waarom is hij zo goed?  

Het repetitielokaal van Theater Frascati in Amsterdam is vergeven van papieren en papiertjes vol tekst. Op tafels, aan de wanden, van A4’tjes tot snippers met een aantekening. Op een kledingrek in de hoek liggen een paar bontmutsen. En daartussen zit acteur Florian Myjer (27), een serene figuur met fijne gelaatstrekken. Sweater met Bretons streepje, een sluike haarlok die keer op keer achter het rechteroor wordt gestreken. Voor zijn nieuwe voorstelling Oorlog en vrede heeft hij een snorretje laten staan. Inderdaad, naar het beroemde boek van Lev Tolstoj uit 1869 dat toch al snel 1.500 pagina’s telt. En nee, hij doet het niet alleen, kort erop zal collegatheatermaker Kim Karssen binnenkomen.

Oorlog en vrede gaat over vijf adellijke families in 19de-eeuws Rusland tegen de achtergrond van de Napoleontische oorlog. Het telt talloze personages, er zijn enorme veldslagen. Het speelt in paleizen en landhuizen vol pracht en praal. Hoe wil je zoiets met zijn tweeën op toneel brengen?

Die ambitie is typisch Florian Myjer, die in 2017 afstudeerde als ‘performer’ aan de Toneelacademie Maastricht. Staat bij een acteur gewoonlijk het acteren voorop, bij een performer is het creëren van een stuk minstens zo belangrijk. Een performer leert een idee – of een boek of het gedachtengoed van een denker of kunstenaar – tot een voorstelling uit te werken. Myjer kan dat heel goed. Daarnaast kan hij ook nog acteren én hij heeft een zeer eigenzinnige smaak. Met die kwaliteiten heeft hij zich razendsnel in de kijker gespeeld. Zo maakte hij al diverse voorstellingen bij Frascati Producties (waaronder ook Oorlog en vrede), speelt hij bij Toneelgroep Oostpool en treedt in seizoen 2020-2021 toe tot theatercollectief De Warme Winkel. Hoe doet hij dat, deze jongen die zo uit een ander tijdsgewricht lijkt te zijn gestapt?

In de eerste plaats valt hij op door die bijzondere smaak. Myjer houdt van de sfeer van het Engeland van weleer, van high teas met scones en komkommersandwiches, van bals, wufte adellijke dames en vooral heren, van buitenhuizen en koningshuizen. Tegelijkertijd weet hij maar al te goed dat achter die chique façade ook een minder mooie wereld schuilgaat, van machtsmisbruik en perversiteit. Myjer schrikt er niet voor terug om ook dat mee te nemen in een voorstelling.

Zijn afstudeervoorstelling Bloomsbury, ook met Kim Karssen (die een klas lager zat op de opleiding), gaat over die befaamde Engelse kring van kunstenaars en intellectuelen onder wie Virginia Woolf en John Maynard Keynes. Samen proberen ze in verfijnde sfeer te leven volgens het romantische ideaal van vrij denkende mensen die elkaar alles gunnen, zonder regels of jaloezie. Maar ook dat heeft een keerzijde.

‘Florian combineert in zijn werk emotie en intelligentie’, zegt Peter Missotten, die Myjer lesgaf in Maastricht. ‘En hij dompelt alles onder in die sfeer van decadentie en nostalgie. Uit zijn werk spreekt een grote liefde voor het verleden, deftige kleren, het Rusland van de tsaren, het Engeland van de gin –  eigenlijk een niet-bestaand universum. Hij maakt het verleden soms zo mooi dat het niet helemaal waar kán zijn.’

Myjer is voor hem altijd een soort enigma gebleven, zegt Misotten. ‘Op de academie moeten studenten elke week een nieuw stuk laten zien, en zo onthult iemand steeds meer van zichzelf. Maar ik vond Florian altijd moeilijk te doorgronden. Hij ontglipt je ook altijd. Da’s prettig en mooi, want voor dat mysterie gaan we naar het theater.’

Beeld Eva Roefs

Voor hij naar de Toneelacademie in Maastricht ging, behaalde Florian Myjer eerst zijn bachelor cultuurwetenschappen. Maar ook toen was hij al actief in het theater. Zo speelde hij mee in Piece, een dansstuk van choreograaf Nicole Beutler in 2011.

De video van die voorstelling toont een groep jongeren die zich een slag in de rondte danst, wild en energiek; keurig in schooluniform, maar verre van braaf in hun bewegingen. Onder hen is Florian Myjer, dan 19, met schouderlang haar, slank en soepel, alsof het hem allemaal geen enkele moeite kost.

‘Hij blonk uit door zijn grenzeloze inzet’, zegt Beutler. ‘En hij straalt lef uit. Dat heeft te maken met zijn androgyne uiterlijk, denk ik, daarmee heeft hij zich een zekere vrijheid bevochten. Je stopt hem niet zomaar in een hokje.’

Beutler herinnert zich een moment waarop hij diepe indruk op haar maakte. ‘We zaten in de trein na een voorstelling, en hij vertelde dat hij als puber een zwaar ongeval heeft gehad. Ik stel me zo voor dat hij daarna extra gefocust is geworden, open en ontvankelijk voor avontuur, als herboren.’

‘Toen ik 16 was, ben ik op weg naar school geschept door een bus’, zegt Myjer desgevraagd. ‘Een stadsbus op volle snelheid. Ik was op de fiets op weg naar een wiskundetoets en werd wakker in het ziekenhuis. Ik heb veel geluk gehad, ik had ‘gewoon’ een gebroken neus, een paar tanden eruit, een gebroken sleutelbeen en een zware hersenschudding. Tijdens het revalidatieproces voelde ik me even helemaal los van alles, en opeens was duidelijk wat ik wilde: theater. Maar in eerste instantie heb ik me ook een beetje teruggetrokken. Ik ben gelukkig op mijn kamertje, met mijn boeken, dacht ik. Dit is genoeg. Ascese. Uiteindelijk ben ik weer naar buiten gestapt.’

In 2018 maakt Myjer de voorstelling Oliver. Het is een solovoorstelling over de relatie tussen een vader en een zoon, de verwachtingen en teleurstellingen die daarbij horen en de behoefte van de jongere generatie om zich af te zetten tegen de oudere. Myjer speelt een gevestigd theatermaker (gevierd om zijn ensceneringen van werk van Thomas Mann), die het publiek toevertrouwt dat zijn zoon een klassieke opleiding krijgt op een kostschool in Engeland: vaderlief dweept met het strenge Engelse schoolsysteem en de bijbehorende etiquette.

Myjer speelt ook de zoon, Oliver, in een kostschooluniform compleet met sokophouders. Oliver is eenzaam. Hij wordt gepest en worstelt met zijn seksualiteit; een thema dat wordt gespiegeld in het levensverhaal van Thomas Mann en zijn zoon Klaus. Myjer schakelt virtuoos tussen beide rollen, en door de opbouw en de ‘extra laag’ over Thomas Mann wordt het toch geen egodocument.

Ward Weemhoff van De Warme Winkel deed de eindregie van Oliver. ‘Bij sommige makers kun je je afvragen waarom een persoonlijk verhaal interessant is voor een publiek’, zegt hij. ‘Maar Florian weet altijd die vertaalslag te maken van iets persoonlijks naar een kunstwerk.’

Oorlog en vrede vanaf 21/5 in Theater Frascati, Amsterdam.

Bloomsbury, vanaf 5/7 op Over het IJ Festival, Amsterdam.

Florian Myjer speelt ook in Small Town Boy van Toneelgroep Oostpool (regie Marcus Azzini) en Internationaal Theater Amsterdam; in het kader van Pride Amsterdam. Première 24/7.

Myjer onderscheidt zich als maker door zijn thema’s tegen de stroom in te kiezen, aldus Weemhoff. ‘Hij heeft iets prinselijks, met die adel-fetisj van ’m. Hij koketteert met ‘tuttige’ cultuur. Dat is eigenlijk not done in onze linkse progressieve theaterkringen. Maar Florian laat ook de uitwassen zien. Hij weet de perversie aan te boren, dat vinden wij als Warme Winkel aantrekkelijk.’

Op het Holland Festival vorig jaar speelde de Warme Winkel Gesualdo, over prins Carlo Gesualdo, die behalve een begenadigd componist ook een moordenaar was. Zijn leven vol vrouwen, drank en bloed werd beeldend op toneel gebracht en daarbij liet Myjer zich – als gastspeler – niet onbetuigd. Weemhoff: ‘In Gesualdo liet hij zich stevig martelen, zozeer dat je je voorzichtig afvraagt of hij er misschien niet ook een beetje van geniet. En dat alles met die onschuldige uitstraling, als een engel uit een Pasolini-film.’

Myjers’ mix van sterk spel en eigenzinnig materiaal kwam misschien wel het aangrijpendst over het voetlicht in Allemaal mensen, een project van regisseur Marcus Azzini bij Toneelgroep Oostpool. Azzini koppelde veertien podiumkunstenaars van alle kleuren, gezindten en seksuele voorkeuren aan elkaar tot zeven duo’s. Die twee schreven elkaar brieven en dachten gezamenlijk scènes uit, over het leven, het vak en de medemens. Het werd een gedenkwaardige happening, zinderend van levensdrift en met prachtige theatrale ontboezemingen. Myjer viel op door een ontroerende act over zijn ontmaagding, en vervolgens met een liefdesbrief aan de acteur aan wie hij was gekoppeld.

‘Ik hoef maar een kleine vingerwijzing te geven en de volgende dag komt hij met iets waanzinnigs’, zegt Azzini. ‘Hij maakt goed gebruik van zijn kwetsbaarheid om zijn publiek te bereiken, is helemaal niet bang om een gevoelige kant te laten zien.

Tegelijk is Myjer een technische maker en speler, aldus Azzini. ‘Dat is bedrieglijk aan Florian: hij weet je ervan te overtuigen dat hij iets intuïtiefs doet, maar het is doordacht. Hij kan een idee elke avond op toneel herhalen. Wonderlijk, hoe goed. Die liefdesverklaring aan zijn tegenspeler, iedere voorstelling: spot on. Hij weet welke knoppen hij moet indrukken om emotioneel, open en warm over te komen. Florian is een heel precieze speler. Als een klokje, een Zwitsers uurwerk: chic, verfijnd, van supergoede kwaliteit. Ja, ’t is een elitaire snotneus, maar wel een heel leuke.’

Florian Myjer over Oorlog en vrede

‘Natuurlijk gaan we niet het hele boek naspelen. Maar we wilden ons nu eens verhouden tot een echt verhaal. We staan al vaak als ‘onszelf’ op het toneel, en dit is nu eens echt fictie, we spelen allebei meerdere rollen. De kern van de roman is voor ons de vraag: hoe te leven? Alle personages in het boek vertegenwoordigen een andere manier van leven, een ander antwoord op die vraag.

De belangrijkste scène is een gesprek tussen twee vrienden, Pierre Bezoechov en Andrej Bolkonski. Andrej heeft zich teruggetrokken op het platteland, hij is gedesillusioneerd teruggekeerd uit de oorlog. Laat mij maar met rust, denkt hij. Pierre spoort hem aan om weer naar buiten te treden en verbindingen aan te gaan. Om te leven! Uiteindelijk krijgt Pierre gelijk: we moeten de wereld in, je terugtrekken is geen oplossing. Daar komen wij op uit. En hoewel we het niet woord voor woord spelen, hoop ik wel dat mensen na afloop zeggen: ‘Ik heb Oorlog en vrede gezien.’’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden