Over elke knoop is nagedacht

Kleren maken de man, we gaan meestal op het uiterlijk af. Met kleding wordt ook iets te kennen gegeven, een signaal afgegeven, het heeft soms een politieke betekenis....

Machthebbers, schrijft de Britse historicus Philip Mansel in Dressed toRule - Royal and Court Costume from Louis XIV to Elizabeth II, hanterenkledijvoorschriften als politiek instrument, zeker in Iran, Afghanistan enTurkije, of in het China van de Culturele Revolutie. Sommige landen willenhet hoofddoekje en de burqa verbieden en kiezen resoluut voor een westersesnit, andere landen vaardigen strenge wetten uit en verzetten zich tegende grilligheid van de westerse mode en tijdgeest.

'Het is niet gepast en onder achtenswaardige lieden ook nietgebruikelijk', zegt markies Gasparo Pallavicino in Het boek van de hovelingvan Baldassar Castiglione, 'dat men iemands aard beoordeelt naar zijnkleren in plaats van naar zijn woorden en daden.' Volgens Pallavicino, eenvan de jongsten die in dit boek deelnemen aan denkbeeldige gesprekken overgoede smaak en renaissancistische idealen, 'zouden er heel wat zijn diezich vergissen'. Het spreekwoord luidt niet voor niets 'dat men de monnikniet kent aan zijn kap'.

Nochtans geeft kleding heel wat te kennen over wat er in de drageromgaat, en zeker een hoveling - waar het hele boek van Castiglione overgaat - moet er heel veel zorg aan besteden. 'Hier zou ik mij weinig ombekommeren', oppert zijn neef Cesare Gonzaga, 'want als een edelman inandere opzichten achtenswaardig is, zal zijn kleding aan zijn reputatieniets afdoen.'

Federico Fregoso, die het initiatief nam tot de discussie over dehoveling, repliceert: 'Maar wie van ons zou een edelman die hij langs zagkomen in een rok met vier kleuren of met allerlei strikken en kwikken enschuine stroken niet voor een gek of een nar houden?' 'Iemand die eenpoosje in Lombardije heeft gewoond', antwoordt daarop de befaamdeVenetiaanse schrijver Pietro Bembo, 'zou hem niet voor een gek en ook nietvoor een nar houden, want daar lopen ze er allemaal zo bij.'

Kledij - 'the right dress' - en uiterlijk van een hoveling of eenpoliticus, zegt Mansel, heeft veel met politiek te maken. Klerenlegitimeren macht; ze definiëren de aura van machthebbers.

De spilzieke beau monde in het Versailles van Lodewijk de Veertiende,zegt Mansel, hield van exuberante en barokke kledij, grillig vormgegevenkapsels en bizarre pruiken. Het leven aan het hof was een groot en galantgezelschapsspel. Over elke knoop was nagedacht. Mansel speurt naar deveranderingen in de hofmode, beschrijft de weelderige pruiken, de opgeboldehalsdoeken en de staatsiekurassen van oorlogszuchtige keizers en koningen.Hij belicht, zoals Franse historici het zouden formuleren, de mentaliteit,de wisselende opvattingen over kledij en etiquette. Alles is aanverandering onderhevig, niet alleen kleding maar ook gebaren en manierenzoals handen schudden, buigen of het afnemen van een hoed.

Peter Burke heeft dat Versailles ooit eens met televisie vergeleken,'wat glitter en glamour en het tegelijk bekoren van oog en oor betreft'.Alles verliep er volgens een gedetailleerd draaiboek. Zijn geheledagindeling was een publieke vertoning: het aan- en uitkleden van demonarch, het opstaan en het naar bed gaan, het toilet, de manier waarop hijeen pruik koos, wanneer en hoe hij at. Het was een doorlopend toneelstukmet de koning als hoofdrolspeler en zijn hovelingen als figuranten, metveel luister en glans, en stipt volgens het raderwerk van een klok.

Mansel, die eerder een briljant boek over het oude en luisterrijkeConstantinopel schreef, kijkt gefascineerd naar de manier waarop vorstenen politici zich kleden en hun etiquette opleggen aan hun onderdanen. Peterde Grote liet de Russische grootgrondbezitters, de bojaren, hun kaftansinwisselen voor westerse kostuums en verbood lange baarden, van oudsher eenteken van heiligheid. Als ze tegenstribbelden, aarzelde hij niet zelf deschaar ter hand te nemen. Toen Lenin in 1917 met de trein het Rusland vande Revolutie binnenreed, verwisselde hij zijn Züricher hoed onmiddellijkvoor een proletarische pet. Hitler liet zich ooit in een Lederhosefotograferen, tijdens parades en partijcongressen droeg hij een uniform,en bij Hindenburg, die er als een echte Pruis met een punthelm bij liep,verscheen hij in een deftig zwart rokkostuum met hoge hoed. Napoleon,Mussolini, Franco, Salazar en Stalin waren in hun opzichtige legeruniformenpronkzuchtige dictators.

Mansel schrijft het allemaal sappig op, verhalen over de tulband en defez, over kaftans en de Franse frac, maar tegelijk is hij ook een heelconsciëntieuze historicus die in voetnoten grossiert.

Al even meticuleus onderzoekt de Nederlandse historicus HermanRoodenburg in The Eloquence of the Body - Perspectives on Gesture in theDutch Republic de invloed van populaire etiquetteboeken uit de 17de eeuw,van Castiglione tot Erasmus, op gebaren en manieren, toen Hollanders noghun eigen tradities van courtoisie cultiveerden. Aan de hand van degeschiedenis en de nagelaten geschriften van de familie Huygens - Constantijn, Christiaan en zijn vrouw Susanna Hoefnagel - ontrafelt hijhoe de elite in de Gouden Eeuw leerde hoe ze op een elegante manier moestgaan zitten, staan of lopen.

'Hollanders zijn traditioneel plomp genoemd, dat wil zeggen bot ofruw', citeert Roodenburg uit een geleerde studie over Brabantse blaaskakenen Hollandse botmuilen. De Huygens echter en veel van hun tijdgenotenleerden dansen, paardrijden en schermen, maar ook converseren, tekenen enschilderen.

Zowel Mansel als Roodenburg brengt het boek van Castiglione ter sprake,waarin een uitgelezen gezelschap vier lange avonden door middel van woordende ideale en volmaakte hoveling scheppen. Kleren van een hoveling mogen ingeen enkel opzicht overdreven zijn, adviseert Castiglione, 'zoals de Fransekleren te wijd en de Duitse te nauw zijn'. Zwart staat beter dan alleandere kleuren, maar 'heldere, vrolijke kleuren passen bij de wapenrusting'en bij feestkleding 'passen franjes, pracht en praal'.

Er zijn veel mannen die heel veel zorg besteden aan hun haardracht 'maarde rest vergeten'; anderen maken veel werk van hun tanden, weer anderen vanhun baard, of van hun laarzen, hun baret of hun muts, 'dan lijkt het alsofze die paar dingen die meer verzorgd zijn, geleend hebben en of al dieandere dingen die er smakeloos uitzien van henzelf zijn'.

Sommige vorsten namen de etiquette wel buitengewoon serieus, zoalskeizer Frans Jozef I. Hij hield vast aan de strenge Spaanse hofmanieren.Nog op zijn sterfbed berispte Frans Jozef de haastig opgeroepen hofartswegens diens kleding. Er zijn regels, er zijn voorschriften; het uiterlijkgetuigt van het innerlijk. Toen de schrijver James Joyce Het boek van dehoveling had gelezen, zei zijn broer 'dat hij beleefder was geworden maarminder oprecht'. Het uiterlijk is soms bedrog. Kleren maken de man niet;het is vaak allemaal nep.

Paul Depondt

Philip Mansel: Dressed to Rule - Royal and Court Costume from Louis XIVto Elizabeth IIYale University PressImport Roodveldt237 pagina's33,90ISBN 0 300 10697 1

Herman Roodenburg: The Eloquence of the Body - Perspectives on Gesture in the Dutch Republic

Waanders; 208 pagina's; euro 45,-

ISBN 90 400 9474 8

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden