Recensie Coureur

Over doping en ongezonde ambities gaat Coureur, het debuut van filmregisseur en oud-wielrenner Kenneth Mercken ★★★☆☆

Felix’ vader ziet liever een winnaar dan een gezonde zoon

Beeld Koen Mortier

Drama

Regie Kenneth Mercken

Met Niels Willaert, Koen de Graeve, Karlijn Sileghem.

96 min., in 23 zalen.

Kenneth Mercken was op weg een profwielrenner te worden. De Vlaming had zich onderscheiden bij de amateurs, werd in 2000 Belgisch kampioen bij de ‘elite zonder contract’ en sloot zich kort daarop aan bij een Italiaanse wielerploeg. Het talent was er, de wil om zich kapot te trainen ook, maar Mercken stuitte op fysieke grenzen: zijn lichaam reageerde niet op epo, het dopingmiddel dat de bloedwaarden moest laten stijgen. Zonder doping geen succes. Tenzij hij groeihormoon zou gaan gebruiken, met alle gezondheidsrisico’s van dien, zou hij nooit meekunnen met de top.

Mercken besloot het over een andere boeg te gooien en volgde een filmopleiding. Dat zijn eerste speelfilm over wielrennen gaat, is logisch. Hoewel Coureur niet volledig autobiografisch is, is dit een persoonlijk debuut, dat een blik van binnenuit biedt op de wielerwereld en daarnaast een wonderlijke, ongezonde vader-zoonrelatie schetst.

Felix Vereecke (gespeeld door wielrenner Niels Willaert) moet de dromen van zijn vader Mathieu (Koen de Graeve) waarmaken. Mathieu, nooit prof geworden, heerst in het achterafcircuit van wielerkoersen waar prijzen worden gevierd met liters bier. Hij schrikt niet terug voor een vechtpartij en al helemaal niet voor het arsenaal aan middelen dat wordt geslikt of ingespoten. Zoon Felix moet daar geen vragen over stellen en gewoon meedoen, vindt Mathieu.

Felix is volgzaam, ambitieus en wellicht masochistisch. Wanneer zijn nieuwe coach hem laat beulen op 100 gram pasta per dag (‘met alles wat je spuit, heb je geen voeding meer nodig’) legt hij daar eer in. Maar op zoek naar het respect van zijn vader daagt langzaam het besef dat Mathieu liever een winnaar ziet dan een gezonde zoon.

Het is een eenzame wereld, die van de jonge wielrenner. Camaraderie onder de teamgenoten is schaars; een mooie scène bij een meer laat de breekbare verstandhouding zien tussen concurrenten. Mercken toont het allemaal met de vaste hand van een ervaren filmmaker. Daarbij volgt hij een veilig pad: Coureur is in zijn vorm enigszins schematisch. De zwijgzame personages en eenvoudige vertelwijze maken de film wat statisch, maar tegenover dat gebrek aan spanning staat het doorvoelde, overtuigende verhaal.

Het is alsof Mercken eerst zijn geschiedenis moest verwerken om zich te kunnen ontdoen van de tunnelvisie die topsporters eigen is. Nu dat is gelukt, zijn we nieuwsgierig naar zijn volgende film.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.