Oud-president Philips kon volgens boek Metze niet op tegen machtswoord van nieuwe topman; Boonstra zelf speelde hoofdrol in Timmer-drama

Hij eruit, of ik eruit. De raad van commissarissen van Philips moest op 11 februari 1997 kiezen tussen Cor Boonstra en Jan Timmer....

Van onze verslaggever

AMSTERDAM

Wat Timmer niet wist, is dat zijn collega-commissarissen stiekem hadden ingestemd met een voorstel om de promotie een jaar uit te stellen. Dit op verzoek van Boonstra die zich ergerde aan de loopgravenoorlog die Timmer tegen hem voerde.

'Ik moet u ernstig afraden Jan tot president-commissaris te benoemen', vertelde hij de toezichthouders. Als de raad toch zou besluiten Timmer te benoemen, zou Boonstra zijn 'positie heroverwegen', liet hij weten. Tegen dit machtswoord van Boonstra kon Timmer niet op. Nog dezelfde dag stapte hij op als commissaris.

Dat Boonstra zelf de hoofdrol heeft gespeeld in het vertrek van de oud-bestuursvoorzitter staat te lezen in het nieuwe boek van onderzoeksjournalist Marcel Metze, Let's make things better. Voor het eerst staat nauwkeurig beschreven hoe het hofdrama bij een van 's lands grootste bedrijven heeft plaatsgevonden. Wat vooral opvalt is de klungelige wijze waarop Floris Maljers, nog altijd president-commissaris, om de hete brei draaide. Daardoor werd een pijnlijke confrontatie tussen de twee topmannen onvermijdelijk. Trouwens, Maljers, de oud-bestuursvoorzitter van Unilever, wilde zijn post eigenlijk niet vrijmaken voor Timmer.

Tot nu toe was alleen bekend dat Timmer Philips-medewerkers opstookte om verzet te bieden tegen de rigoureuze hervormingen van zijn opvolger Boonstra, en dat deze daar schoon genoeg van had.

Philips zelf heeft zich altijd in stilzwijgen gehuld over de affaire. Het elektronicaconcern wilde alleen kwijt dat Timmer 'om persoonlijke overwegingen' was afgetreden. Het concern wilde vorig jaar zelfs niet bevestigen dat Timmer de gedoodverfde opvolger van Maljers als president-commissaris was. Al in 1994, dus lang voordat de topman met pensioen ging en het erebaantje van commissaris kreeg toebedeeld, stond vast dat hij voorzitter van de toezichthoudende raad zou worden, en daarmee de baas van Boonstra die de dagelijkse leiding heeft over Philips.

Dat uitgestippelde plan kwam in gevaar toen Boonstra onmiddellijk na zijn aantreden als bestuursvoorzitter als een stormram door het bedrijf ging. Vrijwel alle troetelkinderen van Timmer werden wegens wanprestaties verkocht, gesloten of afgeslankt. Ook vergeleek hij het Philips dat Timmer had achtergelaten met 'een bord spaghetti'; een wanordelijk en slecht geleid bedrijf.

Dat kwam hard aan bij Timmer die bij zijn aantreden in 1990 net zo voortvarend was begonnen met reorganiseren, maar allengs milder van toon werd. Hij had geen haast meer in de laatste jaren van zijn leiderschap en Boonstra werd daar erg onrustig van. 'Ik had veel bewondering voor Timmer, maar nu bakt-ie er weinig meer van', liet hij zich eens ontvallen tegen een hoge medewerker.

Eenmaal zelf aan het roer bekritiseerde hij Timmer nooit direct, maar niettemin begreep de teruggetreden topman Boonstra's boodschap maar al te goed. Hij, 'Orkaan Gilbert', de man die Philips in 1990 van de ondergang had gered, had er in zijn laatste jaren een potje van gemaakt.

Timmer liet het er niet bij zitten. Tijdens besloten bijeenkomsten en etentjes steunde hij de achtergebleven Philips-medewerkers in hun verzet tegen Boonstra. De nieuwe topman, die via-via hoorde van het gekonkel, begreep maar al te goed dat Timmer een stokje kon steken voor Boonstra's ingrijpende schoonmaakoperatie als hij eenmaal president-commissaris was geworden. Enkele gesprekken tussen de twee mannen brachten geen soelaas.

Daarop vroeg Boonstra aan Maljers om Timmers benoeming een jaar uit te stellen, tot de kou uit de lucht was. Het leek Maljers en enkele andere commissarissen een redelijk voorstel, maar niemand durfde het Timmer te vertellen. Uiteindelijk kreeg Maljers de hoogbejaarde oud-president Henk van Riemsdijk zover om hierover met Timmer van gedachten te wisselen. Tevergeefs, Timmer wilde niet van uitstel weten.

Ten einde raad nodigden Maljers en Boonstra Timmer uit voor een bijeenkomst op de dag voorafgaande aan de bewuste commissarissenvergadering. Timmer spuwde zijn gal - hij had zich geërgerd en had bezwaren tegen Boonstra's snelle opereren - maar vond niet dat er sprake was van een groot probleem. Tot hun eigen verbazing durfde Maljers noch Boonstra het eigenlijke thema aan te snijden: namelijk het uitstel van Timmers promotie tot president-commissaris.

Zo kon het dus gebeuren dat de drie mannen, die bekend staan als de houwdegens van het Nederlandse bedrijfsleven, zonder wapengekletter uit elkaar gingen.

Des te groter was de frustratie van Timmer toen bleek dat de uitstel-gedachte uit de koker kwam van Maljers en Boonstra en dat deze dit de dag tevoren voor hem hadden verzwegen. Extra pijnlijk was dat de commissarissen het eigenlijk eens waren met voorstel. Talloze onderonsjes en lijmpogingen konden de dag niet meer redden. Die middag ging het bericht uit dat Timmer alle banden met het concern had verbroken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden