Opzeeshow

Toen zijn boek Op Zee vertaald werd in het Frans, én een Franse prijs kreeg, stroomden ineens de uitnodigingen voor Europese literaire festivals binnen. Toine Heijmans over een reis door een wereld die voor hem openging.

Illustratie.Beeld Paul Faassen

Het is in de grote concertzaal van de Franse stad Metz, en Paul Lynch stoot me aan. We zijn met acht schrijvers uit acht landen; op het podium staat een Poolse jongen, uitgerust als dandy, met wandelstok en al, zijn werk voor te dragen. We zitten op de eerste rij. Nog even en ook wij moeten op.

Paul fluistert: 'Ik houd dit niet meer vol, mate. Ik heb rode wijn nodig. En jij ook.'

Paul komt van een literair festival in ergens, en na Metz gaat hij naar een ander literair festival weer in ergens, 'en ik ben kapot, al dat gereis. Het is een circus. We moeten vanavond hard gaan drinken, dat moeten we doen.'

Dan stapt hij het podium op, leest vurig voor uit zijn debuut Red Sky in Morning, een machtig zwarte Ierse roman, en signeert vervolgens zwierig zijn exemplaren.

Op lezerstoer. Het was er ineens: de uitnodigingen kwamen achter elkaar. Het boek is vertaald, het won een prijs in Frankrijk en kreeg - zo doen ze dat daar - een rode band om zijn buik om dat te vieren.
Nettersheim - Aken - Luik - Heinsberg - Straatsburg - Metz - Parijs - Concarneau - Saint-Malo - Boedapest - Parijs.

Het land van boekenfestivals
Van prachtige boekwinkels naar bibliotheken naar collegezalen - soms zijn er tien lezers, soms driehonderd. Plekken die je nooit kende met mensen die je nooit kende, en van wie je na een lange avond afscheid neemt alsof het vrienden zijn.

Maar vooral: Frankrijk. Het land van de boekenfestivals.

Franse vertaling Toine Heijmans' boek Op Zee.Beeld Boekcover

Volkskrant-journalist Toine Heijmans is de auteur van de romans Op zee (Veen/ Atlas Contact, 2011) en Pristina (Atlas Contact, 2014). De Franse vertaling van Op zee (En mer) werd bekroond met de Prix Médicis étranger en de Prix Henri-Queffélec.

In Nederland kennen we dit niet, zeg ik tegen Leslie Louradour, de vrijwilliger die in Metz drie dagen lang geen millimeter van me wijkt, en de witte paviljoentent laat zien waar ik dien plaats te nemen achter een tafeltje tussen honderd andere tafeltjes. Dat verbaast haar. Fransen willen niet alleen boeken lezen, ze willen ook de schrijvers zien, zegt ze.
Later maak ik kennis met haar ouders en haar zus, die speciaal voor de Nederlandse schrijver komen, en met blosjes op de wangen om een opdracht vragen.

Elk dorp zijn schrijver
Zoveel literaire festivals zijn er in Frankrijk, dat er een paar jaar geleden werd geroepen om een keurmerk: de schrijvers en hun uitgevers hadden geen idee meer waar ze naartoe moesten. Elke stad met standing, elk wilskrachtig dorp haalt graag schrijvers binnen. Dat gaat volgens nationaal recept: in het centrum van de stad/het dorp komt een witte tent, waar de schrijvers achter tafeltjes zitten. De boeken voor zich uitgestald, een naambordje erbij en soms een foto. En daar schuift dan een weekend lang het publiek langs.

Ze bekijken het omslag, ze lezen de flaptekst, en vragen dan voorzichtig om een dédicace, een opdracht. Sommigen leggen het boek weer weg, kijken je even aan, en lopen naar de volgende schrijver. De meesten laten het boek links liggen en gaan dan gedecideerd op weg naar de striptekenaars, de echte literaire helden van de Franse festivals.

'Hoeveel heb je verkocht vandaag?', vraagt Alan Hollinghurst, als hij komt buurten in de witte tent in Saint-Malo. 'Twintig', zeg ik.

'Ik vier. Ik houd ze zo lang mogelijk aan de praat, dan lijkt het net alsof ik het druk heb.'

Schrijvers schrijven, en verder trekken ze met hun boeken de wereld over, stad na stad, hotel na hotel. Ze komen naar de festivals, ze vinden elkaar, drinken 's nachts in de cafés en verspreiden zich dan weer - vogels van boom naar boom. Het hoort bij het schrijven, maar het is er ook aan tegengesteld. Er is geen tijd voor andere dingen, zoals een uurtje liggen op je bed in het hotel, of slenteren over het natte zand bij eb in Concarneau - daar klagen de schrijvers soms over, maar niet te veel.

Uitvliegen
Als het festival in Metz is afgelopen, brengt een busje de schrijvers naar het vliegveld van Luxemburg en daar lopen ze dan, met hun rolkoffers. De Poolse dandy gaat naar India. De Zweedse sterauteur vliegt naar Berlijn. Paul Lynch naar Nantes. Ik naar Amsterdam. 'Zien we elkaar in Parijs? Great.'

Littérature et Journalisme, Livre et Mer, Étonnants Voyageurs: de Franse festivals hebben uiteenlopende namen, maar dezelfde structuur. In de hotelkamer ligt een map met mijn naam erop, bonnen voor diners en déjeuners en cocktails erin, een pasje met het woord invité en de dienstregeling: 10.00 uur table ronde, 12.00 uur signeren, 14.00 uur interview, 18.00 uur café littéraire, 21.00 uur verre d'amitié, 23.00 uur diner.

Alle podia in de stad zijn vrijgemaakt. Er zijn collectieve ondervragingen en discussieprogramma's, voorleessessies en interviews. Waar het over gaat, en hoe het gaat, en wie die andere schrijvers zijn, wordt meestal pas duidelijk als je eenmaal op dat podium zit, met een microfoon in je handen, en als 'grand analyste' van het Europese populisme wordt aangekondigd.

'Wat is volgens u, monsieur Heizjmanz, de oplossing voor het internationale migratievraagstuk?'

'Kunt u ons vertellen, monsieur Heizjmanz, wat de achterliggende bedoelingen zijn van Gèrt Wieldèrs?'

Elk festival heeft een ster, een schrijvende televisiepresentator of iemand anders, liefst uit het Parijse circuit. In Metz is het Olivier Poivre d'Arvor, die naast me aan het tafeltje vakkundig en royaal zijn opdrachten schrijft - de sterren blijven niet zitten achter hun tafeltje, maar gaan staan en nemen hun signeerhouding aan.

'Ik heb er een blessure door opgelopen in mijn pols', zegt Delphine de Vigan, de bestsellerauteur. Het is in Luik, voor een bijeenkomst met driehonderd middelbare scholieren, en zij heeft de langste rij. Signeren: altijd naar de naam vragen, anders staat er Lucy in plaats van Luci, en dat maakt het boek weer waardeloos. 'Ik ben opgehouden met de festivals', zegt Delphine, tussen Cheryl, Kheitlyn en Phoebe door. 'Het is leuk, maar het is ook verschrikkelijk hard werken.' Voor een debuterende Hollander doet dat er niet toe, elke uitnodiging is een eer, dat begrijpt ze ook wel.

Winnaar
Elk festival heeft ook een prijswinnend boek en het mijne wint in Concarneau, havenstad aan de Bretonse kust. In het multifunctionele Centre Des Arts, de oude sardienenconservenfabriek, staat het tafeltje alvast vooraan, het boek in stapels, met een nieuwe blauwe band om de buik. De prijs komt van de burgemeester en van Yann Queffélec, die na zijn speech vaderlijk mijn arm vastpakt. 'Hier ga je plezier aan beleven.'

De volgende ochtend in de tabac tikt de burgemeester me op de schouder, houdt de voorpagina van de Ouest France omhoog en zegt tot iedereen: 'Voilà mon laureat!'

Catherine Le Bonhomme en haar man Jean-Claude loodsen me door de dagen - vrijwilligers zijn de olie van de festivals. Jean-Claude koopt vier boeken, voor zijn familie. Ter ere van de schrijvers heffen de vrijwilligers 's avonds bij het showdiner Bretonse vissersliederen aan. Live op Radio France Bleu: 'Wat zijn uw grote voorbeelden uit de maritieme literatuur?'

Elk dorp zijn boekhandel
Frankrijk - daar doet de literatuur er nog toe, had de Amerikaanse schrijver David Vann verteld, toen hij in Amsterdam was om voor te lezen in de Nieuwe Boekhandel. Hij deed er een toernee van drie maanden. 'In Amerika kent niemand mij. Maar daar - elk dorp heeft een boekhandel. Naast de kerk, en vaak belangrijker dan de kerk. Frankrijk is fantastisch.'

Een paar weken later is het druk op het plein voor het stadhuis van burchtstad Saint-Malo. Ze gaan er glazen heffen en oesters eten voor het mooiste festival van het land: Étonnants Voyageurs. Er zijn tweehonderd schrijvers in de stad: Brazilianen, Chinezen, Canadezen, Australiërs, Fransen en een Nederlander. De meesten kwamen met een speciale train du livre uit Parijs, met hun uitgevers en communicatiemedewerkers. Ik ben alleen. Er is geen vrijwilliger om me door de stad te loodsen. Het is ochtend en de reis was lang. De chauffeur bracht me naar een schitterend vijfsterrenhotel, maar dat was voor mijn beroemde Franse collega die ook in de auto zat. 'Vous êtes plus loin, monsieur', zei de chauffeur, en bracht me naar de rand van de stad.

Mate
In de map met mijn naam erop de uitnodiging voor een cocktail déjeunatoire, en het uitdrukkelijke verzoek erbij te zijn. Op de trappen van het stadhuis wordt een grijze schrijver gefotografeerd. Het is erg warm. Er is niemand die ik herken, het is de vraag of het zinnig is om hier te zijn. Iets beweegt in de massa, een zwaaiende arm, en het geluid dat erbij hoort waait langzaam over het plein. 'Hey! Mate! We're over here!'

Paul Lynch, glas in de hand - zijn uitgever heeft een hele stal aan internationale schrijvers meegenomen en adopteert me ter plekke - introduceert me vervolgens consequent als 'verloren zoon'.

We eten oesters, drie dagen lang. We treden op. Joseph Boyden is de ster - hij heeft de langste rij voor zijn tafeltje en wint de prijs. Alan Hollinghurst vraagt 's avonds welk soort bier ik wil, we eten in een restaurant met Chris Womersley en Ron Rash en Colum McCann. Op het podium maakt de oude Braziliaanse meester Raimundo Carrero een ode aan alle vrouwen in de zaal. 'Is je boek in het Braziliaans vertaald?', vraagt hij. 'Dan zie ik je volgend jaar op het festival in Paraty.'

'Man, ik ben kapot', zegt Paul Lynch de laatste middag, tijdens de oesters. 'Maar hoe hard ik er ook over nadenk - er is weinig om ontevreden over te zijn.'

Buiten zijn ze begonnen met het afbreken van de witte tent.

Morgen gaat hij naar een festival in Italië.

Illustratie.Beeld Paul Faassen
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden